De begrafenis: verschil tussen versies

Geen verandering in de grootte ,  7 jaar geleden
k
Nadat Baudelaire in maart 1866 in [[Brussel (stad)|Brussel]] een [[beroerte]] had gekregen en later naar Parijs vervoerd was, zochten Manet en [[Suzanne Manet|zijn vrouw]] hem vaak op in het ziekenhuis. Uiteindelijk zou de dichter, die door de beroerte verlamd raakte en aan [[afasie]] leed, op 31 augustus 1867 sterven. De begrafenis vond plaats op 2 september. Omdat velen nog vakantie vierden aan de kust op dat ogenblik, waren slechts honderd mensen aanwezig bij de kerkdienst, waaronder [[Paul Verlaine]], [[Gaspard-Félix Tournachon|Félix Nadar]], [[Henri Fantin-Latour]] en Manet. Op het ''[[Cimetière du Montparnasse]]'' waren daar nog zo'n 60 rouwenden van over. Zij begroeven Baudelaire onder een dreigende lucht, waarbij af en toe de donder te horen was.
 
Manet schilderde dit tafereel waarschijnlijk als eerbetoon aan zijn overleden vriend. Omdat het werk onvoltooid bleef, kunnen kunsthistorici niet met zekerheid vaststellen dat het om de begrafenis van Baudelaire gaat. Vast staat dat de achtergrond niet klopt met het werkelijke uitzicht op het ''Cimetière du Montparnasse''. Van links naar rechts zijn onder andere de [[Val-de-Grâce]], het [[Panthéon (Parijs)|Panthéon]], de [[Église Saint-Étienne-du-Mont|Saint-Étienne-du-Mont]] en het [[Lycée Henri-IV]] te zien.<ref Name="Folkwang">Museum Folkwang, Bilder einer Metropole: Die Impressionisten in Paris, Edition Folkwang / Steidl, p 304 </ref> Waarschijnlijk is dit een artistieke vrijheid die Manet zich gepermitteerd heeft. Het dreigende onweer zou wel kunnen verwijzen naar de gebeurtenissen op 2 september 1867, al laat de schilder, wellicht als teken van hoop, ook een klein stukje blauwe lucht zien. De lijkstoetrouwstoet is niet afgewerkt. De afzonderlijke personen zijn niet te herkennen, slechts een uniform van de keizerlijke garde achteraan doorbreekt het zwart.
 
== Eigenaren ==
6.201

bewerkingen