Hoofdmenu openen

Pfizer Incorporated, gevestigd in New York, is een van de grootste farmaceutische bedrijven.

Pfizer
Pfizer
Hoofdkantoor van Pfizer
Hoofdkantoor van Pfizer
Beurs NYSE: PFE
Oprichting 1849
Oprichter(s) Charles Pfizer
Charles Erhardt
Sleutelfiguren Ian Read (voorzitter)
Albert Bourla (CEO)
Hoofdkantoor New York,
Vlag van Verenigde Staten Verenigde Staten
Werknemers 92.400 [1]
Producten farmaceutische producten
Omzet US$ 53,6 miljard (2018)[1]
Winst US$ 11,2 miljard (2018)[1]
Marktkapitalisatie US$ 217 miljard (7 jan. 2019)
Website www.pfizer.com
Portaal  Portaalicoon   Economie

ActiviteitenBewerken

Pfizer is wereldwijd actief en de producten worden in ongeveer 125 landen verkocht. Ongeveer de helft van de omzet wordt in de Verenigde Staten behaald. Japan en de Volksrepubliek China volgen allebei met een omzetaandeel van zo'n 8%.[1] Het bedrijf heeft ruim 90.000 medewerkers in dienst. In 2018 spendeerde het bedrijf US$ 8 miljard, ruim 15% van de omzet, aan onderzoek en ontwikkeling.

Vanaf begin 2019 bestaat het bedrijf uit drie onderdelen:

  • Pfizer Biopharmaceuticals Group, ontwikkelt en produceert voornamelijk geneesmiddelen.
  • Upjohn, legt zich vooral toe op de productie en verkoop van generieke medicijnen. In juli 2019 werd bekend dat dit onderdeel nauw gaat samenwerken met Mylan.
  • Consumer Healthcare, produceert en verkoopt geneesmiddelen die zonder recept verkrijgbaar zijn. Op 19 december 2018 is bekend geworden dat dit onderdeel gaat fuseren met een vergelijkbare divisie van GlaxoSmithKline (GSK).

Enkele bekende producten van Pfizer zijn:

GeschiedenisBewerken

Pfizer werd in 1849 opgericht door Charles Pfizer en zijn neef Charles F. Erhart. Beide heren zijn van Duitse afkomst. De onderneming, actief op het gebied van chemicaliën, kreeg de naam Charles Pfizer and Company. Tijdens de Eerste Wereldoorlog kwam de aanvoer van bepaalde grondstoffen voor de productie van medicijnen uit Italië stil te liggen. Pfizer slaagde erin dit gebrek op te lossen door eigen fermentatie onderzoek. Hiermee werd de basis gelegd voor de productie van penicilline die in grote hoeveelheden door Pfizer werd geproduceerd in de Tweede Wereldoorlog.

In 2009 nam Pfizer sectorgenoot Wyeth over voor 68 miljard dollar.[2] De combinatie behoorde tot de top van sector met een zeer breed productaanbod. Door de fusie was er veel ruimte om op kosten te besparen. De synergievoordelen werden, ten tijde van het bekendmaken van de overname, geraamd op US$ 4 miljard per jaar te bereiken drie jaar na het daadwerkelijk samengaan.[2] Pfizer zag veel patenten aflopen op zijn geneesmiddelen, waaronder op zijn best verkochte geneesmiddel Lipitor in 2011, en zocht naar een overnamekandidaat om dit aanstaande verlies te compenseren.[2] Wyeth had op het moment van de overname een jaaromzet van US$ 23 miljard.[2]

