Leven na de dood (begrip)

Het leven na de dood is een religieus, spiritueel en metafysisch begrip, waarbij er sprake van is dat het aan het lichaam gebonden bewustzijn van een mens niet eindigt bij het sterven, maar in een of andere vorm na het sterven voortgezet wordt. In veel religies is er sprake van dat de dood van de fysieke mens niet het einde is en dat de ziel voortleeft, op een andere plaats (het hiernamaals) of door middel van reïncarnatie. Vaak speelt hierbij een element van beloning en vergelding een rol: de manier waarop iemands leven na de dood zijn voortzetting vindt, wordt geheel of gedeeltelijk bepaald door de daden van een mens tijdens zijn leven.

JodendomBewerken

Het concept van een leven na de dood is binnen het christendom en de islam duidelijker gedefinieerd dan in het jodendom. In de joodse conceptie van het leven hierna is er soms sprake van "olam haba", de wereld die komen zal, maar het concept van leven na dit leven is in het jodendom nooit zo officieel en systematisch uitgewerkt als in het christendom en in de islam. Het jodendom zou volgens vele rabbijnen een onafscheidbare eenheid van lichaam en ziel leren: als het lichaam sterft dan gaat de geest (wat in de joodse visie eerder een soort 'levengevende' kracht is, uitgaande van God, die het lichaam levend maakt dan een bewuste geest) terug naar God en is de 'bewuste persoon' er niet meer. Alleen bij de verrijzenis op het eind der tijden als geest en lichaam door God herenigd worden is men weer een compleet en bewust persoon.

ChristendomBewerken

Leven na de dood is binnen het christelijk geloof een belangrijke doctrine, omdat er na het leven een opstanding uit de dood is, waarna men ofwel de hel, het vagevuur (bij katholieken) of de hemel kan betreden.

Over de toestand direct na de dood zegt het Nieuwe Testament niets. Sommige stromingen nemen aan dat men na de dood niet bewust meer is totdat de doden allemaal opgewekt worden door God bij het laatste oordeel zoals ook in het jodendom geleerd wordt. Dit leren bijvoorbeeld de Jehova's getuigen (het 'herinneringsgraf') en ook verscheidene protestants evangelische kerken. Zij zeggen dat het concept van een ziel 'gevangen' in het lichaam en deze verlatend bij de dood een typisch platonische leer is die in de eerste eeuwen het christendom is binnengeslopen. Andere menen dat men wel een bepaalde 'tussenstaat' ervaart totdat de ziel/geest definitief weer herenigd wordt met het opgestane lichaam. Zij beroepen zich op de parabel van Jezus over de arme Lazarus die na zijn dood in 'Abrahams schoot' rust terwijl de rijke in de hel zit. Maar volgens anderen is dit een allegorisch verhaal dat Jezus vertelde om te illustreren dat het gedrag tijdens het leven gevolgen heeft voor iemands uiteindelijke bestemming na de dood, terwijl het niet letterlijk over 'het leven na de dood' ging.

Niet-religieuze visiesBewerken

Er is ook een type van visie op het leven na de dood die gebaseerd is op waarnemingen, bijvoorbeeld van bijna-doodervaringen, uittredingen, bandstemmen en mediums. Ook wetenschappelijk onderzoek naar het leven na de dood, bijvoorbeeld het werk van Pim van Lommel[1] en andere wetenschappers[2] is van dit type. Punt van discussie is dan altijd of het om echte waarnemingen gaat of om voorstellingen die door het brein zelf worden geproduceerd.

Er zijn gevallen bekend van mensen die een bijna-doodervaring hebben meegemaakt waarbij ze in een veranderde bewustzijnsstaat het idee hadden dat ze het hiernamaals bijna of even binnentraden. Dergelijke ervaringen worden in de parapsychologie aangehaald als steun voor de hypothese van een leven na de dood. Deze ervaringen blijken bijvoorbeeld inhoudelijk niet willekeurig te zijn. Vaak zijn er terugkerende elementen in de verhalen van mensen met dergelijke ervaring, zoals rust en afwezigheid van pijn, het buiten het lichaam treden, de donkere tunnel die naar intens licht leidt, de bijeenkomst van "wezens van het licht" (soms met inbegrip van vrienden en familieleden die eerder zijn gestorven) en het herbeleven van alle gebeurtenissen van het eigen leven, waarna deze onderworpen worden aan een evaluatie. De persoon kan in eerste instantie teleurgesteld of terughoudend zijn om terug te keren naar het lichaam, en velen getuigen dat de ervaring hun leven ingrijpend veranderde, wat leidde tot een verminderde of afwezige angst voor de dood.

Sceptici trekken deze verhalen in twijfel en beweren dat deze personen in een droomtoestand verkeerden, waarbij ze dingen zagen die ze vanuit hun eigen culturele achtergrond kennen.

Zie ookBewerken