Paalworm: verschil tussen versies

31 bytes toegevoegd ,  12 jaar geleden
k
geen bewerkingssamenvatting
k (Cat fix)
k
Omdat de schelp slechts een klein deel van het langgerekte lichaam bedekt, lijken paalwormen oppervlakkig gezien op wormen. De jonge paalworm zet zich vast op een zich onder water bevindend stuk hout en gebruikt zijn schelp als instrument om daarin een gang te boren. Tot voor kort waren biologen van oordeel dat de paalworm het hout niet eet, maar alleen als schuilplaats gebruikt. Via de opening van het geboorde gat zuigt het dier zeewater naar binnen, waaruit hij voedseldeeltjes filtert. Volgens nieuwere inzichten leeft de paalworm in [[symbiose]] met bepaalde bacteriën die [[cellulose]] kunnen verteren, en zou een deel van het voeding langs deze weg worden verkregen. Naarmate de paalworm groeit (hij kan enkele tientallen centimeters lang worden), wordt de gang verder uitgeboord waardoor deze langer wordt. De wanden van de boorgang worden met een kalklaagje bedekt.
 
De paalworm kwam oorspronkelijk voor in Oost-Azië, maar werd in de 18e eeuw met houten schepen onopzettelijk meegebracht naar Europa. In Nederland werden omstreeks [[1730]] paalwormen aangetroffen en de toenmalige houten [[Dijk (waterkering)|dijkbeschoeiingen]] ernstig aangetast. Om overstromingsrampen te voorkomen, moest men de houten dijkbeschoeiingen door zware stenen gaan vervangen.
 
De paalworm vormde ook een ernstige bedreiging voor houten schepen. De schepen kregen een tweede huid van grenenhout, die na aangetast te zijn, afgenomen kon worden. Als extra bescherming werden tussen de eiken- en grenenhouten romp koeiehuiden gestopt.
9.206

bewerkingen