Beleg van Parijs (1870-1871): verschil tussen versies

34 bytes toegevoegd ,  10 jaar geleden
k
Linkfix ivm sjabloonnaamgeving, met AWB
k (Linkfix ivm sjabloonnaamgeving, met AWB)
{{Infobox Militairmilitair Conflictconflict
| image=[[AfbeeldingBestand:Ernest Meissonier 001.jpg|300px]]
| caption=''Het '''Beleg van Parijs''' '' door [[Jean-Louis-Ernest Meissonier]]. Olie op canvas.
| partof=de [[Frans-Duitse Oorlog]]
| conflict=Beleg van Parijs
| date=[[19 september]] [[1870]] – [[28 januari]] [[1871]]
| place=[[Parijs]], [[Frankrijk]]
| result=Beslissende Duitse overwinning
| combatant1=[[Pruisen]], [[Baden (land)|Baden]]<br />[[Beieren]], [[Württemberg]]<br />(later [[Duitse Keizerrijk]])
| combatant2=[[Frankrijk]]
| commander1=[[Wilhelm I van Duitsland]]<br />[[Helmuth Karl Bernhard von Moltke|Helmuth von Moltke]]
| commander2=[[Louis Jules Trochu]]<br />[[Joseph Vinoy]]
| strength1=240.000 soldaten
| strength2=200.000 soldaten<br />200.000 milities en zeelieden
| casualties1=12.000 dood of gewond
| casualties2=24.000 dood of gewond<br />146.000 gevangen<br /> 47.000 burger slachtoffers
|}}
De '''Belegering van Parijs''' duurde van [[19 september]] [[1870]] tot [[28 januari]] [[1871]]. Het uiteindelijke resultaat was de definitieve Franse nederlaag in de [[Frans-Pruisische Oorlog]] en de totstandkoming van het [[Duitse Keizerrijk]].
 
De Duitse legers konden Parijs snel bereiken en op 15 september gaf Moltke bevel de stad te omsingelen. Het leger van kroonprins Albert benaderde Parijs vanuit het noorden, terwijl kroonprins Frederik vanuit het zuiden optrok. Op 17 september viel een eenheid onder Vinoy het leger van Frederik bij [[Villeneuve-Saint-Georges]] aan, in een poging een bevoorradingsdepot aldaar te redden. Uiteindelijk moesten ze zich onder artillerievuur terugtrekken. De spoorlijn naar [[Orléans]] werd opgebroken en op de 18e werd [[Versailles]] ingenomen. Daar werd eerst het hoofdkwartier van het 3e leger en daarna dat van Wilhelm gevestigd. Op 19 september was de stad volledig omsingeld en begon het beleg.
 
[[Otto von Bismarck|Bismarck]], de eerste minister van Pruisen, stelde voor de stad te bombarderen en zo een snelle overwinning af te dwingen, waardoor Franse pogingen om de stad te ontzetten zinloos zouden worden. Het Duitse oppercommando, aangevoerd door de koning van Pruisen, sloeg dit voorstel echter af op aandringen van generaal [[Leonhard von Blumenthal]], die het bevel had over het beleg. Von Blumenthal voerde aan dat een beschieting de burgerbevolking in gevaar zou brengen, in strijd zou zijn met het oorlogsrecht en derden tegen de Duitsers in het harnas zou jagen. Daarnaast was hij van mening dat een snelle Franse overgave ervoor zou zorgen dat de nieuwe Franse legers onverslagen zouden blijven, zodat Frankrijk de oorlog weer snel voort zou kunnen zetten. De nieuwe Franse legers zouden eerst moeten worden vernietigd, en Parijs door uithongering tot overgave worden gedwongen.
{{Zijbalk Frans-Duitse Oorlog 1870-1871}}
 
Trochu had weinig vertrouwen in de kwaliteiten van de Nationale Gardisten, waar meer dan de helft van de verdedigers van de stad uit bestond. In plaats van te proberen de omsingeling van de stad te voorkomen, hoopte Trochu dus maar dat Moltke zou proberen de stad te bestormen, zodat de Fransen profijt zouden kunnen hebben van de verdedigingswerken van de stad. Moltke was echter nooit van plan geweest de stad aan te vallen, iets wat kort na het begin van de belegering duidelijk werd. Trochu veranderde van plan en stond Vinoy toe om de Pruisen ten westen van de [[Seine]] aan te vallen. Op 30 september viel Vinoy [[Slag bij Chevilly|Chevilly]] aan met 20.000 soldaten. Hij werd overtuigend teruggeslagen door het 3e leger. Op 13 oktober werd het 2e [[Koninkrijk Beieren|Beierse]] Korps verdreven uit [[Châtillon (Hauts-de-Seine)|Châtillon]], maar de Fransen waren door Pruisische artilleriebeschietingen gedwongen zich terug te trekken.
Een laatste uitbraakpoging werd ondernomen op 19 januari, gericht op [[Buzenval]] nabij het Pruisische hoofdkwartier ten westen van Parijs. De kroonprins wist de aanval echter met gemak af te slaan, met slechts 600 Pruisische verliezen tegenover 4000 Franse. ''Zie hoofdartikel: [[Slag bij Buzenval]]''. Trochu trad af als Gouverneur en liet 146.000 verdedigers aan generaal [[Joseph Vinoy]] na.
 
