Hoofdmenu openen

Grand Prix-wegrace van Groot-Brittannië 1983

De Grand Prix-wegrace van Groot-Brittannië 1983 was de tiende Grand Prix van het wereldkampioenschap wegrace-seizoen 1983. De races werden verreden op 31 juli 1983 op het Silverstone circuit nabij Silverstone (Northamptonshire). Een ongeval tijdens de 500cc-race kostte het leven aan de Zwitserse coureur Peter Huber en de Noord-Ierse coureur Norman Brown. Tijdens deze Grand Prix werden de wereldtitels in de 125- en de 250cc-klasse beslist.

Circuit Silverstone[1]
Officiële naam British Grand Prix
Land Vlag van Verenigd Koninkrijk Verenigd Koninkrijk
Datum 31 juli 1983
Organisator FIM/ACU
500 cc
Poleposition Vlag van Verenigde Staten Kenny Roberts
Snelste ronde Vlag van Verenigde Staten Kenny Roberts
Eerste Vlag van Verenigde Staten Kenny Roberts
Tweede Vlag van Verenigde Staten Freddie Spencer
Derde Vlag van Verenigde Staten Randy Mamola
250 cc
Poleposition Vlag van Frankrijk Patrick Fernandez
Snelste ronde Vlag van Frankrijk Jacques Bolle
Eerste Vlag van Frankrijk Jacques Bolle
Tweede Vlag van Frankrijk Thierry Espié
Derde Vlag van Frankrijk Christian Sarron
125 cc
Poleposition Vlag van Spanje Ricardo Tormo
Snelste ronde Vlag van Spanje Ángel Nieto
Eerste Vlag van Spanje Ángel Nieto
Tweede Vlag van Zwitserland Bruno Kneubühler
Derde Vlag van Zwitserland Hans Müller
Zijspan
Poleposition Vlag van Nederland Egbert Streuer/Vlag van Nederland Bernard Schnieders
Snelste ronde Vlag van Nederland Egbert Streuer/Vlag van Nederland Bernard Schnieders
Eerste Vlag van Nederland Egbert Streuer/Vlag van Nederland Bernard Schnieders
Tweede Vlag van Frankrijk Alain Michel/Vlag van Frankrijk Claude Monchaud
Derde Vlag van Verenigd Koninkrijk Derek Jones/Vlag van Verenigd Koninkrijk Brian Ayres

AlgemeenBewerken

De Auto-Cycle Union had maatreglen getroffen na de vreemde training in 1982, toen er motoren van verschillende cilinderinhoud tegelijk in de baan waren, wat resulteerde in een vreselijk zwaar ongeluk waarbij Patrick Igoa, Jack Middelburg en Barry Sheene betrokken raakten. Nu kreeg elke klasse twee uur training voor zichzelf. In de hele trainingsweek brandde de zon op het circuit, maar op de racedag was het wisselvallig, waardoor de 500cc-race in twee manches werd gesplitst.

