Hoofdmenu openen

De Kosovorechtbank of het Kosovotribunaal (Engels: Kosovo Specialist Chambers and Specialist Prosecutor's Office, Albanees: Dhomat e Specializuara dhe Zyra e Prokurorit të Specializuar, Servisch: Specijalizovana veća i Specijalizovano tužilaštvo) is een tribunaal dat is opgezet om tijdens de Kosovo-oorlog (1998-2000) gepleegde misdaden tegen de menselijkheid, oorlogsmisdrijven en Kosovaarse misdrijven te vervolgen en berechten. De rechtbank gevestigd in Den Haag, bestaat uit een selectie van internationale rechters en past een mix van Kosovaars recht, en internationaal (gewoonte)recht toe.

Kosovorechtbank
Kosovo Specialist Chambers and Specialist Prosecutor's Office
Gebouw Raamweg (voormalig Europol kantoor)
Gebouw Raamweg (voormalig Europol kantoor)
Type Kosovaars strafhof
Werktalen Engels, Servisch, Albanees
Zittingsplaats(en) Den Haag
Geschiedenis
Opgericht 2015
Samenstelling
President Ekaterina Trendafilova
Vicepresident Keith Raynor
Website
https://www.scp-ks.org

Lady justice standing.png

Internationaal strafrecht

TotstandkomingBewerken

In 2008 uitte voormalig hoofdaanklager van het Joegoslaviëtribunaal Carla Del Ponte in haar boek "Mevrouw de aanklager" de beschuldigingen dat leden van het "Bevrijdingsleger van Kosovo" (UCK) zich schuldig hadden gemaakt aan orgaanhandel van gevangen genomen Serviërs en andere misdaden.[1] Op grond daarvan stelde de Raad van Europa in 2008 een onderzoek in onder leiding van senator Dick Marty die deze aantijgingen in zijn rapport uit 2011 bevestigden.[2] De EU-missie in Kosovo EULEX richtte daarop een speciaal team op dat nadere bewijzen moest vinden. Dit team, de Special Investigative Task Force (SITF), concludeerde in 2014 dat er voldoende bewijzen waren om tot vervolging over te gaan.[3] Onder druk van de EU en de VS stemde Kosovo in augustus 2015 in met het instellen van een speciale rechtbank. Op 3 augustus werd de grondwet aangepast om de oprichting van de speciale rechtbank in het Kosovaarse rechtssysteem mogelijk te maken. Op diezelfde dag werd ook de wet tot oprichting van de speciale rechtbank aangenomen. Deze rechtbank moest wel in het buitenland zitting houden om getuigen te beschermen.[4]

De Europese Dienst voor Extern Optreden (EDEO) had Nederland al in 2014 gevraagd om medewerking om een dergelijke rechtbank op te zetten. Nederland stelde vier voorwaarden om voor de rechtbank als gastland op te treden: een 'deugdelijke juridische basis', de 'hoogste internationale strafprocesrechtelijke standaarden', Nederland zou niet voor de kosten moeten opdragen en veroordeelden zouden hun straf niet in Nederland moeten uitzitten.[5] Op 26 januari 2016 kwam een interim-verdrag tot stand tussen Nederland en Kosovo die de vestiging van het Kosovo Relocated Specialist Judicial Institution (KRSJI)[6] in Nederland mogelijk maakte.[7] Op 15 februari 2016 kwam het definitieve verdrag tussen Nederland en Kosovo tot stand waarin afspraken werden gemaakt over de relatie tussen Nederland als gastland en het KRSJI. Het definitieve verdrag verving het interim-verdrag op 1 januari 2017.[8] De rechtbank is gehuisvest in het voormalige Europol-gebouw aan de Raamweg in Den Haag.

Voorzitter van de rechtbank is de Bulgaarse Ekaterina Trendafilova.
Hoofdaanklager is de Amerikaan David Schwendiman.

RechtsmachtBewerken

De rechtsmacht van de rechtbank is begrensd tot misdrijven die tussen 1 januari 1998 en 31 december 2000 in Kosovo gepleegd zijn tegen of door personen met de Kosovaarse of Joegoslavische nationaliteit. De rechtbank is bevoegd om op basis van het internationaal gewoonterecht misdrijven tegen de menselijkheid en oorlogsmisdrijven te berechten en kan daarnaast overeenkomstig het strafrecht uit die periode Kosovaarse misdrijven berechten. Daarnaast kan de rechtbank ook enkele misdrijven uit het huidige Kosovaarse strafwetboek berechten. De rechtsmacht van de rechtbank heeft voorrang boven alle andere gerechten in Kosovo.