Tijdens de wintermaanden liep de spanning onder het Pruisische oppercommando op. Veldmaarschalk Von Moltke en generaal [[Leonhard von Blumenthal]], die het bevel voerde over de belegering, waren vooral bezig met een methodische belegering waarbij de afgelegen forten rond de stad zouden worden vernietigd en de verdedigende troepen langzaam zouden worden afgemat, zonder zware verliezen aan Duitse leden.
 
Met het voortschrijden van de tijd groeide echter de angst dat de Duitse economie te zwaar zou moeten lijden onder een lange oorlog, en dat een langdurige belegering de Franse regering ervan zou overtuigen dat Pruisen nog kon worden verslagen. Tevens zou een langdurige veldtocht de Fransen de tijd geven een nieuw leger op poten te zetten en tevens neutrale mogendheden ervan kunnen overtuigen de wapens tegen Pruisen op te nemen. Voor Bismarck was Parijs de beslissende factor om het verzet van de onbuigzame republikeinse leiders van Frankrijk te breken, de oorlog bijtijds te winnen en gunstige vredescondities voor Pruisen te bedingen. Moltke maakte zich ook zorgen dat de Duitse legers rond de stad onvoldoende konden worden bevoorraad, omdat er [[ziekte]]s zoals [[tuberculose]] uitbraken onder de belegerende soldaten. Bovendien moest de bevoorrading worden verdeeld tussen de troepen rond Parijs en de troepen die in het Loiregebied tegen de overgebleven Franse legers in het veld vochten.
 
Op [[25 januari]] 1871 overstemde Wilhelm I Moltke en bepaalde dat de veldmaarschalk vanaf dat moment alles met Bismarck zou moeten overleggen. Bismarck beval onmiddellijk dat de stad moest worden gebombardeerd met zwaar [[Kaliber (wapen)|kaliber]] kanonnen van [[Krupp (familie)|Krupp]]. De stad gaf zich over op [[28 januari]] 1871.
 
== Resultaten ==
 
De Pruisen hadden de overwinning weten te behalen in de [[Frans-Duitse Oorlog]]. Wilhelm I werd op [[18 januari]] 1871 in de spiegelzaal van het [[kasteel van Versailles]] tot Duitse keizer uitgeroepen. De zuidelijke vorstendommen [[Koninkrijk Beieren|Beieren]], [[Württemberg]], [[Baden (land)|Baden]] en [[Hessen-Darmstadt|Hessen]] verenigden zich met de staten van de [[Noord-Duitse Bond]] tot het [[Duitse keizerrijk]]. De voorwaardelijke vrede werd getekend in het kasteel van Versailles, gevolgd door de definitieve vrede bij het [[Verdrag van Frankfurt]] op [[10 mei]] 1871. Otto von Bismarck kon met dit verdrag het economisch sterke [[Elzas-Lotharingen]], dat sinds de [[Vrede van Westfalen]] in [[1648]] Frans was geweest, bij het Duitse keizerrijk voegen.
 
* Door de ernstige voedseltekorten waren de Parijzenaren gedwongen ieder dier dat ze te pakken kregen te slachten. [[Rattus|Ratten]], [[hond]]en, [[kat (dier)|katten]] en [[Paard (dier)|paarden]] stonden regelmatig op het menu van Parijse restaurants. Zelfs het enige paar [[olifanten]] in de dierentuin van Parijs ontsprong de dans niet.
 
{{bronBron|bronvermelding=
* ''The Fall of Paris: The Siege and the Commune 1870-71''; Alistair Horne ISBN 0-330-49036-2
* Chandler, David G. ''Atlas of Military Strategy'' ISBN 0-02-905750-7
* Howard, Michael ''The Franco Prussian War'' ISBN 0-415-26671-8}}
}}
 
[[Categorie:1870]]