500cc-klasseBewerken

De beste start had Ron Haslam, terwijl de Yamaha van Kenny Roberts zoals gewoon slecht startte. Haslam werd meteen terechtgewezen door teamgenoot Freddie Spencer, die er samen met Randy Mamola vandoor ging. Al na enkele ronden werd Spencer gepasseerd door Mamola en de inmiddels aangesloten Roberts. Zij vormden gedrieën een kopgroepje met een flinke voorsprong op de rest van het veld. In de vijfde ronde gebeurde de aanrijding tussen Norman Brown en Peter Huber, waarna de race in de zesde ronde werd gestaakt. Er werd vervolgens met het manche-systeem gewerkt, waarbij de eerst gefishte (Roberts) 1 punt kreeg, tweede man Spencer 2 punten, Mamola 3 enzovoort. De tweede race over 23 ronden leverde dan weer dezelfde puntentelling op en bij een gelijk aantal punten telde de opgetelde racetijd van beide manches. Nu vormde zich een kopgroep van vier man: Roberts, Spencer, Mamola en Eddie Lawson, die in de eerste manche voorzichtig was begonnen omdat hij niet gewend was om op een enigszins vochtige baan te rijden. Al vroeg brak deze groep en gingen Spencer en Roberts ervandoor, maar Spencer kon niet bij Roberts blijven en viel terug, zodat de vechtende Lawson en Mamola weer bij hem kwamen. Daardoor ontstond een mooi gevecht om de tweede plaats, dat op de finish beslist werd in het voordeel van Lawson, voor Mamola en Spencer. Er moest nu een rekensom gemaakt worden, want na twee manches had Roberts 2 punten, maar zowel Mamola, Lawson als Spencer hadden 6 punten. Na het optellen van de tijden bleek Spencer uiteindelijk met 0,09 seconden tweede te zijn, Mamola derde en Lawson vierde. Hierdoor behield Spencer een voorsprong van twee punten in het kampioenschap.

Uitslag 500cc-klasseBewerken

Ongeluk van Norman Brown en Peter Huber
In de vijfde ronde ging de Suzuki van Norman Brown stuk op Hangar Straight bij het aansturen van Stowe Corner. Hij stak zijn hand omhoog om de achteropkomende rijders te waarschuwen en bleef uiterst links rijden. Daarmee reed hij wel op de ideale lijn, maar dat was op het enorm brede circuit geen probleem. Bij het uitkomen van de bocht week Brown echter van zijn lijn af (waarschijnlijk om de ideale lijn te verlaten en aan de binnenkant van de baan te gaan rijden), maar daardoor moesten zijn achtervolgers hem plotseling ontwijken. Dat lukte Rob Punt nog net, maar Peter Huber reed achter op de machine van Brown, die ter plaatse overleed. Huber kreeg onderweg naar het ziekenhuis een hartstilstand en overleed eveneens.
Verwarring over vlaggen
Na het ongeval, waarbij Huber en Brown nog op de baan lagen, ontstond er een enorme verwarring, die de ACU ook veel (onterechte) kritiek opleverde. Een aantal coureurs (Roberts, Spencer en Mamola) reed gewoon door, terwijl anderen onder aanvoering van Barry Sheene de pit binnenreden. BBC-presentator Murray Walker vond dat de coureurs verantwoordelijk hadden gehandeld door op eigen initiatief de race te stoppen en zelfs een week later noemde het motorblad Moto 73 wedstrijdleider Vernon Cooper "te oud voor een dergelijke verantwoordelijke functie". Feit was echter dat de baanposten de gekruiste olievlag en gele vlag hadden getoond, hetgeen betekende dat de wedstrijd werd gestaakt. Sheene verklaarde dat ook meteen in een interview: "ik ben gestopt omdat de gekruiste vlaggen werden getoond. Daar zijn ze immers voor". Het betekende wel dat de Amerikaanse rijders, waarvan Roberts toch al dertien jaar GP's reed, de regels niet kenden.
Suzuki
Na afloop van de Belgische Grand Prix stond het door HB-gesponsorde team van Suzuki er slecht voor. De Britse tak (Heron-Suzuki-GB), dat ook de zorg voor Toni Mang had, was al het hele seizoen aangewezen op Randy Mamola, want Mang had in de winter voor het raceseizoen een knieblessure opgelopen bij het skiën en had nog geen enkele race gereden. De Italiaanse tak (HB-Gallina-Suzuki) had zelfs geen enkele fitte coureur meer. Loris Reggiani was herstellende van een zware blessure en Franco Uncini had een zwaar ongeval tijdens de TT van Assen gehad. Door de pauze van drie weken tot de Britse GP konden er wel plannen gemaakt worden, waarbij het vooral ging om het vinden van een vervanger voor Uncini. De Britten wilden diens motorfietsen ter beschikking stellen aan Barry Sheene, de Italianen hadden een voorkeur voor de Zwitser Sergio Pellandini. De fabriek moest echter de beslissing nemen en daar was Sheene niet populair. Zij kozen Boet van Dulmen, die het fabrieksmateriaal van 1983 kreeg, terwijl Pellandini ook fabrieksmateriaal kreeg, maar dat was een jaar oud. HB sponsorde wel nog twee privérijders: Rob McElnea en Barry Sheene. De drie weken pauze waren wel lang genoeg om zowel Toni Mang als Loris Reggiani weer fit genoeg te krijgen. Voor Toni Mang was de Britse Grand Prix niet alleen zijn eerste van het seizoen, het was ook zijn eerste 500cc-Grand Prix.

