Groeiring: verschil tussen versies

742 bytes toegevoegd ,  6 jaar geleden
+osteodermen van krokodilachtigen, +== Andere Jaarcycli ==
(+osteodermen van krokodilachtigen, +== Andere Jaarcycli ==)
[[AfbeeldingBestand:Jaarringen pijnboom 1957-2006.jpg|250px|thumb|Jaarringen van een in feb 2007 omgewaaide [[pijnboom]]]]
[[ImageBestand:Robinia crosssection.jpg|250px|thumb|Jaarringen van [[Robinia (soort)|Robiniarobinia]]]]
'''Groeiringen''' of '''jaarringen''' zijn patronen die herkenbaar zijn op de doorsnee van dwars gezaagd hout ([[kopshout]]).
 
[[Boom (plant)|Bomen]], vooral bomen die groeien in een gematigd klimaat, hebben een wisselende groeisnelheid van de buitenste laag van de stam. Rondom het binnenste, reeds afgestorven hout bevindt zich een levende laag, waarin het [[cambium]] zorgt voor de [[diktegroei]]. Onder gunstige omstandigheden groeit de boom snel en zijn de [[cel (biologie)|cellen]] groot en wijd; wordt het weer slechter dan worden ook de cellen kleiner en de laag dichter. In de winter vindt er vrijwel geen groei plaats, zeker bij loofbomen. Op doorsnee zijn deze verschillen zichtbaar als lijnpatronen die concentrische ringen vormen. Deze heten jaarringen. Hierdoor kan men aan een omgezaagde boom zien op welke leeftijd deze is geveld door het aantal ringen van de rand naar het centrum te tellen. Twee ringen staan voor 1één jaar.
 
In droge en natte jaren, of in koude en warme, zullen bomen verschillend dikke jaarringen afzetten. Hierdoor ontstaan patronen van dikke en dunne jaarringen die bij alle bomen in een bepaald gebied, (die aan dezelfde klimaatomstandigheden zijn blootgesteld) vergelijkbare patronen veroorzaken, te zien als lichte en donkere ringen op de foto's. Deze patronen worden gebruikt in de [[dendrochronologie]].
 
Ook de 11-jarigeelfjarige [[zonnecyclus]] (minima en maxima van zonneactiviteit) is terug te vinden in de jaarringen van bomen. Tijdens maxima zijn de ringen dikker.
Jaarringen worden ook in andere materialen aangetroffen die in verschillende seizoenen met verschillende snelheden groeien, bijvoorbeeld in de [[schub]]ben van vele soorten [[vissen (dieren)|vissen]].
 
Ook de 11-jarige [[zonnecyclus]] (minima en maxima van zonneactiviteit) is terug te vinden in de jaarringen van bomen. Tijdens maxima zijn de ringen dikker.
 
Rondom de groeiringen van een boom kan zich [[marginaal parenchym]] bevinden, een soort vulweefsel.
 
== Andere jaarcycli ==
Ook in andere materialen en afzettingen zijn jaarcycli te herkennen, al kan men vaak niet spreken van jaarringen of groeiringen. Zo is in de [[schub]]ben van vele soorten [[vissen (dieren)|vissen]] en de [[osteoderm]]en van [[krokodilachtigen]] [[seizoensvariatie]] te herkennen, maar ook in [[afzetting]]en van sneeuwlagen in [[gletsjer]]s en [[poolgebied]]en en op [[Groenland]]. In zulke lagen, maar ook in [[sediment]]gesteenten kan voldoende regelmaat zitten om van een jaarcyclus te kunnen spreken. Een gesteente met een jaarcyclus wordt een [[warve]] genoemd en evenals de sneeuwlagen worden dergelijke afzettingen gebruikt voor [[datering]] in de [[geochronologie]]. Voorbeelden van warven zijn:
* Een gelaagde bodem onder het kalme water van sommige meren.
* De afwisseling van fijne en grove lagen die ontstaat in de [[rivierbedding|beddingen van rivieren]] die in het voorjaar sneller stromen dan normaal.
 
==Zie ook==
*[[Bast]]
 
{{Commonscat|Growth rings}}
 
 
[[en:Dendrochronology#Growth rings]]
 
[[he:עץ#טבעות העץ]]
23.572

bewerkingen