Quantitative structure-activity relationship: verschil tussen versies

k
Uiteindelijk bepaalt men een klein aantal descriptoren die het sterkst gecorreleerd zijn met de gewenste eigenschap en onderling niet te sterk gecorreleerd zijn (want dat geeft dubbele en dus overbodige informatie) en stelt men de QSAR op, die de gewenste eigenschap geeft als functie van die paar descriptoren.
 
Met die QSAR en de gewenste waarde van de eigenschap kan men dan de theoretische waarde van de descriptoren bepalen. Vervolgens kan men voor de hele collectie kandidaat-moleculen (dat kunnen er duizenden zijn) eende theoretischemeest waardeveelbelovende, voordie dehet gewenstedichtst eigenschapbij bepalen,de zodatoptimale menwaarde daaruitvoor de meestdescriptoren veelbelovendekomen, kanuitkiezen halen dieen aan een nader onderzoek kunnen worden onderworpenonderwerpen.
 
==Keuze van moleculen en descriptoren==