Volgens de officiële lezing van Suzuki was de verdeling van de motorfietsen als volgt:

  • Randy Mamola had de laatste versie van de fabrieksracer van 1983
  • Loris Reggiani en Boet van Dulmen een oudere versie uit 1983
  • Toni Mang en Barry Sheene machines uit 1982 met eigen frames
  • Sergio Pellandini een RG 500 Gamma uit 1982
  • Rob McElnea een aangepaste RG 500 Gamma productieracer.

Van deze lezing klopte echter niet veel. Roberto Gallina had immers de beschikking over de fabrieksracers van Franco Uncini, die eigenlijk naar Boet van Dulmen zouden gaan, maar hij zette zijn zin door en gaf ze aan Pellandini. Zo kwam Boet van Dulmen met een samenraapsel van een 1982 machine, op het laatste moment opgebouwd uit onderdelen van een XR 30 en een XR 45. Daar kon hij geen vuist mee maken en uiteindelijk kon hij zich met zijn eigen privé-Suzuki met Bakker-frame nog net als 26e kwalificeren voor de race.

Pos Coureur Merk Tijd Grid Punten
1   Kenny Roberts Marlboro-Yamaha 42"19'07 1 15
2   Freddie Spencer HRC-Honda + 4'11 2 12
3   Randy Mamola HB-Suzuki + 4'20 3 10
4   Eddie Lawson Marlboro-Yamaha + 8'37 4 8
5   Marc Fontan Sonauto-Yamaha + 30'75 5 6
6   Takazumi Katayama HRC-Honda + 31'48 7 5
7   Ron Haslam HRC-Honda + 41'25 6 4
8   Boet van Dulmen Bakker-Suzuki + 1"13'91 26 3
9   Barry Sheene HB-Suzuki + 1"13'92 19 2
10   Paul Lewis Suzuki + 1"26'65 1
11   Keith Huewen Suzuki
12   Toni Mang HB-Suzuki 10
13   Chris Guy Suzuki
14   Mark Salle Suzuki
15   Kevin Wrettom Suzuki
16   Wayne Gardner Honda 9
17   Steve Henshaw Suzuki
18   Franck Gross Honda
19   Alan Irwin Suzuki
20   Rob Punt Suzuki 39
21   Con Law Suzuki
22   Peter Sjöström Suzuki
23   Maurizio Massimiani Honda
24   Philippe Coulon Suzuki
DNF   Marco Lucchinelli HRC-Honda
DNF   Jack Middelburg Honda Vastloper 11
DNF   Sergio Pellandini HB-Suzuki Val[2] 8
DNF   Wolfgang von Muralt Suzuki
DNF   Leandro Beccheroni Suzuki
DNF   Virginio Ferrari Cagiva
DNF   Loris Reggiani HB-Gallina-Suzuki
DNF   Norman Brown Suzuki Ongeluk (†)
DNF   Peter Huber Suzuki
DNF   Steve Parrish Yamaha
DNF   Didier de Radiguès Honda
DNF   Gary Lingham Suzuki
DNF   Dave Dean Suzuki
DNF   Rob McElnea HB-Suzuki
DNQ   Franco Uncini HB-Gallina-Suzuki Blessure
DNQ   Raymond Roche Honda Afwezig[3]
DNQ   Gianni Pelletier Honda
DNQ   Fabio Biliotti Honda
DNQ   Marco Greco Suzuki
DNQ   Jon Ekerold Suzuki
DNQ   Corrado Tuzzi Suzuki
DNQ   Bent Slydal Suzuki
DNQ   Andreas Hofmann Suzuki
DNQ   Dennis Ireland Suzuki

