Hoofdmenu openen

De Spelen van de IXe Olympiade werden in 1928 gehouden te Amsterdam, Nederland. Amsterdam had eerder geprobeerd om de Olympische Spelen te mogen organiseren, maar moest in 1920 oorlogsslachtoffer België (Antwerpen) en in 1924 Parijs van IOC-voorzitter Pierre de Coubertin laten voorgaan. Voor de Spelen van 1928 werd Amsterdam verkozen boven Los Angeles. Dit waren de eerste Spelen die niet meer onder het voorzitterschap van De Coubertin verliepen. In 1925 had hij het voorzitterschap overgedragen aan de Belgische graaf Henri de Baillet-Latour.

Spelen van de IXe Olympiade
Olympische Zomerspelen 1928
Locatie Vlag van Nederland Amsterdam, Nederland
Deelnemende landen 46
Deelnemende atleten 2883 (2606 mannen, 277 vrouwen)
Evenementen 109 in 14 sporten
Openingsceremonie 28 juli 1928
Sluitingsceremonie 12 augustus 1928
Officiële opening door Prins Hendrik
Atleteneed Henri Dénis (voetbal)
Vorige Spelen 1924: Parijs (Frankrijk)
Volgende Spelen 1932: Los Angeles (Verenigde Staten)
Portaal  Portaalicoon   Olympische Spelen
Sport
In 1928 werd voor het eerst de olympische vlam ontstoken. De vlam werd aangestoken door een medewerker van het gasbedrijf.
Het Olympisch Stadion tijdens de openingsceremonie.
Opening van de negende Olympische Zomerspelen door prins Hendrik.
De Nederlandse voetballer Harry Dénis legde namens alle deelnemers de olympische eed af.
Programma van de Olympische Spelen van 1928.
Deelnemende landen. Blauw: debuterend land op de Zomerspelen. Groen: al eerder deelgenomen aan de Zomerspelen.

HoogtepuntenBewerken

  • Voor het eerst werd de olympische vlam aangestoken tijdens de Olympische Spelen. Dit gebeurde in het Olympisch Stadion, niet, zoals later gebruikelijk werd door een bekende sporter, maar door een medewerker van het gasbedrijf. De estafette met de olympische fakkel werd pas voor het eerst tijdens de Olympische zomerspelen van 1936 gelopen.
  • Voor het eerst werd de landenparade geleid door Griekenland, het land waar de bakermat van de Spelen ligt. De parade werd afgesloten door het gastland, een traditie die tot de dag van vandaag wordt volgehouden.
  • Koningin Wilhelmina weigerde de openingsceremonie bij te wonen en liet haar man, prins-gemaal Hendrik, de Spelen voor geopend verklaren. De reden voor de weigering van de koningin was, dat zij bij de bepaling van de dag voor de opening, 28 juli 1928, niet geraadpleegd was (een datum die al in januari 1927 was vastgesteld) en dat zij bovendien door een belangrijke reis naar Noorwegen niet aanwezig kon zijn. Dit laatste was ver van de waarheid, daar de koningin geen officiële bezoeken aflegde, maar slechts een informele reis door Noorwegen maakte. Wilhelmina woonde wel de sluitingsceremonie bij. Die vond plaats op een zondag, waar de Staatkundig Gereformeerde Partij teleurgesteld op reageerde.
  • Duitsland nam voor de eerste keer deel sinds het einde van de Eerste Wereldoorlog. Het stuurde een ploeg van 223 deelnemers en oogstte 31 medailles. In totaal waren er 46 landen aanwezig. Het deelnemersaantal lag echter lager dan in Parijs in 1924.
  • Ondanks protesten stonden voor het eerst atletiek en gymnastiek op het programma voor vrouwen. Halina Konopacka uit Polen werd de eerste vrouwelijke olympische atletiekkampioen. Aan het einde van de 800 m was een deel van de deelneemsters totaal uitgeput. Volgens deskundige toeschouwers leden de dames echter niet zozeer aan uitputtingsverschijnselen, maar lieten zij op deze wijze hun gevoelens over hun verlies de vrije loop. Het leidde in elk geval tot een fikse discussie binnen het IOC over het nut en de noodzaak van vrouwenwedstrijden op Olympische Spelen. De nieuwe voorzitter van het IOC, de Belgische graaf Henri de Baillet-Latour, was er voorstander van om die te elimineren, met uitzondering van turnen, zwemmen, tennis en schaatsen. Dit voorstel zou het echter in het olympisch Congres van 1930 in Berlijn niet halen. De 800 m werd echter geschrapt en zou pas op de Spelen van 1960 weer in het atletiekprogramma worden opgenomen.
  • Het Zuid-Amerikaanse voetbal beleefde zijn definitieve doorbraak, doordat de regerende olympische kampioen Uruguay in de finale Argentinië versloeg. De wedstrijd eindigde in een 1-1 gelijkspel, waarna een tweede wedstrijd de beslissing moest brengen; deze werd met 2-1 gewonnen door Uruguay.
  • Het zeilen kende een koninklijke olympisch kampioen. Kroonprins Olaf van Noorwegen won in team goud in de 6 meter-klasse.

