Dwerg (mens)

Dwerg is een informele aanduiding voor iemand die (veel) korter is dan gemiddeld.

Een man met dwerggroei, veroorzaakt door achondroplasie

Hoewel de term dwerggroei een neutrale medische term is, wordt het woord dwerg doorgaans als beledigend beschouwd, evenals lilliputter.[1][2] Een neutrale term om personen met dwerggroei te omschrijven is kleine mensen.

DwerggroeiBewerken

Onder de term dwerggroei staan meer dan 200 medische aandoeningen bekend die een oorzaak kunnen zijn voor een korte gestalte,[3] waaronder achondroplasie (met een gemiddelde eindlengte van 1,31 m. bij mannen en 1,24 m. bij vrouwen[4] en primordiale dwerggroei.

De meest voorkomende vorm van dwerggroei is achondroplasie. Dit is de oorzaak van dwerggroei bij ca. 70% van kleine mensen. Naast achondroplasie zijn er nog andere vormen van dwerggroei. Een hiervan is primordiale dwerggroei, die zich onderscheidt van achondroplasie door de relatief correcte verhoudingen van ledematen in vergelijking met de rest van het lichaam.

LilliputterBewerken

Een lilliputter is een bewoner van het fictieve eiland Lilliput uit Gullivers reizen (1726) van de Ierse schrijver Jonathan Swift, waar uitsluitend zeer kleine mensen wonen. In 1727, een jaar na de eerste Engelse uitgave, verscheen al een Nederlandse vertaling. Swifts roman was eeuwenlang erg populair en werd in veel talen uitgebracht.[5] In Engeland, Nederland en in diverse andere landen zorgde het boek ervoor dat het woord lilliputter ingeburgerd raakte als synoniem voor klein mens.

VerledenBewerken

In het verleden hadden veel edellieden een dwerg als nar of gezelschap. Zo was Antoine Payen een hofdwerg van de aartshertogen Albrecht en Isabella. Koningin Maria-Theresia van Spanje had een zestal dwergen als gezelschap.

Zeer kleine mensen traden vroeger geregeld op in variététheaters. Bij sommige evenementen werden tot ver in de twintigste eeuw wel wedstrijden dwergwerpen georganiseerd waarbij met een kortgebouwde persoon gegooid werd. In 2002 bepaalde het Mensenrechtencomité van de Verenigde Naties inzake de kwestie van de Franse dwerg Manuel Wackenheim, die al sinds 1991 een juridische strijd had gevoerd tegen het feit dat verboden op dwergwerpen hem belemmerden in het uitoefenen van zijn beroep maar daarin steeds in het ongelijk was gesteld,[6][7] dat het verbod van de Franse staat op dwergwerpen niet discriminatoir was.[8][9]

Kleine mensen in de mythologie en de kunstBewerken

 
De dwerg van Cosimo de Medici vereeuwigd in de Boboli-tuinen
 
De Duitse keizerin en Adolph Menzel in 1908

In veel mythen en oude verhalen - en moderne varianten daarop, bijvoorbeeld in de fictie van Tolkien en Terry Pratchett - spelen vaak dwergen een rol. Bij deze karakters is vaak de kleine en robuuste gestalte van achondroplasie herkenbaar. In de film worden voor speciale effecten vaak acteurs met achondroplasie ingezet, met name in sprookjes en fantasy-films (bv. Willow, Sjakie en de chocoladefabriek, Time Bandits). Ook krijgen ze vaak rollen omwille van het komisch effect, bijvoorbeeld in Austin Powers. In het door Arthur Japin geschreven boek 'De grote wereld' wordt het leven van een klein mens aan het begin van de 20e eeuw beschreven.

 
Vaudeville-artiesten 'Robinson en Grant' in 1907

Beelden van dwergen waren al in de Romeinse tijd geliefd. De Romeinen beeldden dwergen af met overdreven grote geslachtsorganen. In gekuiste vorm komen beelden van dwergen in de renaissance weer terug in het repertoire van de tuinbeelden. Een van de oudste exemplaren is in de Boboli-tuinen in Florence te vinden. In Duitsland vinden we portretten van dwergen terug in de Residentie van Würzburg, waar burgers, leveranciers en niet-adellijke personen aan het hof zoals muzikanten, als dwergen zijn afgebeeld, en Salzburg. De feodale en absolute heersers vermaakten zich met het beeld van hun machteloze onderdanen als dwerg. De Salzburgse tuinbeelden staan model voor de latere tuindwergen van de 19e-eeuwse burgerlijke cultuur. Pas in de 20e eeuw gingen alle tuindwergjes en tuinkabouters op Disney-figuurtjes lijken.

In 2006 schreef de Nederlandse auteur Arthur Japin als boekenweekgeschenk de novelle De grote wereld over de lotgevallen van kleine mensen die in Lilliputia als levende attracties te bezichtigen waren.

Externe linkBewerken

  Zie de categorie dwerggroei van Wikimedia Commons voor mediabestanden over dit onderwerp.