Hoofdmenu openen

De schepen van De Meern zijn een aantal archeologische vondsten van houten vaartuigen in en bij de huidige woonplaats De Meern, gemeente Utrecht.

Schepen van De Meern
Plaats De Meern
Datering circa 85-200 na Chr
Vondstjaar 1997
Collectie museum Castellum Hoge Woerd
Portaal  Portaalicoon   Archeologie

De Meern is voor archeologen tezamen met Zwammerdam en Woerden een van de belangrijkste plaatsen in Noordwest-Europa voor vondsten van schepen uit de Romeinse tijd, onder andere omdat de rivier de Rijn en haar zijarmen er destijds doorheen stroomden. De Romeinen bouwden meerdere grensforten aan de Rijn, zoals bij Wijk bij Duurstede, in Utrecht, in De Meern en in Woerden. De draslanden (wetlands) kunnen daarbij voor een gunstige natuurlijke conservering zorgen van vergankelijke materialen als hout.

De teruggevonden vaartuigen hebben een nummering gekregen, voorafgegaan door de naam van de vindplaats, het dorp De Meern.

Inhoud

De Meern 1Bewerken

 
Model van De Meern 1.

Het schip met de aanduiding De Meern 1 betreft een grote rivierpraam. Het is in 1997 gevonden in de buurt Veldhuizen en in 2003 gelicht omdat het anders dreigde weg te rotten. De romp van het schip bleek uit een drietal grote eikenbomen uit huidig Nederland gebouwd.[1] Deze bomen zijn dendrochronologisch gedateerd op 148 na Chr. ± 6 jaar. De afmetingen van het schip zijn 25 meter lang en 2,7 meter breed. De houtdelen waren gespijkerd. De De Meern 1 bevatte een scheepsinterieur, zoals het bed van de schipper en een kast. Daarbij werden een aanzienlijk aantal andere vondsten gedaan, zoals gereedschappen waaronder een blokschaaf, persoonlijke eigendommen, kookgerei en enkele dakpannen. Het schip is, gebaseerd op de dateringen van de in het schip teruggevonden schoeisels, in gebruik geweest tot circa 200 na Chr. Uit deze dateringen bleek voor het eerst dat Romeinse schepen een langere levensduur hadden dan men daarvoor aannam. Mogelijk is de De Meern 1 gebruikt door ingenieurs en bouwlieden van het Romeinse leger.

 
Het nagebouwde schip de Meern 1 in de haven van Woerden

Het schip met bijbehorende vondsten is opgegraven en vervolgens geconserveerd met polyethyleenglycol in Lelystad. In 2015 is het geconserveerde schip overgebracht naar het museum binnen de muren van het gereconstrueerde Romeinse fort in De Meern, het Castellum Hoge Woerd.

De Meern 2 en 3Bewerken

De De Meern 2 en De Meern 3 zijn fragmenten van twee boomstamkano's uit de 2de eeuw na Chr.[2]

De Meern 4Bewerken

De De Meern 4 werd in 2003 ontdekt en het bleek om een grote rivierpraam te gaan. In 2005 werd het schip onderzocht tezamen met leden van het Time Team. Het eikenhout van het 35 meter lange schip werd met jaarringonderzoek gedateerd op 85 ± 5 jaar na Chr. en het was afkomstig uit huidig Nederland. Het is het oudste teruggevonden Romeinse vrachtschip van Noordwest-Europa. De scheepsconstructie bestaat uit een tussenvorm van mediterrane en lokale scheepsbouwtradities. De houtdelen waren verbonden met deuvels en pen-en-gatverbindingen. Het schip is na het onderzoek in 2005 weer toegedekt om beter onderzoek in de toekomst mogelijk te houden.[1][3] In Madurodam is sinds 2009 een miniatuurversie ervan te vinden.[4]

De Meern 5Bewerken

De De Meern 5 is enkele decennia geleden aangetroffen, maar de exacte locatie is niet meer bekend.[2]

De Meern 6Bewerken

 
Reconstructie Romeinse punter de Meern 6 in haven van Woerden, met de naam Fiducia.

In maart 2008 werd de De Meern 6 gevonden en het betrof een bijzondere vondst van een punterachtig scheepje met een lengte van waarschijnlijk 9 meter. Het dateert mogelijk uit de 3e eeuw en vertoont typische Romeinse kenmerken van scheepsbouw.[2]

OverigeBewerken

Vroegmiddeleeuwse vondsten werden in augustus 2010 gedaan in het Máximapark te Vleuten. De plaats van deze vondsten ligt ongeveer een kilometer van de rand van De Meern. Daar stroomde ooit een andere tak van de rivier de Rijn dan de Meernse tak. Door uitgraving is een deel hiervan weer zichtbaar gemaakt. Na overvloedige regenval kwamen in het uitgegraven deel twee schepen bloot te liggen. Het ene schip dateert uit circa 750 en is ongeveer 15 meter lang. Het andere, een bijzonder goed bewaard gebleven vrachtschip, stamt uit omstreeks 956 en is circa 20 meter lang.[5] Op beide schepen is hetzelfde breeuwsel – mos waarmee schepen waterdicht werden gemaakt – nog aanwezig tussen de planken. En op het hout zijn nog bewerkingssporen van scheepsbouwers zichtbaar. Dit maakt dat beide schepen nog goed intact zijn gebleven.

Zie ookBewerken