Geloof

gedrag
Zie Geloof (doorverwijspagina) voor andere betekenissen van Geloof.

Geloof of geloven is de mentale toestand waarin iemand aanneemt - maar niet weet - dat iets het geval is. Anders gezegd, het is de mentale toestand waarin iemand zonder bewijs aanneemt dat een propositie of premisse waar (of onwaar) is. In de epistemologie gebruiken filosofen de term 'geloof' om te verwijzen naar houdingen over de wereld die waar of onwaar kunnen zijn.[1]

Historische opvattingen over geloofBewerken

In de context van het oude Griekse denken werden drie gerelateerde concepten geïdentificeerd met betrekking tot het concept van geloof: πίστις (pistis), doxa en dogma. Vereenvoudigd, pistis verwijst naar "vertrouwen", doxa verwijst naar "mening" en "acceptatie", en dogma verwijst naar de posities van een filosoof of van een filosofische school zoals het stoïcisme.

Het Latijnse woord credere (van cor dare: "geven / doneren van het hart") is direct verwant aan de oude Indogermaanse wortel sraddha- ("geloven") en is een zeer oude verbaalsamenstelling. De componenten betekenen "hart" en "zetten, plaatsen, leggen", dus samengevoegd zoiets als "legt zijn hart op iets".

ReligieBewerken

  Zie Geloof (religieus) voor het hoofdartikel over dit onderwerp.

In de context van religie is geloof het vertrouwen in of de overtuiging van de juistheid van een specifiek systeem van religieuze opvattingen waarvoor geen bewijs is.

In het dagelijks spraakgebruik wordt geloof ook als synoniem gebruikt van religie of godsdienst: "Welk geloof heeft u?" betekent in de regel "Tot welke religie / godsdienst behoort u?"