Ergonomie

Ergonomie is de wetenschappelijke studie van de mens in relatie tot zijn omgeving. Dit kan een product, ruimte of werkplek zijn. De ergomonie wordt steeds meer human factors genoemd. Ergonomie zit vervat in ons dagelijks leven, maar is vooral bekend in arbeidssituaties. Het is afgeleid van de Griekse woorden ergon, werk, en nomos, wet, en moet ervoor zorgen dat de veiligheid en gezondheid van de werknemers verzekerd wordt. Bij het ontwerpen van consumentengoederen en interieurs speelt vooral comfort en het doeltreffend functioneren een rol.

Variabelen bij werkplekontwerp, een onderwerp van ergonomisch onderzoek.

DefinitiesBewerken

Human Factors NL, voorheen de Nederlandse Vereniging voor Ergonomie,[1] hanteert de volgende definitie voor ergonomie:

  • Ergonomie streeft naar het zodanig ontwerpen van gebruiksvoorwerpen, technische systemen en taken dat de veiligheid, de gezondheid, het comfort en het doeltreffend functioneren van mensen wordt bevorderd.

De vereniging in België voor ergonomie heet Belgian Ergonomics Society. De International Ergonomics Association[2] formuleerde in augustus 2000 de IEA volgende definitie:[3]

  • Ergonomie is de wetenschappelijke discipline die zich bezighoudt met het begrijpen van de interactie tussen de mens en andere elementen van een systeem. Het is het beroep dat de theorie, principes, gegevens en methodes toepast om zo te ontwerpen dat het menselijk welzijn en de globale prestatie van het systeem geoptimaliseerd wordt.

De ergonoom draagt bij tot het zodanig ontwerpen en evalueren van taken, jobs, producten, ruimtes en systemen dat ze tegemoetkomen aan de noden, mogelijkheden en beperkingen van mensen.

Verder worden nog drie specialisatiedomeinen afgebakend:

  • Fysieke ergonomie bestudeert de menselijke anatomie, antropometrie, fysiologie en biomechanica in relatie tot de fysieke activiteit. Relevante onderwerpen zijn de werkhouding, het manueel hanteren van lasten, zich herhalende bewegingen, werk gerelateerde gezondheidsklachten, werkplekinrichting, veiligheid en gezondheid.
  • Cognitieve ergonomie bestudeert de mentale processen zoals perceptie, geheugen, denken en motorische reacties in de interactie tussen mens en systeem. Relevante onderwerpen zijn de mentale werkbelasting, beslissen, mens-computerinteractie, menselijke betrouwbaarheid, stress en training.
  • Organisatie-ergonomie focust op het optimaliseren van sociotechnische systemen zoals organisatiestructuren en –processen. Onderwerpen zijn communicatie, ontwerpen van werkplekken en –tijden, teamwork, participatieve ergonomie, telewerken en kwaliteitszorg.

VoorbeeldenBewerken

Fysieke ergonomieBewerken

 
Fysieke ergonomie: Een heftafel brengt de motorfiets op werkhoogte

Auto’s, huizen, moedertafels en stoelen,… heel de wereld is op maat van de (gemiddelde) mens gebouwd. Deuren vereisen niet te veel kracht om te worden geopend, winkelkarren verlichten het dragen van boodschappen, een lange borstelsteel maakt, voor mensen van gemiddelde lengte, bukken overbodig en fietsen hebben verschillende maten zodat extreme houdingen worden vermeden. In arbeidssituaties wordt vooral aandacht besteed aan een correct zithouding achter de computer, het heffen, tillen, trekken en duwen van lasten en aangepaste handgereedschappen om afwijkende handposities te vermijden.

Cognitieve ergonomieBewerken

Men moet informatie zoals de uren van bussen het liefst zo snel mogelijk kunnen vinden. Het is voor alle geschreven tekst belangrijk, dat die gemakkelijk te lezen en te schrijven is. Technologische producten zoals een mobiele telefoon krijgen steeds meer functies die dan in een menustructuur te vinden zijn. Belangrijk is dan ook dat gebruikers deze mogelijkheden kennen, begrijpen en eenvoudig kunnen gebruiken zonder te veel hulp van de handleiding. Op het werk moet eentonig werk worden vermeden, maar te veel informatie tegelijk eveneens. De mens zal moeten ingrijpen wanneer een computergestuurd proces fout loopt. De technologie wordt steeds ingewikkelder en de mens hoeft steeds minder in te grijpen, maar raakt daardoor ook minder getraind.

Organisatie-ergonomieBewerken

Een keuken is zo ingericht dat koken en afwassen vlot kunnen verlopen en de opbergruimte binnen handbereik is. De achterliggende gedachte in arbeidssituaties is een goede werksfeer te creëren, die voor tevreden en productieve mensen zorgt. Factoren uit de omgeving kunnen dus ook heel erg meespelen. Factoren, zoals de verlichting tot de temperatuur en luchtvochtigheid kunnen ook een beslissende rol spelen in de efficiëntie van een organisatie. Bij verlichting is het belangrijk om op te letten dat de lampen niet voor een zweem op de beeldschermen zorgt, maar te weinig licht is ook weer vermoeiend.[4] Het betrekken van de werknemers bij het ontwerpen of aanpassen van een nieuwe werkpost resulteert in betere oplossingen en een juiste afwisseling van shiften bij ploegendienst heeft invloed op het sociale leven en welbevinden van de werknemers.

PraktijkBewerken

Ergonomie is een multidisciplinaire opleiding. Een ergonoom moet zowel, technisch, economisch, psychologisch en organisatorisch zijn getraind.

De Welzijnswet voorziet in België in een specifiek domein voor ergonomie. Ergonomen zijn zo vooral werkzaam in een preventiedienst. Deze wordt intern in het bedrijf georganiseerd en uitbesteed aan een externe dienst. Voor een preventieadviseur ergonomie in een Externe Dienst voor Preventie en Bescherming op het Werk gelden strikte regels. Zo is momenteel een universitaire opleiding, vijf jaar ervaring, een multidisciplinaire basisvorming en een specialisatiemodule ergonomie vereist. Ergonomie studeren kan aan de Hogeschool-Universiteit Brussel of aan de interuniversitaire opleiding in Wallonië.

De ergonomie vindt in Nederland zijn weerslag in verschillende wet- en regelgeving. Er is de Arbeidsomstandighedenwet, waarin bij wijze van kaderwetgeving diverse Europese richtlijnen zijn verwerkt. Voor ergonomische vraagstukken wordt veelal beroep gedaan op ergonomische adviesbureaus of consulenten. De ergonomie is vergeleken met België meer op industriële vormgeving gericht. Onderzoek vindt veelal plaats aan bijvoorbeeld de TU Delft en de TU Eindhoven.

WebsitesBewerken