Hoofdmenu openen
Een jonge negritovrouw uit de Filipijnen

Negrito is de aanduiding voor op negroïde en pygmeeën lijkende volkeren die leven in geïsoleerde gebieden in Zuidoost-Azië. De naam is een Spaans/Portugees verkleinwoord van negro (kleine zwarte of negertje). De term is bedacht door vroegere Europese ontdekkingsreizigers omdat ze dachten dat de negrito's uit Afrika kwamen.

De Maleisische term voor hen is orang asli, oorspronkelijke mensen. Meestal verstaat men onder orang asli iemand die niet tot de drie hoofdgroepen (Maleis, Chinees, Indiër) behoort in Maleisië. We kunnen de orang asli onderverdelen in drie groepen:

  1. Senoi
  2. Orang malayu asli
  3. Semang

De Semang worden onderverdeeld in de subgroepen Kintaq, Lanok, Kensiu, Jahai, Mendriq en Bateq.

Inhoud

OorsprongBewerken

Negrito's zijn waarschijnlijk een relictbevolking die zich na de grote migratie van de vroege moderne mens uit Afrika via Zuid-Azië tot in Australië en Oost-Azië verspreidde. Genetisch onderzoek wijst echter weinig genetische verwantschap tussen de negritopopulaties onderling aan; het is echter mogelijk dat de populaties van verschillende groepen die uit Afrika vertrokken, afstammen. Het is mogelijk dat ook de Aboriginals en de bewoners van Nieuw-Guinea van deze eerste migratiegolf afstamden, die op zijn hoogtepunt wellicht de gehele Aziatische zuidkust bewoonde. Verwante volkeren woonden oorspronkelijk in Indo-Oceanië, Azië, Australië en Nieuw-Guinea tot de Perzische Golf, en van de Maleise Archipel tot Japan. Een in het bijzonder geïsoleerde groep hiervan vormen de Andamanezen in de Golf van Bengalen.

Later werd de bevolking van Zuid- en Zuidoost-Azië in belangrijke wijze beïnvloed door nieuwe migraties uit het noorden, vanuit Centraal Azië via Oost-Azië. De uitbreidingen van het China ten gevolge van de ontwikkeling van agricultuur en hogere bevolkingsaantallen aldaar, leidden tot verdringing van volkeren in Zuid-China die Austroaziatische, Austronesische of Thai-Kadaitalen spraken. Hun cultuur werd gereduceerd tot versnipperde taaleilandjes binnen China, terwijl anderen naar Taiwan en vandaar de Pacificische eilanden (Austronesiers), Thailand (Thai-Kadai) en Vietnam (Kinh) trokken. Op hun beurt verdrongen deze volkeren weer de negrito's, die steeds verder werden teruggedreven tot ze nog maar kleine versnipperde enclaves vormden in de meest onaantrekkelijke of afgelegen gebieden die de nieuwkomers niet wilden.

Negrito's hebben een van de zuiverste genetische pools van mitochondriaal DNA van alle mensengroepen, waardoor hun mtDNA dient als basislijn in het bestuderen van genetische drift.

UiterlijkBewerken

Negrito's hebben een zwart-bruine huidskleur en hebben wollig kroeshaar. De vorm van hun schedel is breed; hun gestalte is buitengewoon klein: met een pygmee-grootte behoren zij tot de kleinste van alle levende menselijke groepen. Volgens waarnemingen is de gemiddelde grootte bij de mannen 1,48 meter en bij de vrouwen 1,46 meter.

Manier van levenBewerken

De negrito's behoren tot de semi-nomadische volkeren. Zij leven het meest in de jungle. Hun voorouders waren jagers en verzamelaars. Ze verzamelden bosproducten om medicijnen van te maken en groenten en fruit om zich te voeden. Ze wisten hoe ze gereedschappen konden maken van steen. Sommige negrito's en dan vooral die van de Filipijnen wisten hoe ze vuur moesten maken. De negrito's die nu nog in het oerwoud leven jagen vooral op aapjes en vogels. Dat doen ze met een blaaspijp. De blaaspijp is een holle buis gemaakt van bamboe om dunne pijltjes af te schieten. De punt van de pijltjes wordt ingedoopt in een gif of verdovend middel. Binnen 20 meter is zo'n schot dodelijk. Voor een dier dat ze vangen hebben ze veel respect en daarom moet het dier zo min mogelijk pijn lijden.

Religie en taalBewerken

De negrito's hebben veel respect voor de geesten van hun voorvaderen. Ze hadden oorspronkelijk een natuurgodsdienst, het animisme. Tegenwoordig hangen ze ook andere godsdiensten aan. Ook hebben ze in veel gevallen de taal van de omringende volkeren overgenomen.

Externe linksBewerken