Hoofdmenu openen

Resolutie 2331 Veiligheidsraad Verenigde Naties

resolutie van de Veiligheidsraad van de Verenigde Naties

Resolutie 2331 van de Veiligheidsraad van de Verenigde Naties werd unaniem door de VN-Veiligheidsraad aangenomen op 20 december 2016. De Veiligheidsraad veroordeelde mensenhandel, waarmee terreurorganisaties geld verdienden, hun rangen versterkten en seks- en werkslaven verwierven. Met name Islamitische Staat probeerde op die manier ook religieuze en etnische minderheden zoals de Jezidi's te vernietigen.[1]

Vlag van Verenigde Naties
Resolutie 2331
Van de VN-Veiligheidsraad
Datum 20 december 2016
Nr. vergadering 7842
Code S/RES/2331
Stemming
voor
15
onth.
0
tegen
0
Onderwerp Maatregelen tegen mensenhandel
Beslissing Samenwerking tegen mensenhandel als financiering van terrorisme.
Samenstelling VN-Veiligheidsraad in 2016
Permanente leden
Vlag van China China · Vlag van Frankrijk Frankrijk · Vlag van Rusland Rusland · Vlag van Verenigd Koninkrijk Verenigd Koninkrijk · Vlag van Verenigde Staten Verenigde Staten
Niet-permanente leden
Vlag van Angola Angola · Vlag van Egypte Egypte · Vlag van Japan Japan · Vlag van Maleisië Maleisië · Vlag van Nieuw-Zeeland Nieuw-Zeeland · Vlag van Senegal Senegal · Vlag van Spanje Spanje · Vlag van Oekraïne Oekraïne · Vlag van Uruguay Uruguay · Vlag van Venezuela Venezuela
YJÊ-strijders in september 2015. De YJÊ is een begin 2015 opgerichte uit vrouwelijke Jizidi bestaande militie die de Jizidigemeenschap mee beschermen tegen IS.
YJÊ-strijders in september 2015. De YJÊ is een begin 2015 opgerichte uit vrouwelijke Jizidi bestaande militie die de Jizidigemeenschap mee beschermen tegen IS.

VerklaringenBewerken

Er werd die hele dag over de kwestie mensenhandel gedebatteerd. Het Verenigd Koninkrijk had voorgesteld er op globaal niveau iets aan te doen; onder meer door bewijzen te verzamelen van de misdaden die IS beging in Irak. Secretaris-generaal Ban Ki-moon noemde het een wereldwijd probleem en zei dat vrouwen, kinderen en vluchtelingen in conflictgebieden de meest kwetsbare personen waren. Hij vermeldde de Nigeriaanse terreurgroep Boko Haram, die vrouwen en meisjes tot seksslavinnen maakte, en Islamitische Staat, dat Jezidimeisjes gevangennam in Irak en in Syrië verkocht op slavenmarkten.

Zijn speciaal vertegenwoordiger voor seksueel geweld in conflictsituaties, Zainab Hawa Bangura, zei dat een aantal extremistische groeperingen seksueel geweld als tactiek gebruikten om de bevolking schrik aan te jagen. Haar kantoor had zes voorwaarden bepaald om dit vast te stellen:

  • Het gebeurt systematisch door extremisten en terreurgroepen;
  • Het wordt doelbewust gebruikt om terreur te verspreiden;
  • Er wordt terrorisme mee gefinancierd;
  • Er worden politieke, etnische of religieuze groepen mee geviseerd;
  • Het is een strategie om strijders te radicaliseren, rekruteren, aan boord te houden of belonen;
  • Het is onderdeel van een ideologie om het lichaam van vrouwen, seksualiteit en voortplanting te controleren;

Jezidivrouwenrechtenactiviste Ameena Saeed Hasan zei dat IS ruim 6000 Jazidivrouwen en -kinderen had ontvoerd en verkocht op slavenmarkten, en dat de maagdelijkheid van de meisjes de "poort naar het paradijs" was geworden (voor IS-strijders). Ze vond dat islamitische leiders erover zwegen en vroeg zich af waarom er geen militaire actie tegen werd ondernomen. Volgens goodwillambassadeur voor de waardigheid van overlevers van mensenhandel Nadia Murad Basee Taha werden meer dan 3000 Jezidi nog altijd gevangen gehouden, en ze vroeg waarom er geen onderzoek naar werd gevoerd en er geen rechtbank was om daders te vervolgen.[1]

InhoudBewerken

In 2000 waren landen in het VN-verdrag tegen transnationale georganiseerde misdaad voor het eerst een definitie van "mensenhandel" overeengekomen, en was een kader gecreëerd om er iets tegen te doen. De enkele landen die niet waren toegetreden tot dit verdrag werden gevraagd dit alsnog te doen en meteen maatregelen te nemen tegen mensenhandel.

Als aan mensenhandel werd gedaan in conflictgebieden, kon het conflict aanslepen en verergeren. Bij terreurgroepen als Islamitische Staat was seksueel geweld tegen religieuze en etnische minderheden, gekoppeld aan mensenhandel, deel van de tactiek, strategie en ideologie om aan geld, macht en leden te komen en gemeenschappen te vernietigen. Ook de groeperingen Boko Haram, Al-Shabaab en het Verzetsleger van de Heer verhandelden mensen voor seksuele slavernij en dwangarbeid.

Landen werden gevraagd expertise op te bouwen in het onderzoeken van de financiering van terrorisme door mensenhandel, en hiertoe samen te werken met elkaar en met de private sector. Ze werden ook aangemoedigd om blauwhelmen te leren omgaan met mensenhandel en seksueel geweld alvorens ze op VN-missie vertrokken.

De Veiligheidsraad overwoog gerichte sancties in te stellen tegen zij die betrokken waren bij mensenhandel en seksueel geweld in conflictgebieden. Hun slachtoffers moesten als slachtoffers van terrorisme worden beschouwd.