Geluidsintensiteit: verschil tussen versies

8 bytes verwijderd ,  12 jaar geleden
Linkfix ivm sjabloonnaamgeving met AWB
k (robot Erbij: sv:Ljudintensitet)
(Linkfix ivm sjabloonnaamgeving met AWB)
De '''geluidsintensiteit''' ''J'' is een [[vector (wiskunde)|vectorgrootheid]] die de grootte en de richting van de oppervlaktedichtheid van het geluidsvermogen in een punt in de ruimte aangeeft.
 
:''N.B. Het woord geluidsintensiteit, of de intensiteit van het geluid, wordt vaak onjuist gebruikt. Dit is namelijk een vectorgrootheid die gemeten wordt in watt per vierkante meter, en die bovendien een richting heeft. Vaak wordt de [[geluidsdruk]] bedoeld.''
 
==Globale omschrijving==
Het vermogen, de hoeveelheid energie per seconde, die met het geluid zich door de lucht voortplant en die met het gehoor waarneembaar is, bepaalt hoe hard of zacht wij een geluid waarnemen. Een harder of intenser geluid zal op een oppervlakje loodrecht op de voortplantingsrichting een groter vermogen hebben dan een zachter geluid. Het vermogen van het geluid per oppervlakte-eenheid,de oppervlaktedichtheid van het vermogen, loodrecht op de voortplantingsrichting noemen we de '''geluidsintensiteit''', meestal gemeten in W/m<sup>2</sup>. De geluidsintensiteit is dus een [[vector (wiskunde)|vectoriële]] grootheid, met als richting de voortplantingsrichting van het geluid. Bij de gehoordrempel is de geluidsintensiteit ongeveer 10<sup>-12</sup> W/m<sup>2</sup>, bij de pijngrens ongeveer 100 W/m<sup>2</sup>.
 
De geluidsintensiteit neemt af met de afstand <math>r</math> tot de bron als <math>1/r^2</math>. Voor grote afstanden, vanaf rond de 700 meter, wordt de geluidsintensiteit extra gedempt door het effect van [[wrijving]] van luchtmoleculen.
 
==Intensiteit van een puntbron==
Voor een vrij opgestelde [[puntbron]] (een geluidsbron die uit één punt komt), is de richting van de geluidsintensiteitvector radiaal naar buiten en de grootte een functie van de afstand r tot de bron en van het door de bron uitgezonden vermogen ''P<sub>ak</sub>''. In alle punten op een afstand ''r'' van de bron is de grootte van de geluidsintensiteitvector gelijk aan het quotiënt van het totaal uitgezonden vermogen en de boloppervlakte ''A'' met straal ''r'':
 
:<math>J_r = \frac{P_{ak}}{A} = \frac{P_{ak}}{4 \pi r^2}</math>
 
Hierin is<br />
Z de akoestische [[impedantie]] in N·s/m³<br />
 
De amplitude van de geluidsintensiteit neemt af in het vrije veld met 1/r² van de afstand tot een puntbron.
 
==Nabijheidsveld van grotere geluidsbronnen==
De geluidsintensiteit wordt, zoals de eerste formule laat zien, bepaald uit de deeltjessnelheid en de geluidsdruk. Een intensiteitsmeter bestaat dus uit twee elementen, een apparaat om de deeltjessnelheid te meten (bijvoorbeeld via laserdoppler metingen) en een [[microfoon]]. Een alternatieve manier om de deeltjessnelheid te meten is de afgeleide te nemen van de geluidsdruk tegen de plaats. Dit principe vormt de basis van geluidsintensiteitsmeters met twee microfoons. De afstand tussen de microfoons is hierbij van groot belang voor de nauwkeurigheid van de metingen, maar vormt tevens een beperking voor het frequentiebereik van het meetinstrument.
 
Vaak wordt de geluidsintensiteit, net als de geluidsdruk, in een logaritmische maat uitgedrukt. Formeel zou men dit het ''geluidsintensiteitsniveau'' moeten noemen, maar meestal noemt men ook de logaritme van de intensiteit gewoon de geluidsintensiteit in [[decibel (eenheid)|decibel]].
 
{{Navigatie Akoestiekakoestiek}}
 
{{Navigatie Akoestiek}}
[[Categorie:Akoestiek]]