Vermiljoen: verschil tussen versies

12 bytes toegevoegd ,  7 jaar geleden
consistentie: eeuwaanduidingen (gekozen voor voluit) en kwik-mijnen/kwikmijnen
(consistentie: eeuwaanduidingen (gekozen voor voluit) en kwik-mijnen/kwikmijnen)
Bronnen van cinnaber zijn zeldzaam, en daarom was vermiljoen oorspronkelijk buitensporig kostbaar. In het Romeinse Rijk was de verkoop een keizerlijk recht. In de middeleeuwen was vermiljoen net zo duur als [[vergulden]]. Ook in 2006 is echte Chinese vermiljoenolieverf nog zeer kostbaar. Een tube van 225 ml kan £200 kosten (US $300).
 
Sinds de 8eachtste eeuw kan vermiljoen synthetisch worden aangemaakt. Tegenwoordig zijn verschillende manieren bekend om het kwiksulfide te synthetiseren. Het kan zowel in water- als in olieachtige schilderstechnieken gebruikt worden.
 
Het pigment werd ook gebruikt in drukinkt, om als contrast te dienen ten opzichte van de verder in zwart gedrukte tekst. [[Plantijn |Christoffel Plantijn]], vanaf midden zestiende eeuw drukker in Antwerpen, voerde vermiljoen in vanuit de kwik-mijnenkwikmijnen in Spanje, en besteedde daar een voor die tijd behoorlijke som geld aan. <ref>''The Golden Passes'', Leon Voet, 1972, Van Gendt, Amsterdam, vol 2: pag. 47-50</ref> Drukinkt was tot ver in de negentiende eeuw niet veel meer dan gekookte lijnolie-vernis, vermengd met pigment. Vermiljoen-inkt moest telkens vers gemaakt worden, aangezien het mineraal de droging van lijnolie-vernis aanzienlijk versnelt.
 
Nadeel is dat de [[lichtecht|lichtechtheid]] van vermiljoen zeer slecht is. Onder de invloed van licht kan vermiljoen overgaan in een zwart product, een stabielere, zwarte kwiksulfidemodificatie. Als er bovendien een overmaat aan chloride aanwezig is, verkleurt het zwarte product weer tot een wit. Dat heeft tot gevolg dat er op oude schilderijen een grijze waas, of stipjes zwart over het vermiljoen heen komt. Verder zijn er problemen bekend bij het combineren van vermiljoen met andere pigmenten. Wordt het [[zwavel]]houdende vermiljoen vermengd met [[loodwit]] dan vervalt het loodwit tot een grauwe kleur. Ook is het niet met [[ultramarijn]] te mengen.
[[File:Historische Farbstoffsammlung Zinnober.jpg|thumb|right|Een pot vermiljoen, Historische collectie van verfstoffen, [[Technische Universiteit Dresden]]]]
 
Tegenwoordig wordt het historisch belangrijke pigment zo goed als nooit meer gebruikt in de schilderkunst. Sinds de 19enegentiende eeuw is vermiljoen vervangen door een variant van [[Cadmiumselenide|cadmiumrood]], dat zeer lichtecht is en te vermengen met alle pigmenten.
 
Omdat vermiljoen niet in het maagzuur oplost, wordt het niet door het lichaam opgenomen. Er is dus geen gevaar voor vergiftiging door het rode pigment.
Anonieme gebruiker