Klasse van de matig voedselrijke graslanden

klasse van plantengemeenschappen

De klasse van de matig voedselrijke graslanden (Molinio-Arrhenatheretea) is een klasse van plantengemeenschappen van vochtige graslanden op voedselrijke tot matig voedselrijke bodems, met twee onderliggende ordes.

Klasse van de matig voedselrijke graslanden
Klasse van de matig voedselrijke graslanden met o.a. pinksterbloem en scherpe boterbloem
Klasse van de matig voedselrijke graslanden met o.a. pinksterbloem en scherpe boterbloem
Syntaxonomische indeling
Klasse
Molinio-Arrhenatheretea
Tüxen, 1937

De klasse omvat een grote variatie van begroeingstypes met overwegend grassen, grasachtige planten en kruiden.

Naamgeving, etymologie en coderingBewerken

  • Nederlands: Klasse van de matig voedselrijke graslanden
  • Frans: Prairies mésiques
  • Duits: Frische und wechselfeuchte Grünland-Gesellschaften
  • Engels: Mesic grassland vegetation
  • Syntaxoncode (Nederland): 16
  • Corine biotope: Humid grasslands and tall herb communities / 37 - Prairies humides et mégaphorbiaies
  • Eunis Habitat Types: E2 Mesic grasslands + E3 Seasonally wet and wet grasslands

De benaming Molinio-Arrhenatheretea is afgeleid van de wetenschappelijke naam van twee belangrijke kensoorten van deze klasse, het pijpenstrootje (Molinia caerulea) en de gewone glanshaver (Arrhenatherum elatius).

KenmerkenBewerken

AlgemeenBewerken

De klasse van de matig voedselrijke graslanden omvat plantengemeenschappen van vochtige tot natte, relatief zure tot basische, matig voedselrijke tot voedselrijke bodems.

Het zijn meestal graslanden die extensief beweid en/of regelmatig gehooid worden.

Dit soort hooilanden waren nog tot in de 20e eeuw zowel in Nederland als in België zeer talrijk, maar zijn de laatste decennia door bemesting en ontwatering op veel plaatsen omgevormd tot soortenarme productiegraslanden. Enkel in natuurgebieden met aangepast beheer zijn nog restanten van deze bloemrijke graslanden te bewonderen.

StructuurBewerken

Deze klasse wordt gekenmerkt door een laagblijvende vegetatie met volledige afwezigheid van een boom- en struiklaag.

In de kruidlaag zijn grassen, vooral de gestreepte witbol en grasachtige planten dominant, met daarnaast grootbloemige overblijvende kruiden als scherpe boterbloem, knoopkruid, gewone brunel en pinksterbloem.

De moslaag is weinig opvallend en evenmin divers.

OnderverdelingBewerken

De klasse van de matig voedselrijke graslanden heeft als vertegenwoordigers in België en Nederland:

SoortensamenstellingBewerken

Ken- en differentiërende soorten voor de Klasse van de matig voedselrijke graslanden
Kensoort Diff.soort Presentie Nederlandse naam Wetenschappelijke naam Opmerking Afbeelding
Boomlaag
Geen soorten
Struiklaag
Geen soorten
Kruidlaag
kK Gestreepte witbol Holcus lanatus
kK Scherpe boterbloem Ranunculus acris
kK Knoopkruid Centaurea jacea Ook in Festuco-Brometea
kK Gewone brunel Prunella vulgaris
kK Pinksterbloem Cardamine pratensis Ook voor Circaeo-Alnenion
kK Veldzuring Rumex acetosa
kK Grote pimpernel Sanguisorba officinalis
kK Vogelwikke Vicia cracca Ook in Filipenduletea
kK Rode klaver Trifolium pratense
kK Beemdlangbloem Festuca pratensis
kK Gewone hoornbloem Cerastium fontanum
kK Veldlathyrus Lathyrus pratensis
Moslaag
kK Gewoon haakmos Rhytidiadelphus squarrosus

Zie ookBewerken