Hoofdmenu openen

Maria Magdalena

Bijbels figuur uit het Nieuwe Testament
Primaire heiligen

Gloriole.svg

Dit zijn de zeven primaire heiligen. Deze zeven vrouwen worden allemaal genoemd in de eerste Romeinse Canon.

De Bekering van Maria Magdalena, een schilderij van Paolo Veronese

Maria Magdalena of Maria van Magdala (Hebreeuws: מרים המגדלית, Oudgrieks: Μαρία ἡ Μαγδαληνή) behoorde volgens het Nieuwe Testament tot de groep van vrouwen (de drie Maria's) die aanwezig waren bij de kruisiging van Christus, zijn graflegging en zijn opstanding. Magdalena betekent: van, uit Magdala. Magdala, Migdal of Magadan was een stadje op de westelijke oever van het Meer van Tiberias. Lucas introduceert haar in 8:2 niet als Maria Magdalena, maar als Maria, die Magdalena genoemd wordt, wat niet in elke vertaling wordt weergegeven. Haar verplichte gedachtenis op 22 juli is inmiddels sinds 2016 verheven tot een feest.

Nieuwe TestamentBewerken

De eerste vermelding van Maria Magdalena vertelt dat Jezus haar bevrijdde van zeven duivelse geesten.[1] Zij volgde Jezus vanuit Galilea naar Jeruzalem en was aanwezig bij de kruisiging[2] en de graflegging.[3] Volgens Johannes was zij de eerste die Jezus zag na zijn opstanding.[4]

Traditie in de christelijke kerkenBewerken

 
Maria Magdalena, een beeld van Donatello

In de loop van de geschiedenis werd zij door de gevestigde waarden soms aangezien voor een vrouw van lichte zeden; dit berustte echter niet op de Bijbel. Zij zou door paus Gregorius de Grote in 591 tijdens een preek in San Clemente verwisseld zijn met Maria van Bethanië[5] en met de boetvaardige zondares uit Lucas 7[6] (die moeilijk dezelfde persoon kunnen zijn). In de zesde eeuw stelde paus Gregorius I Maria Magdalena expliciet gelijk aan de boetvaardige zondares (vrouw van lichte zeden) uit Lucas 7. In die hoedanigheid is zij vaak voorgesteld in legendes en kunstwerken. Het standpunt over Maria Magdalena als zondige vrouw is door de Rooms-Katholieke Kerk in 1969 nader gepreciseerd.

Deze vermenging van verschillende figuren in de persoon van Maria Magdalena is een ontwikkeling in de Latijnse Kerk, die in de oosterse traditie niet heeft plaatsgevonden. De eerste bestrijder van de onjuiste voorstelling van Maria Magdalena (als zondige vrouw) was Jacob Faber, die zijn bezwaren neerschreef in zijn in 1517 verschenen De Maria Magdalena et triduo Christi disceptatio. Sinds 1969 wordt Maria Magdalena niet meer als boetvaardige zondares opgenomen in de heiligenkalender.

Verblijf in Frankrijk en cultus na overlijdenBewerken

 
Grot van Maria Magdalena in bergmassief bij Plan-d’Aups-la-Sainte-Baume.
 
Beeld Maria Magdalena in haar grot in Plan-d’Aups-la-Sainte-Baume

Een middeleeuwse legende wil dat Maria, de moeder van Jezus, stierf in Efeze, in de omgeving van Johannes de Evangelist. Zie: Huis van de maagd Maria. Een westerse middeleeuwse legende verhaalt hoe Maria Magdalena met Lazarus naar Zuid-Frankrijk zou zijn gekomen. Zij zou daar dertig jaar in een grot nabij Plan-d'Aups-Sainte-Baume in het massief van la-Sainte-Baume hebben geleefd. Na haar overlijden zou zij in Aix-en-Provence of in Saint-Maximin zijn begraven. In de basiliek van Maria Magdalena in Saint Maximin is een graftombe waar zich haar stoffelijke resten zouden bevinden. Vooral de cultus in de basiliek La Madeleine te Vézelay, waar men sinds de 11e eeuw eveneens beweert haar relieken te bezitten, heeft de verering van Maria Magdalena in West-Europa bevorderd.

 
Basiliek van Maria Magdalena in Saint Maximin

Katholiek feestBewerken

Op 10 juni 2016 heeft de Congregatie voor de Goddelijke Eredienst en de Regeling van de Sacramenten aangekondigd dat de verplichte gedachtenis van de heilige Maria Magdalena op 22 juli wordt verheven tot een Feest. In haar desbetreffende brief vermeldt deze Congregatie onder meer dat Thomas van Aquino haar al "Apostel van de Apostelen" noemde. In het Nieuwe Testament is Jezus het eerst aan haar verschenen en heeft haar bij deze verschijning gezegd: "Ga naar mijn broeders en zeg hen: Ik stijg op naar mijn Vader en uw Vader, naar mijn God en uw God."[7] Paus Franciscus heeft deze verheffing bepaald als passend in het heilig jaar van de Barmhartigheid.

Maria Magdalena in gnostische geschriftenBewerken

 
Maria Magdalena, Giovanni Girolamo Savoldo
 
Lady Hamilton as The Magdalene, George Romney
 
Geknielde Maria Magdalena en staande vrouw, beiden wenend omhoog kijkend, Brussel ca. 1475, Catharijneconvent, Utrecht

Behalve in het Nieuwe Testament, komt Maria Magdalena ook voor in een aantal gnostische geschriften:

In een aantal gnostische geschriften wordt Maria Magdalena beschreven als een leerling met een bijzondere band met Jezus. Het is een misvatting, dat dit voor gnostische literatuur meer in het algemeen geldt. In de Dialoog van de Verlosser staat een bijzonder vrouwonvriendelijke passage over haar. Er zijn ook gnostische geschriften waarin aan andere leerlingen een bijzondere band met Jezus wordt toegeschreven. In bijvoorbeeld het Evangelie naar Judas is dat Judas Iskariot

Het Evangelie volgens FilippusBewerken

In het apocriefe Evangelie volgens Filippus wordt Maria Magdalena als een bijzondere leerlinge van Jezus voorgesteld. De authenticiteit van de overlevering is onduidelijk, aangezien een repliek daarop door de historische orthodoxie ontbreekt. Een fragment uit het apocriefe geschrift:

" Christus hield meer van Maria dan van alle leerlingen. Hij kuste haar dikwijls op haar [mond?[8]]. De andere [leerlingen ...] en zeiden tegen hem: ‘Waarom houdt u meer van haar dan van ons allemaal?’ De verlosser antwoordde hun met de woorden: ‘Waarom houd ik niet van jullie zoals van haar?""

Het evangelie volgens Maria MagdalenaBewerken

In 1896 werd in Caïro het evangelie van Maria Magdalena ontdekt. De eerste zes pagina's ontbreken en het te lezen deel begint in het midden van een gesprek tussen de opgestane Jezus en zijn leerlingen. Maria Magdalena treedt hierin op als een van de leerlingen, die in conflict geraakt met de apostelen Petrus en Andreas. De meest complete tekst dateert uit de 5e eeuw, terwijl er twee fragmentarische teksten gedateerd kunnen worden tot in de 3e eeuw. De aan de vondsten voorafgaande originele tekst, is waarschijnlijk ontstaan tussen 180 en 200. In het evangelie betwisten Petrus en Andreas dat Maria Magdalena door Jezus toegang gehad zou hebben tot bijzondere kennis. In de latere 5e-eeuwse tekst wordt bovendien de autoriteit van Maria Magdalena betwist op grond van haar vrouw-zijn.

Moderne legendevormingBewerken

 
Maria Magdalena, Jan van Scorel, Rijksmuseum
 
Schilderij van Titiaan

De landing van Maria op een Frans strand is een negende-eeuwse legende, die in Frankrijk nog jaarlijks met een processie wordt herdacht. Dat er een huwelijk zou hebben plaatsgevonden tussen Jezus en Maria wordt door de Kerk beschouwd als negentiende-eeuwse fictie. De Franse fantast Pierre Plantard (1920-2000), uitvinder van de Priorij van Sion, combineerde deze twee legenden, en beweerde dat Maria Magdalena met de hulp van Jozef van Arimathea naar Frankrijk vertrokken was en er een dochter Sara (Hebreeuws voor prinses) ter wereld bracht. Deze zou stammoeder van de Merovingen zijn. In dit verhaal wordt Maria Magdalena gezien als de San Greal (Latijn voor Heilige Graal), waarbij San Greal als Sang Real (oud-Frans voor koninklijk bloed) wordt beschouwd. Elementen uit deze speculatie over Maria Magdalena, die Jezus soms als echtgenoot van Maria Magdalena voorstelt, zijn verwerkt in verschillende romans, waaronder Het heilige bloed en de heilige graal van Michael Baigent, Richard Leigh en Henry Lincoln, De Da Vinci Code van Dan Brown en Het Magdalena Mysterie van Kathleen McGowan.

LiteratuurBewerken

  • Esther de Boer, Maria Magdalena, De mythe voorbij, Meinema, Zoetermeer 2006 - ISBN 9021139863
  • Esther de Boer, De geliefde discipel, vroegchristelijke teksten over Maria Magdalena, Meinema, Zoetermeer 2006 - ISBN 9021140748
  • King, Karen L., The gospel of Mary of Magdala, Jesus and the first Woman apostle, Polebridge Press, Santa Rosa, California, 2006, ISBN 0 944344 58 5.
  • John van Schaik, Waarom Jezus niet getrouwd was met Maria Magdalena, Christofoor, Zeist 2006 - ISBN 90-6238-810-8
  • J. Slavenburg & W.G. Glaudemans, De Nag Hammadi-geschriften 1, Ankh-Hermes, Deventer, 1994 - ISBN 9020219642
  • Ph. Jenkins, The New Anti-Catholicism. The Last Acceptable Prejudice, Oxford University Press, New York 2003
  • Karel & Caroline van Huffelen, Maria Magdalena en de schijnheiligen, Uitgeverij Petiet, 2006 - ISBN 90-807533-2-7
  • Ton van der Kroon, Boek der Liefde, uitgeverij Frontier, 2006 - ISBN 90 7807 005 6
  • Margaret Starbird, De Vrouw Met De Albasten Kruik, Uitgeverij Ankh-Hermes, 1995 - ISBN 90-2028-063-5
  • Margaret Starbird, Maria Magdalena Bruid In Ballingschap, Uitgeverij Ankh-Hermes, 2006 - ISBN 90-2028-428-2
  • Guido Kindt, Maria Magdalena Vrouw, Minnares Of Apostel Van Jezus?, Uitgeverij Van Halewyck, 2006 - ISBN 90-8553-016-4
  • Anne-Marie Wegh, Maria Magdalena, auteur van het vierde evangelie, Magdalena Uitgevers, 2019 - ISBN 978-90-825023-3-6

Externe linksBewerken