Top tien tussenstand 500cc-klasseBewerken

Pos. Coureur Merk Ptn.
1   Freddie Spencer HRC-Honda 117
2   Kenny Roberts Marlboro-Yamaha 115
3   Randy Mamola HB-Suzuki 80
4   Takazumi Katayama HRC-Honda 67
5   Eddie Lawson Marlboro-Yamaha 62
6   Marc Fontan Sonauto-Yamaha 49
7   Marco Lucchinelli HRC-Honda 35
8   Franco Uncini HB-Gallina-Suzuki 30
9   Ron Haslam HRC-Honda 27
10   Raymond Roche Honda 17

250cc-klasseBewerken

Carlos Lavado had maar één opdracht: Vóór Didier de Radiguès finishen, want zelfs met één punt verschil zou zijn wereldtitel zeker zijn. De training was al vreselijk spannend, want het hele startveld van 53 rijders stond binnen 2½ seconde, met Patrick Fernandez op poleposition. Nadat Martin Wimmer even had geprobeerd alleen weg te komen ontstond er weer een enorme kopgroep: Jacques Bolle, Thierry Espié, Patrick Fernandez, Teruo Fukuda, Carlos Lavado, Didier de Radiguès, Thierry Rapicault, Reinhold Roth, Christian Sarron en Martin Wimmer. De hele race wisselden de posities in deze groep en tot de laatste meter bleef het spannend. Espié stuurde als eerste de laatste bocht (Woodcote) in, maar werd binnendoor gepasseerd door Bolle, die zijn eerste Grand Prix won, maar ook de eerste Grand Prix voor Pernod. Lavado werd vierde, maar dat was ver voor De Radiguès en daarmee haalde hij de wereldtitel binnen.

Uitslag 250cc-klasseBewerken

Pos Coureur Merk Tijd Grid Punten
1   Jacques Bolle Pernod 38"22'29 10 15
2   Thierry Espié Chevallier-Yamaha + 0'17 5 12
3   Christian Sarron Sonauto-Yamaha + 0'29 6 10
4   Carlos Lavado Venemotos-Yamaha + 0'31 4 8
5   Martin Wimmer Mitsui-Yamaha + 0'40 2 6
6   Reinhold Roth Fath-Yamaha + 1'62 7 5
7   Teruo Fukuda Yamaha + 1'82 4
8   Thierry Rapicault Sonauto-Yamaha + 1'82 3
9   Didier de Radiguès Chevallier-Yamaha + 2'66 3 2
10   Graeme McGregor Bartol + 20'27 1
11   Carlos Cardús JJ Cobas-Rotax + 37'70
12   Harald Eckl Yamaha + 37'88
13   Herbert Bessendörfer Yamaha + 38'00
14   Alan Carter Yamaha + 38'28
15   Alan North Yamaha
16   Iván Palazzese Venemotos-Yamaha + 38'59
17   Paul Tinker[4] Mitsui-Yamaha + 38'67 9
18   Jean-Michel Mattioli Yamaha + 39'87
19   Donnie McLeod Yamaha + 41'57
20   Graham Young Waddon-Rotax + 41'57
21   Jean-Louis Guignabodet Rotax + 43'59
22   Tony Head Armstrong-Rotax + 58'63
23   Chris Oldfield Armstrong-Rotax + 59'83
24   Andy Watts EMC-Rotax + 1"21'06
25   Kiyotaka Sakai Yamaha + 1"34'36
26   Con Law EMC-Rotax + 1"35'28
27   Bruno Lüscher Yamaha + 1 ronde
28   Peter Looijesteijn Waddon-Rotax + 1 ronde 36
29   Éric Saul Rotax + 1 ronde
30   Edwin Weibel Yamaha + 1 ronde
DNF   Hervé Guilleux Kawasaki Val
DNF   Patrick Fernandez Yamaha Uitlaat 1
DNF   Roland Freymond Armstrong-Rotax
DNF   Jean-Marc Toffolo Morena-Rotax
DNF   Christian Estrosi Pernod
DNF   Bernard Fau[5] Chevallier-Yamaha
DNF   Jean-Louis Tournadre Sonauto-Yamaha 8
DNF   Eilert Lundstedt Yamaha
DNF   Siegfried Minich Rotax
DNF   Mar Schouten Waddon-Rotax 32
DNF   René Delaby Armstrong-Rotax
DNQ   Manfred Herweh Real-Rotax Blessure[6]
DNQ   Donnie Robinson Mitsui-Yamaha Blessure
DNQ   Jean-François Baldé Chevallier-Yamaha Blessure
DNQ   Jacques Cornu Hostettler-Yamaha Afwezig[3]
DNQ   Guy Bertin MBA Afwezig[3]
DNS   Sito Pons JJ Cobas-Rotax Blessure

