Hoofdmenu openen

Rodelen op de Olympische Winterspelen 2006

sportevenement op de Olympische Spelen

Rodelen is een van de sporten die beoefend werden tijdens de Olympische Winterspelen 2006 in Turijn. Het programma bestond uit de volgende onderdelen:

Datum Onderdeel
11 februari Mannen individueel run 1 en 2
12 februari Mannen individueel run 3 en 4
13 februari Vrouwen individueel run 1 en 2
14 februari Vrouwen individueel run 3 en 4
15 februari Dubbel run 1 en 2

Mannen individueelBewerken

Titelverdediger Armin Zöggeler   Italië

De levende legende Georg Hackl zou, wanneer hij in de prijzen zou vallen voor de zesde maal op rij een medaille weten te winnen op een achtereenvolgende Olympische Spelen. De vijf vorige keren leverden hem driemaal goud en tweemaal zilver op. De olympisch kampioen van vier jaar eerder, de Italiaan Armin Zöggeler was echter de grote favoriet voor het goud.

Zöggeler had de wereldbeker gewonnen en was de laatste jaren voor aanvang van de Spelen ook keer op keer de sterkste in de wedstrijden waaraan hij meedeed. Hij zette de beste tijd neer in de eerste run. De enige die nog enigszins in de buurt kon komen, was de Rus Albert Demtschenko, die in de tweede run het baanrecord verbrak. Enkele minuten later verbrak Zöggeler echter opnieuw het baanrecord en werd de achterstand van de Rus vergroot.

Als derde was de Let Mārtiņš Rubenis geklasseerd, nog voor Hackl en de andere Duitsers die vlak achter Hackl stonden. Ook de Amerikaan Tony Benshoof had nog een kans op eremetaal. In de derde run verbeterde Demtschenko opnieuw het baanrecord en dit keer kon Zöggeler niet antwoorden, met als gevolg dat Demtchenko ietwat inliep. Hackl had twee mindere afsluitende runs en zakte naar de zevende positie, waarmee zijn kans op een zesde plak verkeken was.

David Möller werd op de vijfde plaats de beste Duitser. Demtschenko verbeterde in de vierde en laatste run eens te meer het baanrecord en zette Zöggeler nog wel onder druk. De Italiaan gleed echter in de tweede tijd van de run, 0.014 langzamer dan Demtschenko en prolongeerde zijn olympische titel. Het zilver was voor Demtchenko en het brons ging naar Letland.

rang sporter(s) land run 1 run 2 run 3 run 4 totaal
  Armin Zöggeler   ITA 51.718 51.414 51.430 51.526 3.26.088
  Albert Demtschenko   RUS 51.747 51.543 51.396 51.512 + 0.110
  Mārtiņš Rubenis   LAT 51.913 51.497 51.561 51.474 + 0.357
4 Tony Benshoof   USA 51.907 51.458 51.674 51.559 + 0.510
5 David Möller   GER 52.085 51.533 51.655 51.438 + 0.623
6 Jan Eichhorn   GER 52.103 51.469 51.656 51.515 + 0.655
7 Georg Hackl   GER 51.856 51.583 51.806 51.674 + 0.831
8 Reinhold Rainer   ITA 51.926 51.696 51.647 51.733 + 0.914
9 Markus Kleinheinz   AUT 52.140 51.767 51.841 51.839 + 1499
10 Wilfried Huber   ITA 52.095 51.748 51.848 51.984 + 1587
11 Viktor Kneib   RUS 52.050 52.150 51.981 51.884 + 1977
12 Rainer Margreiter   AUT 52.200 51.880 52.234 51.800 + 2026
13 Daniel Pfister   AUT 52.317 52.103 52.058 51.882 + 2272
14 Jeff Christie   CAN 52.382 52.027 52.013 51.939 + 2273
15 Stefan Höhener   SUI 52.459 51.989 52.142 52.212 + 2696

Vrouwen individueelBewerken

Titelverdedigster Sylke Otto   Duitsland

Het gehele seizoen en de seizoenen daarvoor was het een en al Duitsland dat de overwinningen wegkaapte. De volgorde waarin dat gebeurde verschilde nog wel regelmatig, met als gevolg dat het ook in Turijn nog altijd een spannende aangelegenheid kon zijn.

In de eerste run ontstond er een kleine verrassing en wat paniek bij de Duitsers toen worldcup-leidster Silke Kraushaar in de fout ging en op de vijfde plek terechtkwam. De wedstrijd kreeg te maken met crashes en ongelukken van zowel kanshebsters op een medaille als deelneemsters die daar niet voor in aanmerking zouden komen.

De Italiaanse Anastasia Oberstolz-Antonova crashte in de eerste run en kon zodoende haar aspiraties vergeten. Ook de Oekraïense Natalia Yakushenko was kanshebster op een medaille, maar kon de tweede run niet starten nadat ze een blessure had overgehouden aan haar eerste. De hardste crash kwam op naam van de Amerikaanse Samantha Retrosi die zodanig hard van haar slee afgleed en in aanraking kwam met de baan dat ze buiten bewustzijn raakte en afgevoerd werd naar het ziekenhuis. Daar werd een hersenschudding en licht geheugenverlies geconstateerd. Ze kon zich zelf de crash niet kon herinneren.

