Hoofdmenu openen

Botho VIII van Stolberg-Wernigerode

politicus
Geplaatst:
05-08-2019
Genomineerd: verbetering nodig   Verbetering gevraagd!

Ten minste een van de mensen die meewerken aan Wikipedia vindt dat deze pagina in deze vorm niet binnen de Wikipedia-encyclopedie past.

De pagina is daarom aangedragen op de beoordelingslijst. Daar is mogelijk ook een meer gedetailleerde reden voor de beoordelingsnominatie te vinden.

Help mee dit artikel te verbeteren, zodat het voldoet aan de conventies van Wikipedia.

Na plaatsing op de beoordelingslijst blijft dit artikel minstens twee weken staan, zodat eventuele bezwaren ingebracht kunnen worden. Als u het artikel zodanig kunt verbeteren dat daarmee de redenen voor verwijdering komen te vervallen, aarzel dan vooral niet om het te verbeteren. