Leviathan (mythisch wezen)

mythisch wezen genoemd in de Hebreeuwse Bijbel
Zie artikel Voor het gelijknamige boek van Thomas Hobbes, zie: Leviathan (boek)

De Leviathan (Hebreeuws: לִוְיָתָן, liwjatan, "de kronkelende") is een zeemonster, stammend uit de oertijd, dat wordt genoemd in de Hebreeuwse Bijbel. De Leviathan was reeds bekend in de Fenicische mythologie van het oude Kanaän onder de benaming Lotan of Lothan (afgeleid van lawtan), een slang.[1]

Behemoth en Leviathan, gravure van William Blake

Leviathan zou de koning der vissen zijn, zoals Ziz de koning der vogels is en Behemoth de koning der zoogdieren.

MythologieBewerken

In de Fenicische mythologie wordt de Leviathan voorgesteld als een grote, kronkelende zeeslang. Bij de voorstelling van dit monster werd zowel de Kanaänitische Lotan gebruikt, een zevenkoppig monster dat door Anat werd vernietigd, als Tiamat, de slang uit de Mesopotamische mythologie.[2]

 
Vernietiging van Leviathan

In Ugaritische teksten uit de 14e eeuw v.Chr. staat de Leviathan beschreven als de vijand van de stormgod Baäl. Zodra de teksten ontdekt werden die naar de oude Kanaänitische scheppingsmythe verwijzen, waarin Baäl de Lotan versloeg, zoals Marduk de slang Tiamat versloeg, werd de oorsprong van de Leviathanmythe duidelijk.

In andere religies[bron?] echter wordt het fabeldier voorgesteld als een onverwoestbare, zevenkoppige walvis-demon en tevens koning van leugens.

De mythe van Hercules en Ladon zou op dezelfde oerstrijd geïnspireerd zijn en de naam Ladon er ook van zijn afgeleid.

Hebreeuwse BijbelBewerken

In de Hebreeuwse Bijbel wordt de Leviathan beschreven als "de snelle, kronkelende slang ... het monster in de zee"[3] en werd later door religieuze opponenten gebruikt als het symbool voor chaos en van anti-goddelijke machten,[4] een verwijzing naar de chaos die bestond voor de schepping, en die werd onderworpen toen er orde was gevestigd door een mannelijke god.[1]

De mythische strijd tussen Jahwe en de slang Leviathan werd grotendeels uit de schriften verwijderd, zeker uit het scheppingsverhaal,[1] maar klinkt door in Job 26:13:

"Met zijn adem blaast hij de hemel schoon, zijn hand doorboort de kronkelende slang."

en Psalm 74:13-14:

"U hebt door uw kracht de zee gespleten en de koppen van monsters op het water verpletterd, u hebt de schedels van Leviatan verbrijzeld, hem als voedsel gegeven aan de dieren in de woestijn."

Volgens sommige auteurs was Leviathan ooit een andere vorm van Jahwe zelf, ook al werd deze door latere generaties gedemoniseerd. De priesternaam 'Levi' zou aanvankelijk voor 'een zoon van Leviathan' hebben gestaan.[5]

In apocalyptische geschriften, evenals in het latere christendom, werd de Leviathan als een voorstelling van de duivel gezien. In het apocalyptisch boek Henoch kwam hij voor als het onmetelijk grote schepsel dat 'de afgrond over de bronnen van de wateren overspant'. Zijn kaken worden soms de poorten van de hel genoemd. Aan het einde der tijden zal hij de laatste grote slag voeren met de aartsengel Gabriël.

CreationismeBewerken

Sommige creationisten nemen aan dat de leviathan verwijst naar een dinosaurus. Die zouden samen met de mens de zondvloed overleefd hebben en pas geruime tijd later uitgestorven zijn. Vooral in het boek Job zouden beschrijvingen van dino's voorkomen. Ook de daar beschreven behemoth wordt door sommige creationisten als een dinosaurussoort gezien.

LiteratuurBewerken

  • Balter, M. (2005): The Goddess and the Bull, Free Press
  • Becking, B. (2015): Zonder monsters gaat het niet. Een geschiedenis van de Leviathan, Skandalon
  • Coterell A, & Storm R. (2006): Mythology - The Ultimate Encyclopedia, HH Aness Publishing Ltd
  • Walker, B.G. (1986): The Woman's Encyclopedia of Myths and Secrets, Harper & Row