Vergrijzing: verschil tussen versies

3 bytes toegevoegd ,  6 jaar geleden
k
geen bewerkingssamenvatting
(cat)
k
[[Bestand:Picasion.com 67eed78f58b0f558969f54ed40415607.gif|thumb|Bevolking Nederland 1950-2010 verdeeld in leeftijd en geslacht (bron:CBS)<ref>[http://statline.cbs.nl/StatWeb/publication/?DM=SLNL&PA=7461BEV&D1=0&D2=1-2&D3=0-100&D4=0,10,20,30,40,50,60&VW=T Bevolking; geslacht, leeftijd en burgerlijke staat]</ref>]]
 
Verder bestaan ook binnen een enkel land grote verschillen, zoals de onderstaande bevolkingspiramides aangeven. Steden trekken vaak jongere mensen aan die er een studie willen volgen of werk zoeken. Hierdoor zijn universiteitssteden niet of nauwelijks vergrijsd met jongerenaandelen van 25% of meer. Jonge stellen met kinderen vestigen zich in gerenoveerde stadscentra, buitenwijken en slaapsteden waardoor deze ook minder vergrijsd zijn. Ouderen die bovendien niet meer hoeven te werken, prefereren daarentegen landelijke gemeentes met veel natuur en rust. Bovendien is er ook een grote groep ouderen die hun hele leven in deze streken hebben gewoond en achterblijven terwijl de jongeren naar de steden trekken. Hierdoor is de vergrijzing het sterkst in landelijke gebieden zoals DrenteDrenthe, Zuid-Limburg, het Gooi en de Veluwezoom. Buiten Nederland ziet men een soortgelijk beeld.
 
<div class=afbnaastelkaar>
{{Clearleft}}
 
==Sociaal-Economischeeconomische effecten==
===De demografische fuik===
De vergrijzing van de bevolking heeft grote gevolgen, met name op sociaal-economisch gebied. Veel westerse landen kennen een sociaal zekerheidstelsel dat wordt gefinancierd met behulp van een zogenaamd [[omslagstelsel]], waarbij in elk jaar de werkenden de uitkeringen van de inactieven betalen. Dat geldt in het bijzonder voor de eerste pijler pensioenregelingen (zie [[pensioen]]). In [[Nederland]] wordt onder meer de [[Algemene Ouderdomswet|AOW]] op deze wijze gefinancierd. Wanneer het aantal ouderen in een omslagstelsel toeneemt (en daarmee het aantal mensen dat een pensioenuitkering ontvangt), zullen de inkomsten uit belastingen moeten stijgen om de welvaartsvastheid van de pensioenuitkeringen te garanderen. Dit zal echter steeds moeilijker zijn wanneer de werkende generatie relatief of zelfs absoluut krimpt. De vergrijzing zal bovendien leiden tot een toename van vraag naar bepaalde voorzieningen voor ouderen, zoals bejaardenwoningen, zorg etc. Ook dit leidt tot additionele kosten voor de maatschappij. Tevens zal het lastiger worden de lege plaatsen van vertrekkende vakmensen op te vullen.
 
Dit verschijnsel zal door de grote kosten de economische groei remmen. Door het weglekken van financielefinanciële middelen om de vergrijzingskosten te betalen vermindert de ruimte voor consumptie en hiermee uiteindelijk ook de belastinginkomsten voor de overheid. Deze heeft hierdoor nog minder speelruimte om maatregelen te nemen waardoor de economie nog verder onder druk zal staan. Bovendien zal de zwaarder belaste generatie hierdoor nog minder geneigd zijn om aan kinderen te beginnen, aangezien kinderen duur en de economische vooruitzichten duurzaam somber zijn. Hierdoor zal een nog kleinere generatie worden voortgebracht waardoor de vergrijzing en bevolkingsdaling doorzetten. Dit spiraaleffect wordt aangeduid als de '''demografische val''' of '''demografische fuik'''.
 
===Onderzoek===
Veelal wordt door overheden (ten dele) omgeschakeld van een omslagpensioenstelsel (de pensioenen worden direct uit de premies van werkenden betaald) naar een kapitaaldekkingsstelsel (premies worden door de fondsen geïnvesteerd en iedere werkende bouwt als investeerder zo een pensioen op). Hoewel een kapitaaldekkingsstelsel ongevoelig is voor demografische ontwikkelingen, hebben schommelingen op de kapitaalmarkt in de periode 2000-2010 een zwak punt blootgelegd, namelijk de gevoeligheid voor fluctuaties in de economie.
 
Het korten op pensioenen, belasting- en premieverhogingen, of verlenging van de arbeidsduur gelden als impopulaire maatregelen, die in sommige landen leiden tot sociale onrust. Hier komt bij dat financielefinanciële versoberingsmaatregelen leiden tot een vermindering van belastinginkomsten bij de overheid, waardoor dit zelfs averechts kan werken. Landen met pensioentekorten en een omslagstelsel, zoals Frankrijk en Italië, zien zich gedwongen de tekorten uit de algemene begroting te financieren. Dit zet de begroting onder druk. Iedere van deze maatregels is ingrijpend, en het gevaar bestaat dat uit angst voor electorale impopulariteit helemaal geen maatregelen worden genomen.
 
Andere landen, met name de kleinere belastingparadijzen als [[Singapore]] en [[Luxemburg (land)|Luxemburg]], proberen met belastingfaciliteiten, subsidies (bijvoorbeeld een hoge [[kinderbijslag]]), en voorzieningen voor kinderen gezinnen met (jonge) kinderen aan te trekken en het krijgen van kinderen aan te moedigen, om zo het probleem enigszins op te kunnen vangen.
84.249

bewerkingen