Stermotor

(Doorverwezen vanaf Radiaalmotor)

Een stermotor of radiaalmotor is een type motor waarbij de cilinders in een ster- of cirkelvorm rondom de krukas gesitueerd zijn.

Animatie werking Stermotor

De term "radiaalmotor" wordt meestal gebruikt voor motoren met minder (drie) cilinders, zoals de Redrup Radial en de motor van de ETA-motorfiets.

VliegtuigenBewerken

Met name voor vliegtuigen was deze cilinderopstelling gunstig vanwege de compacte bouw en de uitstekende koeling door de propeller en de vliegwind. Andere voordelen ten opzichte van een lijnmotor met achter elkaar opgestelde cilinders zijn eenvoud van constructie en een betere vermogen/massa-verhouding. De marineluchtvaartdiensten in de VS kozen voor de stermotor vanwege de hogere betrouwbaarheid bij vluchten boven water.

Een bijzonder type stermotor is de rotatiemotor, waarbij de hele motor draait rondom de stilstaande krukas. Nadeel van dit type motor is de grote bewegende massa, waardoor snelle toerentalwisselingen niet goed mogelijk zijn. Voor vliegtuigen is dit nadeel echter minder groot. In de pioniersfase van de luchtvaart, ongeveer van 1909 tot 1919, was de rotatiemotor dominant vanwege de betere koeling ten opzichte van de stationaire stermotor die vaak kampte met oververhitte cilinders. Toen dit koelprobleem bij de stermotor eenmaal was opgelost verdwenen de rotatiemotoren snel van het toneel.

Na de Tweede Wereldoorlog werd de stermotor in de kleine luchtvaart verdrongen door de compactere luchtgekoelde boxermotor. In grote passagiersvliegtuigen werden stermotoren tot in de jaren 1960 breed toegepast (DC-3, DC-7 en Lockheed Constellation). De stermotoren werden hierna snel verdrongen door straalmotoren welke sneller en hoger vliegen mogelijk maakten.

Motorfietsen en auto'sBewerken

Bij andere typen voertuigen werd de stermotor slechts sporadisch gebruikt. Zo zijn motorfietsen met een stermotor uitermate zeldzaam. Toch werd de stermotor voor het eerst toegepast door Félix Millet, die hem in het achterwiel van een fiets monteerde. Hij deed dit omdat de eerste motorfietsen met verbrandingsmotor aan het einde van de 19e eeuw vrijwel allemaal regelmatig moesten stoppen om het materiaal te laten afkoelen. De stermotor met draaiend motorblok, feitelijk dus een rotatiemotor, moest zelf voor voldoende koeling zorgen. Verdel bouwde een racemotor met een stationaire stermotor die in het frame lag. Megola en Redrup bouwden een stermotor van het rotatie-type in het voorwiel. Dit bleek geen succes doordat de verhoudingsgewijs grote massa van de motor, die meedraaide met het voorwiel, zorgde voor een sterke massatraagheid en gyroscopisch effect, waardoor sturen zeer lastig bleek te zijn.

In automobielen is de stermotor onder andere gebruikt in de Porsche Type 12 en de Monaco-Trossi.

De Shermantank was ook met een stermotor uitgerust.