Kraushaar stelde orde op zaken in de volgende runs. De achterstand op Sylke Otto kon ze niet meer goedmaken, maar ze passeerde wel haar andere landgenote Tatjana Hüfner die genoegen moest nemen met het brons tijdens haar olympische debuut. Otto prolongeerde haar titel en Kraushaar werd de eerste vrouw in het rodelen die op drie achtereenvolgende Spelen in de medailles viel. De overheersing van de Duitse dames betekende de eerste sweep op de Olympische Winterspelen 2006.

rang sporter(s) land run 1 run 2 run 3 run 4 totaal
  Sylke Otto   GER 47.041 46.820 46.902 47.216 3.07.979
  Silke Kraushaar   GER 47.269 46.860 46.991 46.995 + 0.136
  Tatjana Hüfner   GER 47.109 47.269 47.101 46.981 + 0.481
4 Courtney Zablocki   USA 47.253 47.129 47.234 47.236 + 0.873
5 Veronika Halder   AUT 47.426 47.137 47.246 47.278 + 1108
6 Liliya Ludan   UKR 47.439 47.378 47.150 47.308 + 1296
7 Anna Orlova   LAT 47.654 47.317 47.280 47.232 + 1504
8 Nina Reithmayer   AUT 47.485 47.532 47.333 47.233 + 1594
9 Martina Kocher   SUI 47.548 47.410 47.276 47.357 + 1612
10 Regan Lauscher   CAN 47.584 47.418 47.320 47.321 + 1664
11 Sarah Podorieszach   ITA 47.858 47.647 47.519 47.850 + 2895
12 Erin Hamlin   USA 48.660 47.816 47.534 47.280 + 3311
13 Madoka Harada   JPN 48.042 47.852 47.989 47.767 + 3671
14 Alexandra Rodionova   RUS 48.165 47.935 48.186 47.881 + 4188
15 Ewelina Staszulonek   POL 48.653 47.666 48.293 47.567 + 2696

DubbelBewerken

Titelverdedigers Patric Leitner / Alexander Resch   Duitsland

In het dubbelrodelen gingen na de eerste run de Oostenrijkse broers Linger aan de leiding voor hun landgenoten de broers Schiegl. Zij werden gevolgd door de Duitse combinatie Florschütz/Wustlich en de eveneens Duitse combinatie van de titelverdedigers Leitner/Resch. Het eerstvolgende koppel was de Italiaanse hoop Plankensteiner/Haselrieder.

Evenals de individuele rodelaars hadden ook de dubbelrodelaars te maken met een aantal flinke crashes. Onder hen waren de Amerikaanse medaillekandidaten Grimmette/Martin. Zij konden een medaille vergeten en kwamen ook niet meer over de finish. In tegenstelling tot de individuele rodelaars ging de wedstrijd bij de dubbelaars over twee in plaats van vier runs.

In omgekeerde volgorde van de eerste run gingen de rodelaars naar beneden voor de tweede run. De Italianen Oberstolz/Gruber waren in de eerste run niet verder gekomen dan de negende plaats. In de tweede run zetten ze echter een dermate scherpe tijd neer dat hun run de snelste van de tweede omloop bleek te zijn. Met deze tijd klommen ze op naar de vijfde plaats in het klassement.

Vervolgens was het de beurt aan hun landgenoten Plankensteiner/Haselrieder die op de vijfde plaats begonnen aan hun tweede run. Ook zij kwamen tot een scherpe tijd, waaraan de overige teams nog een flinke dobber zouden hebben. De eersten die er aan moesten geloven waren de titelverdedigers van Salt Lake City, de Duitsers Leitner/Resch. Hun tijd was ruim langzamer dan die van beide Italiaanse formaties, met als gevolg dat ze allebei aan de Duitsers voorbij gingen.

De volgende Duitsers, Florschütz/Wustlich maakten geen fout en konden hun positie verdedigen, waardoor zij de eersten waren die zeker waren van een medaille. De op de tweede plaats staande broers Schiegl zetten een zwakke tweede run neer met als gevolg dat ze uit de top van het klassement wegvielen en zelfs Plankensteiner/Haselrieder voor moesten laten gaan. In de laatste rodelrun van Turijn 2006 consolideerden de broers Linger hun leidende positie en wonnen ze de gouden medaille.

rang sporter(s) land run 1 run 2 totaal
  Andreas Linger / Wolfgang Linger   AUT 47.028 47.469 1.34.497
  André Florschütz / Torsten Wustlich   GER 47.141 47.666 + 0.310
  Gerhard Plankensteiner / Oswald Haselrieder   ITA 47.236 47.694 + 0.433
4 Tobias Schiegl / Markus Schiegl   AUT 47.108 47.843 + 0.454
5 Christian Oberstolz / Patrick Gruber   ITA 47.620 47.336 + 0.459
6 Patric Leitner / Alexander Resch   GER 47.198 47.762 + 0.463
7 Andris Sics / Juris Sics   LAT 47.353 47.761 + 0.617
8 Preston Griffal / Dan Joye   USA 47.722 47.688 + 0.913
9 Chris Moffat / Mike Moffat   CAN 47.715 47.826 + 1044
10 Grant Albrecht / Eric Pothier   CAN 47.478 48.083 + 1064
11 Mihail Kuzmitch / Jury Veselov   RUS 47.556 48.094 + 1153
12 Goro Hayashibe / Masaki Toshiro   JPN 48.067 47.793 + 1363
13 Lubomir Mick / Walter Marx   SVK 48.412 47.857 + 1772
14 Andriy Kis / Yuriy Hayduk   UKR 48.850 48.327 + 2680
15 Eugen Radu / Marian Lazarescu   ROU 49.526 48.357 + 3386

MedaillespiegelsBewerken