In november 2015 werd bekend dat Pfizer voor US$ 160 miljard branchegenoot Allergan wilde gaan overnemen.[3] Allergan is onder andere bekend van botox, een middel om rimpelvorming tegen te gaan. De nieuwe combinatie telt zo’n 110.000 medewerkers en de jaaromzet zal op zo’n US$ 60 miljard uitkomen.[4] Pfizer biedt 11,3 aandelen voor ieder aandeel Allergan.[3] De transactie wordt zo vorm gegeven dat Allergan Pfizer overneemt. Op deze wijze kan Pfizer zijn hoofdkwartier verplaatsen naar Ierland, waar Allergan officieel is gevestigd en waar de winstbelasting aanzienlijk lager is.[3] Het ontwijken van de hoge Amerikaanse winstbelasting was een belangrijk motief voor Pfizer voor deze overname.[3] Pfizer poogde in 2014 AstraZeneca over te nemen, om op die manier een fiscale verhuizing mogelijk te maken, maar dit mislukte.[3] Door een verandering in de Amerikaanse belastingwetgeving wordt het voor Amerikaanse bedrijven minder aantrekkelijk buitenlandse overnames te doen in een land met een lagere winstbelasting en vervolgens het hoofdkantoor te verplaatsen.[5] Een dag later, op 7 april 2016, zag Pfizer af van de overname van Allergan met als reden de strengere belastingregels.[5] Direct na het besluit bekend werd steeg de aandelenkoers van Pfizer met 2,2%, terwijl de koers van Allergan met 15% daalde.

In december 2018 kondigden Pfizer en GlaxoSmithKline (GSK) de activiteiten met betrekking tot de consumentengezondheidszorg te gaan bundelen.[6] Pfizer zal de activiteiten onderbrengen bij GSK waarmee de nieuwe combinatie in 2017 een omzet zou hebben behaald van ongeveer US$ 12,7 miljard, waarvan US$ 3,5 miljard afkomstig van Pfizer.[6] Van de nieuw te vormen joint venture krijgt Pfizer 32% van de aandelen. Verder mag Pfizer drie van de negen leden van het bestuur van de joint venture benoemen. Door de bundeling verwachten de twee bedrijven maximaal US$ 650 miljoen aan kostenvoordelen binnen te halen.[6] De aandeelhouders en toezichthouders moeten nog hun goedkeuring verlenen en volgens verwachting zal de fusie in de tweede helft van 2019 afgerond worden.[6] In juli 2019 ging de Europese Commissie akkoord, maar Pfizer moet het merk ThermaCare, bekend van onder meer warmtekompressen, afstoten aan een door Brussel goed te keuren partij.[7]

In juli 2019 maakten Pfizer bekend Mylan te gaan overnemen.[8] De activiteiten van Pfizers Upjohn, dat onder meer Viagra en Lipitor maakt, gaan samen met Mylan, net als Upjohn een producent van generieke medicijnen. Pfizer krijgt een meerderheidsbelang van 57% in de nieuwe combinatie die een jaaromzet zal behalen van zo'n US$ 19 à 20 miljard (17 tot 17,9 miljard euro).[8] De bedrijfsleiding komt in handen van twee bestuurders van Mylan en één van Upjohn. Voor de combinatie wordt een nieuw bedrijfsnaam bedacht. Mylan is sinds 2015 statutair in Nederland gevestigd om een ongewenst overnamebod van Teva te frustreren. Teva was toen bereid US$ 40 miljard voor Mylan te betalen, maar de beurswaarde van Mylan is gedaald naar US$ 9,5 miljard vlak voordat de samenwerking met Pfizer bekend werd.[8] Mylan lijdt onder lagere verkopen van generieke medicijnen in de Verenigde Staten.

Boetes off-label gebruikBewerken

  • In 2009 kreeg de firma een totale boete van US$ 2,3 miljard wegens off-label gebruik.[9]
  • In juli 2013 maakte Pfizer een boete bekend van US$ 491 miljoen wegens het promoten van niet-geregistreerd gebruik van hun niertransplantatiemedicijn sirolimus. Deze overtredingen werden gedaan door Wyeth Pharmaceuticals, welke Pfizer in 2009 had overgenomen.[10]