Top tien tussenstand 250cc-klasseBewerken

Pos. Coureur Merk Ptn.
1   Carlos Lavado (wereldkampioen) Venemotos-Yamaha 90
2   Didier de Radiguès Chevallier-Yamaha 65
3   Christian Sarron Sonauto-Yamaha 58
4   Thierry Espié Chevallier-Yamaha 55
5   Hervé Guilleux Kawasaki 51
6   Martin Wimmer Mitsui-Yamaha 44
7   Manfred Herweh Real-Rotax 40
8   Jean-François Baldé Chevallier-Yamaha 32
  Jacques Cornu Hostettler-Yamaha
10   Patrick Fernandez Bimota-Bartol/Yamaha 26

125cc-klasseBewerken

Door het uitvallen van Eugenio Lazzarini, die zeer waarschijnlijk ook niet in de Zweedse GP zou starten, had Ángel Nieto plotseling aan een derde plaats genoeg om wereldkampioen te worden. Tijdens de trainingen had hij zich vooral beziggehouden met het wegwijs maken van teamgenoot Fausto Gresini, die het circuit nog niet kende. Erich Klein had de beste start, maar viel al in de tweede ronde, waardoor Ricardo Tormo aan de leiding kwam. Nieto, Pier Paolo Bianchi en August Auinger hadden een slechte start; de kopgroep bestond naast Tormo uit Hans Müller, Bruno Kneubühler en Willy Pérez. Nieto vond aansluiting bij deze groep, maar bemoeide zich voorlopig niet met de strijd om de posities. Pas in de laatste ronde nam hij de leiding over en won hij de race met slechts 0,1 seconde voorsprong op Kneubühler.

