Hoofdmenu openen

Harry Kupfer (12 augustus 1935) is een Duits operaregisseur.

Kupfer begon zijn carrière doelgericht in de toenmalige DDR van de jaren vijftig. Hij studeerde theaterwetenschap aan de universiteit van Leipzig en kon al in 1958 in Halle zijn eerste opera, Antonín Dvořáks Rusalka ensceneren. Van 1958 tot 1962 was hij Oberspielleiter van de opera in Stralsund, en daarna van 1962 tot 1966 in Karl-Marx-Stadt. Er volgden projecten in Weimar en Dresden, tot hij in 1981 de leiding van de Komische Oper in Berlijn kreeg. Na een aantal succesvolle jaren bij die Komische Oper, waar hij zich ontwikkelde tot een van Europa’s meest geprofileerde operaregisseurs, nam hij in 2002 afscheid met de enscenering van Brittens opera The Turn of the Screw. De productie werd een groot succes en door de pers omschreven als “zeer genietbaar”.

Kupfer heeft inmiddels meer dan 175 ensceneringen op zijn naam staan, Naast zijn werk in Berlijn verzorgde hij ensceneringen in Graz, Kopenhagen, Amsterdam, Cardiff, Londen, Wenen, Salzburg, Barcelona, San Francisco, Moskou en Zürich. Bij de Bayreuther Festspiele ensceneerde hij in 1978 Der fliegende Holländer en in 1988 Der Ring des Nibelungen. Samen met de componist Krzysztof Penderecki schreef hij het libretto voor de opera Die schwarze Maske (naar Gerhart Hauptmann) en ensceneerde de première tijdens de Salzburger Festspiele in 1986.

Ook op het gebied van de musical was Harry Kupfer succesvol. Zo ensceneerde hij in 1992 de musical Elisabeth in het Theater an der Wien.

In 2011 regisseerde hij in Nederland de opera Káťa Kabanová van Leoš Janáček bij Opera Zuid.[1]

Harry Kupfer is lid van de Akademie der Künste in Berlin, de Freien Akademie der Künste in Hamburg en professor aan de Berliner Musikhochschule.

Prijzen en erkenningenBewerken

  • 1993 Frankfurter Musikpreis
  • 1994 Verdienstorden des Landes Berlin