Hoofdmenu openen

Griltjeplak is een grote duinvallei in de duinen van het waddeneiland Terschelling. De vallei ligt in het westen van het eiland, en behoort tot het gebied dat gerekend wordt tot West-Terschelling.

NatuurBewerken

De vallei is vochtig; in lage delen staat het grondwater bijna permanent boven het maaiveld. De natte delen zijn vrijwel volledig dichtgegroeid met riet. In het westen van Griltjeplak is een klein duinmeertje aanwezig, dat na de uitvoering van een natuurontwikkelingsproject in 1991 niet meer met riet is dichtgegroeid. Hier bevindt zich een waardevolle groeiplaats van Pilvaren (Pilularia globulifera), momenteel de enige die van Terschelling bekend is. Andere waardevolle plantensoorten in het Griltjeplak zijn Galigaan (Cladium mariscus), Grote boterbloem (Ranunculus lingua), Stijve waterweegbree (Echinodorus ranunculoides), Oeverkruid (Littorella uniflora), Waterdrieblad (Menyanthes trifoliata) en Berendruif (Arctostaphylos uva-ursi).

HistorieBewerken

Griltjeplak was tot 1920 een vallei aan de binnenzijde van de zeereep, de zeewerende duinen. Vermoed wordt dat er voor 1920 een open verbinding bestond met de Noordzee, waardoor de vallei het karakter van een slufter had. Na 1920 zijn ten noordwesten van de vallei de Kroonpolders aangelegd waardoor de vallei het directe contact met de Noordzee verloor.

NaamgevingBewerken

Het woord Griltjeplak is afgeleid van een van de Terschellingse dialecten (vermoedelijk Schylingers of Westers) en betekent letterlijk Plevieren-vallei. Plak is een Terschellinger woord voor duinvallei. Griltje is een plaatselijke aanduiding voor Strandplevier, Bontbekplevier of in het algemeen voor kleine plevieren en strandlopers, vergelijkbaar met het Nederlandse Griel, de naam van een grotere plevierachtige vogel, die tot halverwege de 20e eeuw in Nederland als broedvogel voorkwam.