Uitslag 125cc-klasseBewerken

Pos Coureur Merk Tijd Grid Punten
1   Ángel Nieto Garelli 33"52'34 5 15
2   Bruno Kneubühler MBA + 0'11 3 12
3   Hans Müller Seel-MBA + 0'22 9 10
4   Willy Pérez MBA + 1'25 7 8
5   August Auinger MBA + 12'38 4 6
6   Fausto Gresini Garelli + 32'83 8 5
7   Jean-Claude Selini MBA + 33'06 4
8   Henk van Kessel MBA + 34'35 15 3
9   Maurizio Vitali MBA + 34'53 2
10   Pierluigi Aldrovandi MBA + 46'64 1
11   Gerhard Waibel Seel-MBA + 47'45
12   Olivier Liegeois Sanvenero + 47'88
13   Pier Paolo Bianchi Sanvenero + 47'91 2
14   Anton Straver MBA + 54'91 20
15   Helmut Lichtenberg MBA + 1"08'93
16   Peter Sommer MBA + 1 ronde
17   Robin Appleyard MBA + 1 ronde
18   Janez Pintar MBA + 1 ronde
19   Tony Smith MBA + 1 ronde
20   Willem Heykoop Sanvenero + 1 ronde 14
21   Werner Schmied Sanvenero + 1 ronde
22   Chris Leah MBA + 1 ronde
23   Thomas Møller-Pedersen MBA + 1 ronde
24   Robert Hmeljak MBA + 2 ronden
DNF   Ricardo Tormo MBA Vastloper 1
DNF   Johnny Wickström MBA
DNF   Stefano Caracchi MBA
DNF   Lucio Pietroniro MBA 10
DNF   Erich Klein MBA Val 6
DNF   Libero Piccirillo MBA
DNF   Hugo Vignetti MBA
DNF   Jacky Hutteau MBA
DNF   Bady Hassaine MBA
DNF   Paul Bordes MBA
DNS   Per-Edvard Carlsson MBA
DNS   Alfred Waibel Real
DNQ   Stefan Dörflinger MBA Blessure[7]
DNQ   Eugenio Lazzarini Garelli Blessure[8]
DNS   Giuseppe Ascareggi MBA

Top tien tussenstand 125cc-klasseBewerken

Pos. Coureur Merk Ptn.
1   Ángel Nieto (wereldkampioen) Garelli 102
2   Eugenio Lazzarini Garelli 67
3   Bruno Kneubühler MBA 61
4   Ricardo Tormo MBA 46
5   Maurizio Vitali MBA 43
6   Johnny Wickström MBA 34
7   Pier Paolo Bianchi Sanvenero 30
8   Hans Müller Seel-MBA 26
9   Fausto Gresini MBA/Garelli 25
10   Jean-Claude Selini MBA 20

ZijspanklasseBewerken

Rolf Biland deed er in de trainingen alles aan om de snelste tijd van Egbert Streuer te verbeteren. Uiteindelijk monteerde hij zelfs speciale kwalificatiebanden, maar hij verdrong Streuer niet van de poleposition. Streuer startte echter zeer slecht en zo kwam Biland na de eerste ronde als eerste door, voor Derek Jones en Alain Michel. Na vijf ronden zakte Biland terug naar de derde plaats, naar later bleek omdat zijn motor onvoldoende toeren maakte. Michel leidde nu voor Jones, maar in de 17e ronde sloot Streuer eindelijk aan bij de kopgroep en nam hij de leiding in de race over. Michel zag meteen in dat het volgen van Streuer zinloos was en stelde zich tevreden met de tweede plaats. Biland was toen vijfde, maar vlak voor de finish nam hij de vierde plaats over van Steve Webster.

Uitslag zijspanklasseBewerken

Pos Coureur Bakkenist Merk Tijd Grid Punten
1   Egbert Streuer   Bernard Schnieders LCR-Yamaha 31"42'39 1 15
2   Alain Michel   Claude Monchaud Krauser-LCR-Yamaha 31"45'35 3 12
3   Derek Jones   Brian Ayres LCR-Yamaha 31"50'09 4 10
4   Rolf Biland   Kurt Waltisperg Krauser-LCR-Yamaha 31"15'02 2 8
5   Steve Webster   Tony Hewitt Yamaha 32"15'13 6
6   Werner Schwärzel   Andreas Huber Krauser-Seymaz-Yamaha 6 5
7   Masato Kumano   Kunio Takeshima LCR-Yamaha 5 4
8   Wolfgang Stropek   Hans-Peter Demling LCR-Yamaha 8 3
9   Keith Cousins   Phil Hookham Yamaha 2
10   Hans Hügli   Karl Paul Seymaz-Yamaha 9 1

