Hoofdmenu openen

Concedo nulli, soms afgekort als Cedo nulli alsook Nulli cedo, is een Latijnse uitdrukking dat letterlijk "ik wijk voor niemand" betekent. De uitdrukking is vooral bekend geworden als de lijfspreuk van Desiderius Erasmus die de uitdrukking interpreteerde als een continue herinnering dat iedereen ooit zal moeten sterven.

Inhoud

InspiratiebronBewerken

Erasmus was geïnspireerd door een antiek juweel dat hij ontving van de Schotse aartsbisschop Alexander Stewart, een van zijn leerlingen. Het juweel bevat een weergave van de Romeinse god Terminus welke grenzen en einden bewaakt. Een mythe stelt dat Terminus niet wilde wijken voor de god Jupiter op het Capitool. Daarom werd de Terminus afgebeeld met de woorden Concedo Nulli.

Erasmus verwerkte het juweel en de bijbehorende spreuk Cedo Nuli in een zegel voor het tekenen van zijn brieven. Later liet hij door Quinten Metsys een speciale penning maken, die hij verspreidt onder zijn vrienden. Deze is hier rechts afgebeeld.

Kritiek en verdedigingBewerken

De lijfspreuk werd door Erasmus' vijanden gezien als teken van arrogantie, ze zagen de lijfspreuk als uitspraak van Erasmus zelf.

Erasmus verdedigt zich echter in zijn brief epistola apologetica de Termini sui inscriptione concedo nulli met de argumentatie dat de spreuk als uitspraak van de god Terminus moet worden gelezen en vanuit de christelijke visie moet worden geïnterpreteerd: als een continue herinnering dat iedereen ooit zal moeten sterven. Hiermee is de uitdrukking een variant op de, in de tijd van Eramus, veel gebruikte uitdrukking Memento mori ('gedenk te sterven').

Hedendaags gebruikBewerken

Zie ookBewerken