Chersonesos (Krim): verschil tussen versies

112 bytes verwijderd ,  7 jaar geleden
→‎Geschiedenis: overbodige datumlinks
(→‎Geschiedenis: overbodige datumlinks)
[[Bestand:Chersonesos Bell.jpg|thumb|De klok van Chersonesos]]
 
Dit gebied wordt ook wel het Heraklische schiereiland genoemd naar de Griekse stad Herakleia Pontica (het huidige [[Eregli (Konya)|Ereğli]] in [[Turkije]]). Rond [[422 v.Chr.]] staken kolonisten uit deze stad de [[Zwarte Zee]] over en stichtten een nederzetting op een rotsige uitstulping in zee. De stad beheerste al snel de hele Krim. Het gebied stond bekend als het [[Bosporuskoninkrijk]] en was vooral belangrijk omdat de rijke grond van de Oekraïense laagvlakte Klein-Azië van graan voorzag.
 
In ca. [[110 v.Chr.]] werd de stad door [[Mithridates VI|Mithridates VI Eupator]] deel van zijn rijk Pontus gemaakt en vanaf zijn dood in [[63 v.Chr.]] kwam het gebied in toenemende mate onder invloed van het Romeinse Rijk. In [[47 v.Chr.]] versloeg [[Julius Caesar]] zijn zoon Pharnaces II van Bosporus bij Zela (in het noorden van Turkije) en hiermee werd zijn koninkrijk een vazalstaat van Rome. Het behield echter wel het recht zijn eigen gouden munten te slaan en dat was uitzonderlijk omdat [[Romeinse Rijk|Rome]] gewoonlijk het alleenrecht daarop opeiste. Van [[47 v.Chr.]] tot [[17 v.Chr.]] was Asander er koning en Augustus gaf in [[17 v.Chr.]] Agrippa de opdracht om een passende opvolger te vinden. Eerst kwam daardoor Polemo I van Pontus op de troon maar na zijn dood trouwde zijn vrouw met de Sarmatiër Aspurgus, die hem op het slagveld verslagen had.
 
[[Caligula]] gaf Bosporus weer aan zijn zoon bij een andere vrouw Polemo II van Pontus, maar [[Tiberius Claudius Drusus Nero Germanicus|Claudius]] gaf het in [[39]] weer aan een zoon van Aspurgus, [[Mithridates van Bosporus|Mithridates]] en in [[45]] aan zijn halfbroer Cotys. Er zijn van Cotys tot [[62]] nog munten bekend, in dat jaar werd het gebied ingelijfd door Nero. Vanaf [[140]] tot [[250]] was de stad een voorpost van het rijk en waren er legioenen gelegerd.
 
In de Byzantijnse tijd was het afwisselend onderdeel van het rijk of een min of meer zelfstandig optredende eenheid die zich op eigen houtje de [[Goten]] en de [[Hunnen]] van het lijf wist te houden. Soms gebruikten de keizers het als een ballingsoord voor ongewenste personen. In [[656]] stierf [[Paus Martinus I]] er van honger en uitputting. Keizer [[Constans II van Byzantium]] had deze oude zieke man uit [[Rome (stad)|Rome]] weggesleept, hem van verraad beticht en vervolgens naar Cherson verbannen. [[Justinianus II]] werd er in [[695]] ook heengestuurd, maar wist te ontsnappen en wraak te nemen, mede omdat Cherson in opstand kwam en hem hielp. [[Keizer Theophilus]] [[829]]-[[842]] organiseerde alle Byzantijnse bezittingen op de noordoever van de [[Zwarte Zee]], de ''klimata'', in een ''thema'', een militaire provincie onder bevel van een ''strategus''. Cherson was de hoofdstad.
 
De stad speelde een belangrijke rol bij het leggen van contacten met de Russen. In [[988]] werd prins [[Vladimir van Kiev]] er gedoopt. Hij had [[Basilius II van Byzantium]] de Bulgarendoder uit een wanhopige toestand gered. Hem was daarna beloofd dat hij met Anna Porphyrogeneta, een zuster van de keizer mocht trouwen, maar toen de barbaar eenmaal geen heiden meer was, kreeg de keizer spijt. Toen bezette Vladimir Cherson maar om zijn liefde voor Anna kracht bij te zetten ([[989]]). Zij werd alsnog de gelukkige bruid en hij werd later heilig verklaard. In Rusland wordt dit nog altijd als hèt beginpunt van het orthodoxe Rusland gezien.
 
In de [[13e eeuw]] had de stad te kampen met invallen van de Mongolen. In [[1347]] was de Krim een van eerste plaatsen van Europa die door de pest getroffen werd. Van hieruit verspreidde de ziekte zich naar Constantinopel, Sicilië en uiteindelijk vrijwel heel Europa. In [[1399]] werd Cherson na zo'n 1820 jaar Griekse beschaving door de [[Gouden Horde]] verwoest en daarna verlaten.
 
De ruïnes hebben er vrijwel ongestoord bijgelegen tot [[Catharina II van Rusland|Catharina de Grote]] haar militaire ingenieurs erop afstuurde. Nadien is er veel geplunderd en schade veroorzaakt, maar toch is het vandaag nog een belangrijke archeologische plek. Alexei Greig ([[1816]]-[[1833]]), een Schot die als admiraal in de Russische vloot diende, is de eigenlijke herontdekker van het oude Chersonesos. Hij wilde er een monument voor de heilige [[Vladimir van Kiev]] oprichten. Hij stuurde ene Karl Kruze erheen om de kerk te vinden waar de doop zou hebben plaatsgehad. Kruze vond de resten van drie kerken en een ervan is later in de [[19e eeuw]] de plek geworden waar de huidige Heilige Volodymyrkerk staat. In [[1852]] stichtte de Orthodoxe Kerk er een klein klooster met een museumpje voor kerkelijke overblijfselen. Er was in die tijd weinig bescherming van de vele overblijfselen van andere aard en [[Alexander III van Rusland]] merkte bij een bezoek op dat hij dacht dat 'alles al gestolen was'. Daarna werden er officiële opgravingen verricht onder toezicht van de Keizerlijke Archeologische Commissie en de grondslag voor een later museum gelegd ([[1892]]).
 
De [[Russische Revolutie (1917)|Revolutie]] bracht opnieuw problemen. Het klooster en de Sint Volodymyr werden de kerk afgenomen en als interneringskamp voor Witte gevangenen gebruikt, later als hospitaal en barak. Er werd veel schade gedaan, maar in de jaren 30 werden de opgravingen hervat. In de Tweede Wereldoorlog was het nabijgelegen Sevastopol het doelwit van bombardementen van de nazi's en de Sint Volodymyrkerk werd zwaar beschadigd door vuur van beide kanten. Na de oorlog heeft Inna Anatolievna Antonova als [[directrice]] van het museum ([[1955]]-[[1985]]) veel gedaan om de stadsmuren, mozaïeken en basilica's te restaureren. Na de onafhankelijkheid van [[1991]] is een deel van het bezit weer aan de kerk teruggegeven, maar daarmee is er ook een probleem ontstaan door het conflict tussen de [[Oekraïens-orthodoxe Kerk patriarchaat van Moskou]] en de [[Oekraïens-orthodoxe Kerk patriarchaat van Kiev]], die zich van de eerste heeft afgesplitst. Toch is in [[2001]] in het bijzijn van zowel president [[Leonid Koetsjma]] en president [[Vladimir Poetin]] de Sint Volodymyr weer heringewijd.
 
{{Commonscat|Chersonesos Taurica}}
68.732

bewerkingen