Provinciehuis (Noord-Brabant): verschil tussen versies

Linkfix ivm sjabloonnaamgeving met AWB
(Linkfix ivm sjabloonnaamgeving met AWB)
[[AfbeeldingBestand:'s-Hertogenbosch - Provinciehuis Noord-Brabant.jpg|thumb|250px|Provinciehuis in 's-Hertogenbosch]]
Het '''[[provinciehuis]]''' van [[Noord-Brabant]] is officieel geopend op 12 november 1971 door [[Juliana der Nederlanden|Hare Majesteit Koningin Juliana]]. Het is een ontwerp van de Rotterdamse architect [[Huig Maaskant]]. Het provinciehuis staat aan de Brabantlaan naast de [[Rijksweg 2|A2]] in de wijk [[Zuid ('s-Hertogenbosch)|Zuid]] in [['s-Hertogenbosch (stad)|'s-Hertogenbosch]].
 
Met de opening kwam er een einde aan een lange en roerige bouwgeschiedenis. Al in de jaren vijftig was de noodzaak gebleken tot een gezamenlijke ruime behuizing van de verschillende provinciale diensten. Zij waren op dat moment op allerlei plaatsen in de stad ondergebracht. In 1952 werd de beslissing genomen een nieuw Provinciehuis te bouwen en er werd een besloten prijsvraag uitgeschreven. De Rotterdamse architect Maaskant was één van de architecten die een uitnodiging kreeg om deel te nemen. Maaskant is onder andere bekend van bouwwerken zoals de [[Euromast]] en [[Scheveningse pier|de Pier]] van [[Scheveningen]]. Zijn ontwerp werd uitgekozen, maar het zou nog jaren duren eer de bouw kon starten. Het provinciehuis zou oorspronkelijk in de [[Wolvenhoek]] komen te staan. Later werd gekozen voor de [[Westwal]]. Beide locaties vielen af, omdat het [[Stedelijk silhouet|stadssilhouet]] ernstig aangetast zou worden. In 1962 werd besloten een terrein aan de rand van de stad aan te wijzen in de wijk Zuid. De bouw van het Provinciehuis werd door Maaskant beschouwd als de kroon op zijn loopbaan. Het was tevens het laatste bouwwerk dat hij realiseerde.
 
Het gebouw is met zijn 103,50 meter<ref>[http://www.s-hertogenbosch.nl/content.cfm?contentid=F82D4A91-8021-0F65-0AA22BC2EBD57B4F Gemeente 's-Hertogenbosch - Provinciehuis]</ref> het hoogste [[kantoorgebouw]] van de [[gemeente 's-Hertogenbosch]]. Het gebouw is in [[1971]] opgeleverd. De bouw heeft in totaal achttien jaar geduurd.
 
== Architectuur ==
Maaskant wordt wel eens ''een ontwerper van het grote gebaar'' genoemd; hij bouwde veel, vooral grote monumentale bouwwerken. Als voorvechter van het '[[Nieuwe Bouwen]]' pleitte hij voor het gebruik van moderne bouwmaterialen als beton, glas en staal. Hij verzette zich tegen het traditionele bouwen in baksteen. Hij gebruikte ook voor het provinciehuis sobere materialen, zowel voor het exterieur (staal, beton, glas) als voor het interieur (natuursteen, wol, leer etc.)
Een ander functionalistisch uitgangspunt van Maaskant was dat een bouwwerk zo efficiënt mogelijk ingericht moest zijn voor het doel waarvoor het geschapen werd. De hoofdopzet van het provinciehuis is helder: een grote laagbouw met twee verdiepingen, waarin zich de publieksruimten bevinden. Midden in de hal van deze laagbouw 'zweeft' als het ware de [[Statenzaal]] met zijn vleugelvormige dak. Deze is bereikbaar via een trap. Daarnaast bevindt zich de hoogbouw in drieëntwintig verdiepingen met werkruimtes voor de ambtenaren.
 
 
== Interieur ==
Maaskant zag architectuur als 'moeder van de kunsten'. Binnen een bouwwerk konden kunstwerken opgenomen worden; zij dienden echter ondergeschikt aan het gebouw te blijven en moesten er als het ware in opgaan. Ook in het Provinciehuis streefde hij naar de realisering van dit idee.
Deze opvatting kent een geschiedenis, die teruggaat tot in de 19e eeuw. Het samengaan van de kunsten werd wel ''[[Gesammtkunstwerk]]'' genoemd. Een groot voorbeeld voor architecten en kunstenaars vormde de Gothische kathedraal, waarin de kunsten opgingen in één bouwwerk en toegankelijk waren voor de ''gemeenschap van gelovigen''. Het ging om kunstwerken, die duidelijk in nauwe relatie met een gebouw ontworpen werden. Men spreekt in het begin van onze eeuw wel over ''gemeenschapskunst''. Een voorbeeld hiervan zijn de wandschilderingen van de kunstenaar [[A.J. Derkinderen|Antoon Derkinderen]] in het stadhuis van 's-Hertogenbosch.
 
{{bron|bronvermelding=<references />}}
Maaskant zag architectuur als 'moeder van de kunsten'. Binnen een bouwwerk konden kunstwerken opgenomen worden; zij dienden echter ondergeschikt aan het gebouw te blijven en moesten er als het ware in opgaan. Ook in het Provinciehuis streefde hij naar de realisering van dit idee.
{{Navigatie provinciehuis inprovinciehuizen Nederland}}
Deze opvatting kent een geschiedenis, die teruggaat tot in de 19e eeuw. Het samengaan van de kunsten werd wel ''[[Gesammtkunstwerk]]'' genoemd. Een groot voorbeeld voor architecten en kunstenaars vormde de Gothische kathedraal, waarin de kunsten opgingen in één bouwwerk en toegankelijk waren voor de ''gemeenschap van gelovigen''. Het ging om kunstwerken, die duidelijk in nauwe relatie met een gebouw ontworpen werden. Men spreekt in het begin van onze eeuw wel over ''gemeenschapskunst''. Een voorbeeld hiervan zijn de wandschilderingen van de kunstenaar [[A.J. Derkinderen|Antoon Derkinderen]] in het stadhuis van 's-Hertogenbosch.
 
{{Navigatie provinciehuis in Nederland}}
{{coördinaten|51_40_40_N_5_19_47_E_type:landmark_zoom:15_region:NL|51° 41' NB, 5° 20' OL}}
 
{{bron|bronvermelding=
<references/>
}}
[[Categorie:Bouwwerk in 's-Hertogenbosch]]