Eva's ongelijke kinderen

literair werk

De ongelijke kinderen van Eva of Eva's ongelijke kinderen is een sprookje uit Kinder- und Hausmärchen met volgnummer KHM180, opgetekend door de gebroeders Grimm. De oorspronkelijke naam is Die ungleichen Kinder Evas.

Het verhaalBewerken

Leeswaarschuwing: Onderstaande tekst bevat details over de inhoud of de afloop van het verhaal.

Nadat Adam en Eva uit het paradijs verdreven waren, moesten ze hun huis bouwen op onvruchtbare grond. Adam spit het land om en Eva spint wol. Elk jaar brengt Eva een kind op de wereld, maar ze zijn niet gelijk. Na een tijd stuurt God een engel en deze vertelt dat God het huis wil inspecteren. Eva versiert het huis met bloemen en strooit biezen over de vloer. Ze doet de mooie kinderen in bad en kamt hun haar, ze krijgen pasgewassen hemden en horen van Eva dat ze zich moeten gedragen voor God. De lelijke kinderen verstopt Eva onder het hooi; onder het dak, in het stro, in de haard, in de kelder, onder een ton, in een wijnvat, onder haar bontjas en de negende en tiende onder het stof waar ze kleren van maakt en de elfde en twaalfde onder het leer voor de schoenen.

Als de Heer langskomt, staan de mooie kinderen op een rij en geven hem een hand. Ze knielen en God zegent hen; één wordt een machtige koning, de tweede een prins, de derde graaf, de vierde ridder, de vijfde edelman, de zesde burger, de zevende koopman, de achtste geleerde en ieder kreeg zijn zegen. Eva haalt dan de lelijke kinderen tevoorschijn, ze zijn vuil. De Heer glimlacht en bekijkt ze. De eerste wordt boer, de tweede visser, de derde smid, de vierde leerlooier, de zesde schoenmaker, de zevende kleermaker, de achtste pottenbakker, de negende voerman, de tiende schipper, de elfde bode en de twaalfde huisknecht.

Eva is beledigd en zegt dat het allen haar kinderen zijn. Ze vraagt waarom de zegen zo ongelijk wordt verdeeld. God vertelt dat er niemand voor het voedsel zal zorgen als iedereen prins en heer wordt. Ieder moet in zijn eigen stand leven en de één onderhoud de ander, zoals ledematen aan een lichaam groeien. Eva ziet haar vergissing in en de goddelijke wil geschied haar kinderen.

Achtergronden bij het sprookjeBewerken

  • Het sprookje naar de gelijknamige klucht van Hans Sachs (1553) die het thema weer had overgenomen van een verhaal uit 1509.
  • Het is verwant met een verhaal uit de Edda, waarin een god naar de aarde afdaalt om er het verschil in standen aan te brengen.
  A · B · C · D · E · F · G · H · I · J · K · L · M · N · O · P · Q · R · S · T · U · V · W · X · Y · Z  

A

Assepoester · De anjer · De arme en de rijke · De arme jongen in het graf · De arme molenaarsknecht en het katje · Het aardmanneke ·

B

Berenpels · Bontepels · Broertje en zusje · Bruidskeuze · De bijenkoningin · De boden van de dood · De boer en de duivel · De Bremer stadsmuzikanten · De broodkruimels op de tafel · De bruiloft van vrouw Vos · De dood als peet · Het blauwe licht · Het boerke · Het boerke in de hemel · Het boshuis ·

D

De dood van het hennetje · De dorsvlegel uit de hemel · De drie broers · De drie gelukskinderen · De drie handwerksgezellen · De drie heelmeesters · De drie luiaards · De drie mannetjes in het bos · De drie slangenbladeren · De drie spinsters · De drie talen · De drie veren · De drie vogeltjes · De drie zwarte prinsessen · De duivel en zijn grootmoeder · De duivel met de drie gouden haren · De duur van het leven · Dokter Weetal · Doornroosje · Duimendik · Duimpje de wereld in · Het dappere snijdertje · Het doodshemdje ·

E

Eenoogje, tweeoogje en drieoogje · Eva's ongelijke kinderen · Het eigenzinnige kind · Het ezeltje ·

