Hoofdmenu openen
Eutrofiëring van oppervlaktewater kan (blauw)algenbloei of een uitbraak van botulisme veroorzaken.

Eutrofiëring (van het Griekse eutrophia, dat goede voeding betekent) is de vergroting van de voedselrijkdom in met name water.

In de ecologie en de limnologie wordt hiermee het verschijnsel aangeduid dat door toevoer van een overmaat aan voedingsstoffen een sterke groei en vermeerdering van bepaalde soorten optreedt, waarbij meestal de soortenrijkheid of biodiversiteit sterk afneemt.

Inhoud

MeststoffenBewerken

Eutrofiëring treedt bijvoorbeeld op in zoet water waar door uitspoeling veel meststoffen in terechtkomen, met name stikstof (ook als stikstofdepositie in de vorm van ammoniak en stikstofoxides) en fosfaat afkomstig van mest en kunstmest uit de agrarische industrie. Het resultaat is een sterke algenbloei. Dit kan opgemerkt worden aan donkere wateren die daarnaast ook behoorlijk stinken. Eutrofiëring kan leiden tot hypoxie, een tekort aan zuurstof in water.

Het uitspoelen van meststoffen kan worden verminderd door bufferstroken aan te leggen tussen waterlopen en landbouwgrond. Door gebieden met onder andere rietkragen in te richten die als helofytenfilter kunnen fungeren, zullen veel meststoffen aan het milieu onttrokken kunnen worden en kan de natuurwaarde van de betrokken wateren toenemen. Met de aanleg van bufferstroken kunnen hoge kosten gemoeid zijn.

Nitraten en fosfaten zijn dus nutriënten voor intensieve algengroei. Deze fungeren als een van de verontreinigende stoffen (kwaliteitsparameters) bij waterverontreiniging en -zuivering.

RioleringBewerken

Eutrofiëring kan ook optreden wanneer afvalwater ongezuiverd of onvoldoende gezuiverd wordt geloosd op oppervlaktewater. De oplossing zal dan gevonden moeten worden in reductie van de productie van afvalwater en in afvalwaterzuivering of het verbeteren hiervan.

KlimaatveranderingBewerken

Volgens het rapport Kwaliteit voor later uit 2008 van het Planbureau voor de Leefomgeving van de Nederlandse Rijksoverheid neemt het risico van eutrofiëring toe met de klimaatverandering.[1] Een ander gevolg van eutrofiëring is het terugvallen van het gehalte aan thiamine in het zeemilieu (fytoplankton), en dit kan gevolgen hebben in de voedselketen: een thiaminegebrek kan bij zeevogels en zoutwatervissen leiden tot sterk verhoogde sterfte, niet alleen van broedsel, maar ook van volwassen dieren.[2]

Externe linkBewerken