SportenBewerken

Tijdens deze Spelen werd er gesport in 16 disciplines binnen 14 sporten. Er werden drie demonstratiesporten beoefend: kaatsen, korfbal en lacrosse. Deze sporten behoorden niet tot het officiële olympische programma. Het korfbaltoernooi werd in het Olympisch Stadion gehouden.

Olympische sportenBewerken

Atletiek
Boksen
Gewichtheffen
Hockey

Moderne vijfkamp
Paardensport
Roeien
Schermen

Turnen
Voetbal
Wielersport
Worstelen

Zeilen
Baanzwemmen
Schoonspringen
Waterpolo

Deelnemende landenBewerken

Er deden 46 landen mee aan de Spelen. Malta, Panama en Rhodesië debuteerden. Duitsland was voor het eerst weer uitgenodigd om deel te nemen.

  Argentinië
  Australië
  België
  Brits-Indië
  Bulgarije
  Canada
  Chili
  Cuba
  Denemarken
  Duitsland
  Egypte
  Estland

  Filipijnen
  Finland
  Frankrijk
  Griekenland
  Groot-Brittannië
  Haïti
  Hongarije
  Ierland
  Italië
  Japan
  Joegoslavië
  Letland

  Litouwen
  Luxemburg
  Malta
  Mexico
  Monaco
  Nederland
  Nieuw-Zeeland
  Noorwegen
  Oostenrijk
  Panama
  Polen
  Portugal

  Roemenië
  Spanje
  Tsjecho-Slowakije
  Turkije
  Uruguay
  Verenigde Staten
  Zuid-Afrika
  Zuid-Rhodesië
  Zweden
  Zwitserland

Belgische prestatiesBewerken

  Zie België op de Olympische Zomerspelen 1928 voor het hoofdartikel over dit onderwerp.
  • De Belgische ploeg haalde geen enkele olympische titel, iets wat nog niet eerder was gebeurd, met uitzondering van de Spelen van 1896 en 1904, toen België niet deelnam.
  • België behaalde in totaal één zilveren en twee bronzen medailles en werd daarmee 29e in het landenklassement.
Medailles
Medaille Winnaar Onderdeel
  Zilver (1) Edmond Spapen worstelen, Vrije stijl, bantamgewicht
  Brons (2) Léonard Steyaert boksen, middengewicht
Heren roeiteam roeien, Twee met stuurman

Nederlandse prestatiesBewerken

  Zie Nederland op de Olympische Zomerspelen 1928 voor het hoofdartikel over dit onderwerp.
  Zie ook Lijst van Nederlandse deelnemers aan de Zomerspelen van 1928
  • Nederland wist het thuisvoordeel uitstekend uit te buiten en kwam tot grootse prestaties. Er was voor het eerst goud voor Nederlandse dames: de zwemster Marie Braun en de gymnastiekploeg van trainer Gerrit Kleerekoper.
  • Charles Pahud de Mortanges won zijn eerste individuele gouden medaille. De ruiterequipe wist het goud van 1924 te prolongeren. Pahud de Mortanges, Dolf van der Voort van Zijp en Gerard de Kruijff waren de eerste Nederlandse Olympiërs die hierin slaagden.
  • Bokser Bep van Klaveren won goud in het vedergewicht.
  • Bernard Leene en Daan van Dijk werden olympisch kampioen op het onderdeel tandem.
  • Met zes gouden medailles behaalde Nederland in het inofficiële medaille klassement de achtste plaats.
  • De 11e augustus 1928 was de meest succesvolle dag in de Nederlandse olympische geschiedenis: Marie Braun, Pahud de Mortanges, de ruiterequipe en Van Klaveren wonnen op die dag allen hun gouden medaille.
  • Naast de gouden medailles waren er ook nog eerste plaatsen in het olympische kunsttoernooi op de onderdelen bouwkunst (Jan Wils voor ontwerp van het Olympisch Stadion) en schilderkunst (Isaac Israëls met Ruiter in rode rok).
Medailles
 
Nederlandse dames wonnen goud in het turnen.
 