Top tien tussenstand zijspanklasseBewerken

Pos. Coureur Bakkenist Merk Ptn.
1   Rolf Biland   Kurt Waltisperg Krauser-LCR-Yamaha 68
2   Egbert Streuer   Bernard Schnieders LCR-Yamaha 52
3   Werner Schwärzel   Andreas Huber Krauser-Seymaz-Yamaha 47
4   Alain Michel   Claude Monchaud Krauser-LCR-Yamaha 39
5   Masato Kumano   Kunio Takeshima LCR-Yamaha 30
6   Trevor Ireson   Ashley Wooller en
  Donnie Williams
Ireson-Yamaha 20
  Derek Jones   Brian Ayres LCR-Yamaha
8   Theo van Kempen   Geral de Haas LCR-Yamaha 16
9   Frank Wrathall   Phil Spendlove Seymaz-Yamaha 14
10   Mick Barton   Simon Birchall Windle-Yamaha 13
  Alfred Zurbrügg   Martin Zurbrügg Seymaz-Yamaha

TriviaBewerken

Boze wereldkampioenBewerken

Carlos Lavado was weliswaar wereldkampioen 250 cc geworden, maar hij was er zelf van overtuigd dat hij in de race als derde was geëindigd en wilde op het erepodium plaatsnemen. Hij werd door de organisatie weggestuurd en zo liep een woedende wereldkampioen door het rennerskwartier.

Snelle leerlingBewerken

Eddie Lawson was geen liefhebber van natte circuits. In de Verenigde Staten werden races immers bij de minste regenval gestaakt en hij was natte banen dan ook niet gewend. In Silverstone liet hij echter zien hoe snel hij van anderen kon leren. Tijdens de training had hij van teamgenoot Kenny Roberts al een aantal ronde les gehad in de juiste lijnen en de rempunten. Tijdens de eerste manche, toen de baan vochtig was, durfde hij niet bij de kopgroep aan te sluiten omdat hij geen idee had hoever hij kon gaan op zijn slicks. Hij keek echter naar de rijders om hem heen en besloot dat hij hetzelfde moest kunnen. Zo werd hij in die manche vierde. In de tweede manche was het ook vochtig, maar nu was Lawson al volleerd en hij reed gedecideerd naar de tweede plaats.

Vorige race:
Grand Prix-wegrace van België 1983
FIM wereldkampioenschap wegrace
35e seizoen (1983)
Volgende race:
Grand Prix-wegrace van Zweden 1983

Vorige race:
Grand Prix-wegrace van Groot-Brittannië 1982
Grand Prix-wegrace van Groot-Brittannië Volgende race:
Grand Prix-wegrace van Groot-Brittannië 1984
1989:JAP · AUS · VST · SPA · NAT · DUI · OOS · JOE · NED · BEL · FRA · GBR · ZWE · TSL · BRA
1988:JAP · VST · SPA · POR · NAT · DUI · OOS · NED · BEL · JOE · FRA · GBR · ZWE · TSL · BRA
1987:JAP · SPA · DUI · NAT · OOS · JOE · NED · FRA · GBR · ZWE · TSL · SMR · POR · BRA · ARG
1986:SPA · NAT · DUI · OOS · JOE · NED · BEL · FRA · GBR · ZWE · SMR · BAD
1985:ZAF · SPA · DUI · NAT · OOS · JOE · NED · BEL · FRA · GBR · ZWE · SMR
1984:ZAF · NAT · SPA · OOS · DUI · FRA · JOE · NED · BEL · GBR · ZWE · SMR
1983:ZAF · FRA · NAT · DUI · SPA · OOS · JOE · NED · BEL · GBR · ZWE · SMR
1982:ARG · OOS · FRA · SPA · NAT · NED · BEL · JOE · GBR · ZWE · FIN · TSL · SMR · DUI
1981:ARG · OOS · DUI · NAT · FRA · SPA · JOE · NED · BEL · SMR · GBR · FIN · ZWE · TSL
1980:NAT · SPA · FRA · JOE · NED · BEL · FIN · GBR · TSL · DUI