Verfransing van Brussel: verschil tussen versies

Geen verandering in de grootte ,  13 jaar geleden
k
Vooral bij de Marokkanen krijgt het Frans als omgangstaal binnen de eigen gemeenschap een steeds belangrijke plaats naast het Arabisch, dat gestaag aan belang inboet. De Turken houden veel meer vast aan hun eigen taal, maar ook in hun gemeenschap groeit het belang van het Frans. Het Nederlands krijgt in beide migrantengroepen amper voet aan de grond. Kinderen uit zowel de Turkse als de Marokkaanse gemeenschap volgen of volgden bijna allemaal Franstalig onderwijs, wat niet vreemd is aan het feit dat het Frans steeds vaker in het gezin of de vriendenkring wordt gesproken.<ref name="rudi2"/> Deze evolutie is ook merkbaar bij de migranten van Portugese, Spaanse, Italiaanse of Griekse afkomst, waar het Frans aanzienlijk gemakkelijker opgang maakt als omgangstaal. Bij deze Zuid-Europese migranten was het Frans evenwel al prominenter aanwezig als gezinstaal voor hun komst naar Brussel, versterkt door het feit dat velen van hen een aan het Frans verwante Romaanse taal als moedertaal spreken.<ref name="rudi2"/> De Noord-Europeanen, grotendeels pas aangekomen na de jaren '80, houden veel meer vast aan hun eigen taal als gezinstaal. Velen onder hen spreken thuis andere grote en sterke talen als Duits of Engels, die weerwerk kunnen bieden tegen het Frans. Als ze huwen met een Franstalige, wordt de gezinstaal wel vaak Frans. Voor deze gemeenschap is een blijvende weerslag van hun aanwezigheid op de balans Frans-Nederlands dus niet gemakkelijk te bepalen.<ref name="rudi2"/>
 
Het multiculturele en multi-etnische karakter van Brussel heeft het taalperspectief dus verruimd overheen de Nederlands-Franse tegenstelling. Het Nederlands is bijvoorbeeld onder de allochtonen echter duidelijk veel minder vertegenwoordigd dan het Frans: van de 74 Vlaamse verkozenen waren er bijvoorbeeld slechts twee allochtonen, wat relatief gezien negen keer minder is dan bij de Franstaligen.<ref name="BuG"/> Van de inwoners van het Brussels Hoofdstedelijk Gewest met buitenlandse nationaliteit zei in het jaar 2000 2,9% thuis uitsluitend Nederlands te spreken, tegenover 9,2% uitsluitend Frans. Daarnaast sprak nog eens 15,9% naast een buitenlandse taal ook nog Frans in gezinsverband.<ref name="rudi"/>
 
====Internationalisering en opkomst van het Engels====
52

bewerkingen