Bokser Bep van Klaveren won goud in het vedergewicht.
Medaille Winnaar Onderdeel
  Goud (6) Dames gymnastiekteam gymnastiek
Marie Braun zwemmen, 100m rugslag
Bernard Leene en Daan van Dijk wielersport, tandem
Bep van Klaveren boksen
Charles Ferdinand Pahud de Mortanges paardensport
Military-team paardensport
  Zilver (9) Heren hockeyteam hockey
Lien Gisolf atletiek, hoogspringen
Gerard Bosch van Drakestein wielersport
Marie Braun zwemmen, 400m vrije slag
Antoine Mazairac wielersport, baan 1000m sprint
Achtervolging-team wielersport, baan
Marie Baron zwemmen, 200m schoolslag
8 meter klasse zeilen
Gerard de Kruijff paardensport, military
  Brons (4) August Scheffer gewichtheffen
Jan Verheijen gewichtheffen
Karel Miljon boksen
Ruiterequipe dressuur paardensport

MedaillespiegelBewerken

 
Johnny Weissmuller, de latere Tarzan, won gouden medailles in de 100 m en de 4 x 200 m zwemmen.

Er werden 327 medailles uitgereikt. Het IOC stelt officieel geen medailleklassement op, maar geeft desondanks een medailletabel ter informatie. In het klassement wordt eerst gekeken naar het aantal gouden medailles, vervolgens de zilveren medailles en tot slot de bronzen medailles.

In de volgende tabel staat de top-10 en het Belgische resultaat. Het gastland heeft een blauwe achtergrond en het grootste aantal medailles in elke categorie is vetgedrukt. Zie de medaillespiegel van de Olympische Zomerspelen 1928 voor de volledige weergave.

 Plaats  Land NOC   Goud   Zilver   Brons Totaal
1   Verenigde Staten USA 22 18 16 56
2   Duitsland GER 10 7 14 31
3   Finland FIN 8 8 9 25
4   Zweden SWE 7 6 12 25
5   Italië ITA 7 5 7 19
6   Zwitserland SUI 7 4 4 15
7   Frankrijk FRA 6 10 5 21
8   Nederland NED 6 9 4 19
9   Hongarije HUN 4 5 0 9
10   Canada CAN 4 4 7 15
29   België BEL 0 1 2 3

PromotieBewerken

PosterBewerken

De officiële poster voor de Spelen van Amsterdam was een ontwerp van Jos Rovers. Er werden in opdracht van de organisatie 10.000 exemplaren van gedrukt en verspreid. De poster toont een hardlopende mannelijke atleet in wit tenue, met op de achtergrond het Olympisch Stadion met de olympische vlag. Opmerkelijk is de onnatuurlijke houding van de atleet: zowel linkerbeen als -arm zwaait naar voren. De poster wordt om die reden ook wel 'de telganger' genoemd.

Het IOC heeft de auteursrechten van de poster van Rovers nooit kunnen verwerven, ook niet bij de erven Rovers. Uit praktische overwegingen wordt in IOC-publicaties daarom een andere poster gebruikt, met de Duitse tekst Olympische Spiele en een gedeeltelijk in de Nederlandse vlag gehulde atleet met vredestak in de hand. Dat ontwerp was gemaakt voor het omslag van een Duits boek over de Spelen.[1]

MuziekBewerken

Gerrit van Weezel componeerde het lied "Op ter Olympiade", dat in 1928 gebruikt werd om de Spelen te promoten. De tekst werd geschreven door Joh. P. Koppen. Het lied werd onder meer in bioscopen, met kermisorgels en op de radio ten gehore gebracht.[2]

ParkerenBewerken

De verwachting voorafgaand aan de Spelen was dat Amsterdam overspoeld zou worden met auto's. Omdat er in de stad nog geen parkeerplaatsen waren was men bang dat buitenlandse automobilisten niet wisten waar ze hun auto konden parkeren en het daardoor een parkeerchaos in de stad zou worden. Zodoende werden voor de Spelen dan ook voor het eerst parkeerplaatsen aangelegd. Om aan te geven waar die parkeerplaatsen waren werd een simpel verkeersbord bedacht: een witte 'P' op een vierkante blauwe achtergrond. Dat was zo duidelijk, dat de 'parkeer-P' een internationale standaard werd. Overigens viel de drukte in Amsterdam erg mee: na de Spelen bleken slechts 450 buitenlandse auto's in de hoofdstad te zijn geweest.[bron?]

Canon van AmsterdamBewerken

  Meer bronnen die bij dit onderwerp horen, kan men vinden op de pagina Thema:Olympische Zomerspelen 1928 op de Nederlandstalige Wikisource.