Exercitiegenootschap: verschil tussen versies

5 bytes verwijderd ,  8 jaar geleden
link
(de Neude)
(link)
[[Bestand:Execercitiegenootschap-sneek.jpg|260px|thumb|Het [[Exercitiegenootschap van Sneek]] (1786), verzameld op de [[Marktstraat (Sneek)|Marktstraat]], door Hermanus van de Velde. [[Fries Scheepvaart Museum]], Sneek]]
 
Een incident met de Oostenrijkse [[keizer [[Jozef II]], landsheer van hetde Heilige[[Oostenrijkse Roomse Rijk|Jozef IINederlanden]], omtrent de [[Schelde (rivier)|Schelde]], bekend als de [[Keteloorlog]] - al tweehonderd jaar door de Hollanders en Zeeuwen afgesloten - werd in januari [[1785]] aangegrepen om opnieuw provinciale legers in het leven te roepen. [[Court Lambertus van Beyma]] nam het initiatief in Friesland. Dat leidde in het voorjaar tot een golf van nieuwe exercitiegenootschappen en vrijcorpsen. Provinciale Staten eiste inzicht in de reglementen.
 
De aanvankelijke steun sloeg in de zomer van 1785 echter om in een ontmoedigingsbeleid, toen steeds meer duidelijk werd dat de Republiek afstevende op een burgeroorlog. Begin augustus [[1786]] waren de exercitiegenootschappen verzameld in Utrecht om de slag bij Doggersbank te herdenken. Er liepen die dagen 20.000 man in de stad. Op die bijeenkomst werd een radicale beslissing genomen: zestien democratisch gekozen patriotten werden in de raad opgenomen. Dat was een unieke gebeurtenis in Europa. Enkele weken later liet [[H.W. Daendels]], kapitein van het plaatselijke exercitiegenootschap, zich inspireren tot actie in [[Hattem]], waarop in Friesland en Gelderland alle bijeenkomsten en onderlinge steun van exercitiegenootschappen werd verboden. De vrijheid van vergadering was beperkt. Uit heel het land kwam steun voor de exercitiegenootschappen in Hattem en Elburg. Vervolgens concentreerden de patriotten zich op de handhaving van hun positie in de stad Utrecht.
231.758

bewerkingen