Hoofdmenu openen

ConocoPhillips

bedrijf uit Verenigde Staten van Amerika

ConocoPhillips is een Amerikaans olieconcern. Het hoofdkantoor bevindt zich in Houston in Texas.

ConocoPhillips Company
Het gebouw van ConocoPhillips in Anchorage in Alaska.
Het gebouw van ConocoPhillips in Anchorage in Alaska.
Beurs NYSE: COP
Oprichting 30 augustus 2002
Oprichter(s) Conoco + Phillips Petroleum Company
Sleutelfiguren Ryan Lance (CEO, voorzitter)
Hoofdkantoor Houston
Vlag van Verenigde Staten Verenigde Staten
Werknemers 11.400 (jaareinde 2017)[1]
Producten Aardolie, aardgas
Industrie Energie
Omzet US$ 29,1 miljard (2017)[1]
Winst US$ -0,8 miljard (2017)[1]
Marktkapitalisatie US$ 79 miljard (8 mei 2018)
Website www.conocophillips.com
Portaal  Portaalicoon   Economie

ConocoPhillips ontstond in 2002 uit de fusie van twee Amerikaanse oliebedrijven: Conoco en Phillips Petroleum Company. Het bedrijf wordt tot 's werelds grote zes 'Supermajor'-maatschappijen gerekend en is het op twee na grootste oliebedrijf van de Verenigde staten, na ExxonMobil en Chevron.

Inhoud

ActiviteitenBewerken

Het bedrijf is vooral actief met de winning van olie en aardgas. De Verenigde Staten, inclusief Alaska, is het meest belangrijk, hier wordt iets minder dan de helft van de totale productie uit de grond gehaald. Verder heeft het activiteiten in 16 andere landen.[1]

In 2017 produceerde het 1,4 miljoen vaten BOE per dag.[1] Het aandeel van Europa, met belangen in Noorwegen en het Verenigd Koninkrijk lag rond de 15%. In de Noordzee heeft het bedrijf onder meer een belang in het Ekofiskveld. ConocoPhillips telt wereldwijd 11.400 werknemers.[1]

GeschiedenisBewerken

ConocoPhillips ontstond op 30 augustus 2002 uit de fusie van twee Amerikaanse oliebedrijven: Conoco en Phillips Petroleum Company.

Eind 2005 doet ConocoPhillips een bod ter waarde van US$ 35,6 miljard op de Amerikaanse gasproducent Burlington Resources.[2] Het was na de overname van Texaco door Chevron in 2001 de grootste overname in de sector.[2] De combinatie wordt de op een na grootste aardgasproducent in Noord-Amerika na British Petroleum.

In september 2004 had ConocoPhillips een aandelenbelang gekocht van 7,6% in het Russische LUKoil voor US$ 2 miljard met heeft dit later verhoogd tot 20%.[2] Medio 2010 maakte ConocoPhillips een strategische heroriëntatie bekend. Een van de onderdelen van dit programma was de verkoop van het aandelenbelang van 20% in LUKoil.[3] Circa 40% van deze aandelen werd gekocht door LUKoil zelf voor een bedrag van US$ 3,4 miljard. De laatste aandelen in LUKoil zijn in 2011 verkocht.

Afstoten downstreamactiviteitenBewerken

Bij de fusie in 2002 had het negentien raffinaderijen, waarvan twaalf in de VS, met een capaciteit van 2,9 miljoen vaten per dag, wat het tot de op vier na grootste raffineerder ter wereld maakt. In 2009 besloot ConocoPhillips activa met een totale waarde van US$ 10 miljard te verkopen om de schuldenlast te reduceren. In mei 2012 werd dit afgerond toen Phillips 66 werd afgesplitst.[4] Dit onderdeel komt daarmee los te staan van ConocoPhillips en wordt een onafhankelijke Amerikaanse producent van motorbrandstoffen en chemicaliën. De raffinaderijen van Phillips 66 hebben een capaciteit van 460.000 vaten olie per dag.[4] Een dag eerder verkocht de maatschappij de raffinaderij in Trainer, Pennsylvania, aan Delta Air Lines. Deze kan 185.000 vaten per dag verwerken en Delta betaalde hiervoor ongeveer US$ 150 miljoen.[4] In Europa heeft ConocoPhillips zich ook teruggetrokken door JET te verkopen aan LUKoil. Alleen de winning van olie en gas bleef over.

VenezuelaBewerken

In 2007 heeft Venezuela twee oliebelangen van CononoPhillips genationaliseerd.[5] Het bedrijf ging tegen het besluit in beroep bij de Internationale Kamer van Koophandel. In april 2018 kwam deze met een finale uitspraak en veroordeelde het land tot een schadevergoeding van US$ 2 miljard.[5] Het land kampt met grote financiële problemen en het is onzeker op welke wijze Venezuela dit gaat betalen. Begin mei 2018 liet ConocoPhillips beslag leggen op de Venezolaanse oliefaciliteiten op Curaçao, Bonaire en Sint-Eustatius. Deze faciliteiten zijn belangrijk voor PDVSA, hier wordt een kwart van de olie met een exportbestemming opgeslagen en verwerkt.[6]