Hoofdmenu openen

Opvolging van zijn vaderBewerken

Dat hij zijn vader, na diens dood op het slagveld van Azincourt, zou opvolgen was niet meteen evident. De Roomse keizer Sigismund wilde voorkomen dat Jan zijn vader zou opvolgen, om verdere invloed van de Bourgondische hertogen in het gebied tegen te gaan. De Bourgondische hertog, Jan zonder Vrees werd echter gesteund door de Staten van Brabant in zijn stelling dat Jan zijn vader wel moest opvolgen. Zo werd Brabant behoed voor een nieuwe Brabantse Successieoorlog.[1] Tot zijn meerderjarigheid in 1417 stond hij onder regentschap van de Staten van Brabant.[2]

Huwelijk met Jacoba van BeierenBewerken

Hij trouwde in 1418 met Jacoba van Beieren, zijn nicht in de vierde graad. Hiermee werd hij in één klap naast hertog van Brabant en Limburg ook graaf van Holland, Zeeland en Henegouwen. Aanvankelijk verliep dit huwelijk goed, maar in 1420, na een reeks incidenten, raakten zij in onmin. Een van de redenen was dat hij haar belangen als gravin van Holland en Zeeland onvoldoende verdedigde tegen de bemoeienissen van haar oom Jan van Beieren. Aanvankelijk steunde hij haar en haar partij, de Hoeken, tegen de inmenging van Jan van Beieren, onder andere bij het beleg van Dordrecht wat teleurstellend verliep. Zijn vertrouwelingen behoorden echter tot het Kabeljauwse kamp, en onder hun invloed stelde hij Jan van Beieren in 1420 als ruwaard van Holland en Zeeland aan. Dit zou uiteindelijk leiden tot de breuk tussen hem en Jacoba van Beieren.[3] Na de dood van Jan van Beieren vielen de graafschappen weer aan Jan van Brabant toe. Onder diens druk stelde hij in 1425 echter Filips de Goede als ruwaard en erfgenaam aan. Zo zouden de graafschappen aan de hertog van Bourgondië toevallen, mocht Jan kinderloos sterven.[4]

Oplopende spanningen in het hertogdom BrabantBewerken

Dat zijn vertrouwelingen tot het Kabeljauwse kamp behoorden, leidde niet alleen in zijn huwelijk tot spanningen. Ook de Brabantse steden en de edelen die onder zijn vader in hoog aanzien hadden gestaan, verzetten zich tegen deze machtige vertrouwelingen.[5] Toen Jacoba hem in 1420 verliet, kozen de Staten van Brabant partij voor haar en riepen Filips van Saint-Pol, Jans jongere broer tot ruwaard uit.

Een reactie van de hertog werd verhinderd door een opstand van de Brusselse ambachtsgilden, zodat hij uiteindelijk moest plooien.[6] In 1421 werd Jan als hertog van Brabant weer in ere hersteld en als verzoening stond Jan nieuwe stadsprivileges toe, het Nieuw Regiment (1422), dat de macht van de Staten van Brabant nog uitbreidde.[6] Nu keerden de kansen, en steunden de Staten hertog Jan IV tégen zijn echtgenote Jacoba.

Hij overleed in 1427, op 23-jarige leeftijd. Hij werd opgevolgd door zijn broer Filips van Saint-Pol. Jan IV is vooral als een zwak vorst de geschiedenisboeken ingegaan. Hij was makkelijk te beïnvloeden door zijn omgeving en liet zich leiden en gebruiken door politiek meer ervaren mannen, zoals Jan van Beieren en Filips de Goede. Hierbij zal zijn leeftijd een sterke rol hebben gespeeld.[7]

Hertog Jan IV is ook bekend om zijn bijdrage tot de oprichting van de Universiteit van Leuven (1425), de eerste universiteit in de Nederlanden.

 
Dubbele groot, geslagen in Maastricht onder Jan IV van Brabant (1415 1427)

VooroudersBewerken

Voorouders van Jan IV van Brabant
Overgrootouders Jan II van Frankrijk
(1319-1364)
∞ 1332
Bonne van Luxemburg
(1315-1349)
Lodewijk van Male
(1330-1384)
∞ 1353
Margaretha van Brabant
(±1323–1368)
Gwijde van Luxemburg-Ligny
(1340-1471)
∞ 1354
Mathilde van Châtillon
(1335–1378)
Thomas Holland
(±1314–1360)
∞ 1349
Johanna van Kent
(1328-1358)
Grootouders Filips de Stoute
(1342-1404)

Margaretha van Male
(1350-1405)
Walram III van Luxemburg-Ligny
(1357-1414)
∞ 1380
Maud Holland
(?-1392)
Ouders Anton van Bourgondië (1384-1415)
∞ 1402
Johanna van Saint-Pol (?-1407)
Jan IV van Brabant (1403-1427)

Externe linkBewerken

NotenBewerken

  1. Geschiedenis van Brabant, van het hertogdom tot heden, p. 164
  2. Geschiedenis van Brabant, van het hertogdom tot heden, p. 164-165
  3. A. Janse, Een Pion voor een Dame, Jacoba van Beieren (1401-1436), 2009, p. 179-195
  4. A. Janse, p. 238
  5. Geschiedenis van Brabant, van het hertogdom tot heden, p. 165-166
  6. a b Geschiedenis van Brabant, van het hertogdom tot heden, p. 166
  7. Geschiedenis van Brabant, van het hertogdom tot heden, p. 167-168