Hoofdmenu openen
Verschillende kauri's

Kauri's zijn zeeslakken uit verschillende geslachten van de familie Cypraeidae.[1] Andere soorten uit de superfamilie Cypraeoidea heten wel kauri-achtigen. Kauri's komen voor in tropische zeeën in grote delen van de Stille Oceaan en de Indische Oceaan, zoals bij Indonesië, Japan, de Filippijnen Australië en Madagaskar, maar ook in andere zeen, zoals de Rode zee, Caribische Zee en de Middellandse Zee. Verschillende kauri-soorten speelden in het verleden een belangrijke rol in handel en cultuur. Ook tegenwoordig zijn ze geliefd als verzamelobject en sieraad.

EtymologieBewerken

Het woord kauri komt uit het Hindi-woord कौडि (kaudi), कवडी (kavadī) of het Kannada-woord ಕವಡೆ (kavade) en uiteindelijk uit het Sanskriet-woord कपर्द (kaparda) กปรฺท.[2]

SoortenBewerken

Bekende soorten kauri's zijn:

Een kauri-achtige is:

  • Trivia monacha (gevlekt koffieboontje, vroeger ook wel Europese kauri) da Costa,1778

BetekenisBewerken

Vanwege hun fraaie kleuren en glans zijn kauri-huisjes gewilde verzamelobjecten geworden. Daarnaast speelden verschillende soorten in vroeger tijden een rol als ruil- of betaalmiddel (schelpengeld[3]) of hadden vanwege hun vorm een culturele betekenis, met name wat betreft de vruchtbaarheid van de vrouw.

Betaalmiddel, ruilmiddel en speelstukBewerken

Kaurischelpen werden vooral als betaalmiddel gebruikt, bijvoorbeeld in China, Afrika, op Nieuw-Guinea, in Indonesië en op de eilanden van de Stille Zuidzee, zoals Fiji en Tonga.[4] De schepen van de VOC (Verenigde Oost-Indische Compagnie) hebben daarom ook kaurischelpen, met name de geldkauri, verhandeld en gebruikt als betaalmiddel. Er werden bijvoorbeeld slaven mee betaald. Men gebruikte ze in delen van Afrika ook als speelstuk. Door schoonmaken van ruimen of het vergaan van VOC-schepen zijn lege kauri-schelpen ook in Nederlandse kustwateren terechtgekomen. Heel af en toe spoelt er een aan op stranden van bijvoorbeeld de Zeeuwse eilanden. Ook uit aanspoelsel op strandjes van de voormalige Zuiderzee zijn vondsten bekend.[5]

Amulet, vruchtbaarheidssymbool en sieraadBewerken

Sommige kauri-soorten, zoals Cypraea tigris (tijgerkauri) en Cypraea pantherina (panterkauri), fungeerden als amulet, in de Romeinse tijd en de Middeleeuwen ook in Europa. Daarnaast vormden kauri's een belangrijk element in de magie en waren ze een vruchtbaarheidssymbool. De schelp van de panterkaurie was gewijd aan de godin van de liefde, sexualiteit, schoonheid en vruchtbaarheid, Aphrodite. Daar deze godin was verbonden met Cyrus, kregen soorten uit deze familie de naam Cypraeidae. Gezien de gelijkenis van de smalle mondopening van het slakkenhuis met het vrouwelijk geslachtsdeel van een vrouwelijke big (Latijn: porcella), werden dergelijke schelpen 'porcella' genoemd, en in het Nederlands porseleinslak. De term porselein voor een soort keramiek stamt daarvan af. In heel West-Europa zijn uit het Midden-Oosten afkomstige panterkauri's gevonden in vrouwengraven.[6] Ook in Nederland zijn enkele van deze kauri's gevonden in terpen, waar de schelpen niet aangetast worden doordat de grond minder zuur is dan op veel andere plekken.[6] Op diverse plaatsen in de wereld fungeren kauri's als sieraad of decoratie, zoals de gouden kauri, de tijgerkauri en de geldkauri.

GalerijBewerken