F

Frieder en Katherliesje ·

G

De ganzenhoedster · De ganzenhoedster aan de bron · De gauwdief en zijn meester · De geest in de fles · De geschenken van het kleine volkje · De gestolen duit · De glazen doodskist · De goede ruil · De gouden gans · De gouden sleutel · De gouden vogel · De goudkinderen · De Grafheuvel · De groente-ezel · Gelukkige Hans · Het gedierte van de Heer en de Duivel · Het gespuis ·

H

De haas en de egel · De hanenbalk · De hazelaar · De heldere zon brengt het aan het licht · De hemelse bruiloft · De hoefnagel · De hond en de mus · De huishouding · Hans en Grietje · Hans viert bruiloft · Hans-mijn-egel · Hazekebruid · Het herdersjongetje · Het huishouden van kat en muis ·

I

De ijzeren kachel · IJzeren Hans ·

J

De jonge reus · De jood in de doornstruik · Jonkvrouw Maleen · Jorinde en Joringel ·

K

De kabouters · De kikkerkoning · De kleermaker in de hemel · De koning van de gouden berg · De koningszoon die nergens bang voor was · De korenaar · De kristallen bol · Het kind van Maria · Klitten · Klosje, schietspoel en naald · Knappe Elsje · Knoest en zijn drie zonen · Koning Lijsterbaard ·

L

De laarzen van buffelleer · De luie spinster · Het lammetje en het visje · Het leugensprookje uit Ditmar · Lief en leed samen delen · Luie Hein · Luisje en Vlootje ·

M

De maan · De meesterdief · De mus en zijn vier kinderen · Het mannetje dat jong gegloeid werd · Het meisje zonder handen · Het meiske van Brakel · Het mooie Katrinelletje en Pief Paf Poltrie · Magere Liesje · Meester Priem · Meneer Korbes · Met z'n zessen de hele wereld rond ·

O

De ondankbare zoon · De oude bedelares · De oude grootvader en zijn kleinzoon · De oude Hildebrand · De oude Rinkrank · De oude Sultan · De oude vrouw in het bos · Op reis gaan ·

P

De peetoom ·

R

De raaf · De raap · De ransel, het hoedje en het hoorntje · De rattenvanger van Hamelen · De reus en de kleermaker · De roerdomp en de hop · De roetzwarte broer van de duivel · De roversbruidegom · Het raadsel · Raadselsprookje · Raponsje · Repelsteeltje · Roodkapje ·

S

De schol · De schrandere knecht · De sterrendaalders · De stukgedanste schoentjes · Het snuggere snijdertje · Het sprookje van Luilekkerland · Simeliberg · Slangensprookje · Slimme Grietje · Slimme Hans · Sneeuwwitje · Sneeuwwitje en Rozerood · Speelhans · Sprookje van iemand die erop uittrok om te leren griezelen · Sterke Hans · Strohalm, kooltje vuur en boontje ·

T

De trommelslager · De trouwe Johannes · De twaalf broeders · De twaalf jagers · De twaalf luie knechten · De twee gebroeders · De twee koningskinderen · De twee reisgezellen · Tafeltje dek je, ezeltje strek je en knuppel uit de zak · Trouwe Ferdinand en Ontrouwe Ferdinand ·

U

De uil ·

V

De verstandige boerendochter · De verstandige lieden · De vier kunstvaardige broers · De volleerde jager · De vos en de ganzen · De vos en de kat · De vos en de moeder van zijn petekind · De vos en het paard · Van de visser en zijn vrouw · Van de wachtelboom · Van het muisje, het vogeltje en de braadworst · Vleerkens vogel · Vogel Grijp · Vondevogel · Vrijer Roland · Vrolijke Frans · Vrouw Holle · Vrouw Trui ·

W

De ware bruid · De waternimf · De waternimf in de vijver · De witte slang · De witte en de zwarte bruid · De wolf en de mens · De wolf en de vos · De wolf en de zeven geitjes · De wonderlijke speelman · Het water des levens · Het winterkoninkje · Het winterkoninkje en de beer ·

Z

De zes dienaren · De zes zwanen · De zeven Zwaben · De zeven raven · De zingende springende leeuwerik · De zoete pap · Het zingende botje ·