Hoofdmenu openen

Box 2

Box 2 van de Nederlandse inkomstenbelasting

In de Nederlandse Wet inkomstenbelasting 2001 is box 2 een categorie inkomen: het inkomen uit aanmerkelijk belang.

Als een belastingplichtige meer dan 5% van het geplaatste kapitaal aandelen heeft in een vennootschap, dan spreekt men over een aanmerkelijk belang.

Het inkomen uit aanmerkelijk belang is het gezamenlijke bedrag van:

  1. Reguliere voordelen, dat wil zeggen dividenden.
  2. Vervreemdingswinsten, dat wil zeggen de voordelen die een aanmerkelijkbelanghouder geniet als de aandelen uit zijn vermogen over gaan in dat van een andere. Voorbeelden van een vervreemding zijn: verkoop, ruil en schenking van aandelen maar ook het niet mee doen aan een kapitaalverhoging kan tot een vervreemding leiden. In de latere jurisprudentie is het accent meer komen te liggen op het verschuiven van winstreserves dan op de overdragen van de aandelen.

verminderd met het daarvoor in aanmerking komende deel van de persoonsgebonden aftrek. Voor zover de persoonsgebonden aftrek het inkomen uit werk en woning en het belastbaar inkomen uit sparen en beleggen van het kalenderjaar niet vermindert, vermindert de aftrek het inkomen uit aanmerkelijk belang van het jaar, maar niet verder dan tot nihil. Het inkomen uit aanmerkelijk belang kan wel negatief zijn, maar het wordt dus niet negatief of sterker negatief door de persoonsgebonden aftrek.

Belastingplichtigen die zelf geen aanmerkelijk belang hebben, vallen ook onder het aanmerkelijk belang indien een bloed- of aanverwant in de rechte lijn of de partner een aanmerkelijk belang hebben.

Het tarief is 25% (artikel 2.12 Wet Inkomstenbelasting 2001). In 2014 gold eenmalig een verlaagd tarief van 22% over de eerste € 250.000. Een knelpunt bij het benutten van deze stimulans om dividend uit te keren was soms dat bij de bepaling van het dividend dat kan worden uitgekeerd, bij een pensioen in eigen beheer rekening gehouden moet worden met strenge en ingewikkelde regels voor de waardering van de pensioenverplichtingen van de BV.

Bij een negatief inkomen (verlies) uit aanmerkelijk belang is het tarief € 0. Het verlies kan onder voorwaarden verrekend worden met een positief inkomen in box 2 van een ander jaar, en soms ook met positief inkomen in een andere box.

De Commissie Van Dijkhuizen heeft voorgesteld aan het belaste inkomen in box 2 toe te voegen een forfaitair rendement over de betreffende bezittingen.

GeschiedenisBewerken

Van 1997 t/m 2000 (dus voordat er een expliciet boxenstelsel was) was er al een bijzonder tarief voor inkomen uit aanmerkelijk belang. Dit systeem is vrijwel ongewijzigd overgenomen in box 2.[1]

ToekomstBewerken

Het concept-wetsvoorstel Wijziging van de Wet inkomstenbelasting 2001 en de Invorderingswet 1990 (Wet excessief lenen bij eigen vennootschap) beoogt het excessief lenen van de eigen vennootschap (een schuld hebben van meer dan € 500.000) door aanmerkelijkbelanghouders te gaan ontmoedigen door het meerdere eenmalig als inkomen in box 2 te belasten.[2]

Met ingang van 2020 wordt het tarief in box 2 met 1,25%-punt verhoogd naar 26,25% en met ingang van 2021 wordt het tarief met 0,65%-punt verder verhoogd naar 26,9%.

Zie ookBewerken