Hoofdmenu openen

Gender (identiteitsaspect)

psychische en sociale aspecten van sekse

BetekenisBewerken

Het begrip gender wordt gebruikt in veel verschillende contexten en het is een politiek beladen begrip, waardoor de betekenis onstabiel is. Maar in de meest algemene definitie refereert gender aan de sociaalculturele aspecten van het man- of vrouw-zijn. Gender staat zo tegenover sekse, dat betrekking heeft op de biologische verschillen tussen mannen en vrouwen. Veelal wordt aangenomen dat Robert Stoller als eerste dat onderscheid tussen gender en sekse maakte, in zijn boek (1968) Sex and Gender: On the Development of Masculinity and Femininity.[bron?]

Gender en feminismeBewerken

 
Kunstwerk van Willy Fokke getiteld "gender blender"

In de feministische theorievorming neemt het onderscheid tussen sekse en gender een bijzondere plaats in. De feministische schrijfster die het onderscheid tussen sekse en gender heeft geïntroduceerd in het feministische denken was Ann Oakley, zij schreef de invloedrijke tekst Sex, Gender and Society in 1972. Oakley was de eerste die het concept van gender in verband bracht met een theorie over de ongelijkheid en de onderdrukking van vrouwen. Met hun onderscheid tussen sekse en gender vielen feministen een wereldwijd geaccepteerde theorie aan die stelt dat verschillen tussen mannen en vrouwen ‘natuurlijk’ zijn, dat ze komen door genitale en genetische verschillen en dus onmogelijk te veranderen zijn. Deze theorie over man/vrouwrollen (ontwikkeld door Parsons en Bales (1956)) was, voordat de tweede feministische golf opkwam, het dominante sociologische perspectief in studies naar de relaties tussen mannen en vrouwen. Parsons en Bales opperen dat er in een gezin in een kapitalistisch geïndustrialiseerde samenleving behoefte was aan rolspecialisatie; verschillende sociale functies vereisen verschillende persoonlijke karaktertrekken. De instrumentele rollen waren weggelegd voor mannen in de keiharde wereld van de economische competitie. Daarvoor moesten mannen agressief, meedogenloos en intellectueel zijn. Vrouwen hadden expressieve rollen, waarin ze moesten verzorgen. De rollen waren onderling niet uitwisselbaar. Deze theorie werd onderbouwd door de biologische kijk op de voortplantingsfunctie van vrouwen en hun hormonen, die van hen ‘natuurlijke’ zorgdragers maken. Sociobiologen stelden dat hun rol als ‘jagers’, hun mannelijke fysiek en hun hormonen mannen ‘van nature’ agressief en competitief maken. Deze theorie vormde de rechtvaardiging voor het type gezin dat in de jaren vijftig overheersend was in de Verenigde Staten, het traditionele broodwinner/huisvrouw-gezin.

In het modernisme richtte het feminisme zich zoals gezegd vooral op de ongelijkheid tussen man en vrouw. ‘Verlichting’ was het centrale begrip voor de feministen in de moderne tijd. In het postmodernisme vond er een verschuiving plaats in de feministische analyse van gender. Steeds meer richtten feministen een kritische blik op hun eigen aannames, in plaats van op de genderongelijkheden in de wereld. Feministen werden meer zelfkritisch en reflecteerden op hun eigen procedures.

In het huidige tijdperk is de vorming van gender en identiteit nog altijd een groot onderwerp van studie. In 1990 schreef Amerikaans filosofe en feministe Judith Butler het boek Gender Trouble. Hierin betoogt ze dat gender en identiteit niet vastliggen in het brein, maar als het ware wordt 'geacteerd', wat gender performativity heet. Ons gender ligt volgens haar niet vast bij de geboorte; mensen krijgen van buitenaf (opvoeding, educatie, media) gewoontes aangereikt die als normaal worden beschouwd en bij hun gender zouden passen. Zij wennen zich deze gewoontes aan, en omdat zij ze blijven herhalen bevestigen ze telkens opnieuw dat ze bij een bepaald gender horen. Dus niet 'ik draag make-up omdat ik vrouw ben' maar 'ik ben vrouw omdat ik make-up draag'.

Gender en lichaamBewerken

De betekenis van het lichaam is in de moderne tijd veranderd. Geschiedkundigen en antropologen hebben de classificaties van mannelijke en vrouwelijke lichamen en de bijbehorende culturele expressies van mannelijkheid en vrouwelijkheid door de eeuwen heen in kaart gebracht. Een voorbeeld is Thomas W. Laqueur. In de jaren 1990 bestudeerde hij medische en filosofische literatuur en onderzocht de verschuiving van het ‘one-sex’- naar het ‘two-sex’-model van het lichaam. Deze verschuiving illustreert het veranderde begrip van de grenzen tussen het mannelijke en het vrouwelijke.[bron?]

Mannen kunnen dus een vrouwelijke identiteit hebben en omgekeerd vrouwen een mannelijke genderidentiteit. Deze geslachtelijke identiteit is dus het gevoel lichamelijk tot een bepaalde sekse, dan wel emotioneel en/of maatschappelijk tot een bepaalde gender te behoren. Bij een genderidentiteit die niet eenduidig of wisselend is spreekt men van een labiele identiteitsbeleving; wanneer er sprake is van een tegenstelling met de getoonde sekse of gender spreekt men van genderdysforie. Transgenders noemen het dan een transgenderidentiteit.[bron?]

Mannen- en vrouwenrollenBewerken

Het gebruik van het begrip gender betekent een relativering van de verbinding tussen de biologische status (sekse) en identiteit (zelf-gevoel). De invulling van mannen- en vrouwenrollen is in allerlei culturen verschillend. De studies van Margaret Mead (1901-1978) hebben veel bijgedragen aan het inzicht hierin. In de loop van de geschiedenis hebben mannen- en vrouwenrollen een ontwikkeling doorgemaakt.

Gender wordt ook gebruikt als sociologische term om seksegebonden maatschappelijke verschillen mee te kunnen analyseren.[bron?]

Studie en institutiesBewerken

Veel vrouweninstituten veranderden in de jaren negentig en begin van deze eeuw hun identiteit van vrouwenemancipatie-instituut naar genderinstituut. Voorbeelden van deze verandering zijn het Tijdschrift voor genderstudies en het Clara Wichmann Instituut. Dit laatste bleef zich, tot zijn opheffing in 2004, ondanks zijn formele identiteitswijziging statutair beperken tot het behartigen van vrouwenbelangen.[bron?]

Zie ookBewerken

Externe linksBewerken

  • Bradley, H. (2007) Gender. Cambridge, Malden: Polity Press.
  • Butler, Judith. (1990) Gender Trouble. Routledge: UK.
  • Mac an Ghaill, M., Haywood, C. (2007) Gender, Culture and Society. Contemporary Femininities and Masculinities. New York: Palgrave Macmillan.
  • Swaab, Dick. (2010) Wij zijn ons brein. Amsterdam: Atlas Contact.

Oudheid: Oude Rome · Oude Egypte

Middeleeuwen:


Vroegmoderne tijd: Rusland

Moderne tijd: Nazi-Duitsland · Rusland · Sovjet-Unie

Heden: Nederland · Rusland ·

Sierra Leone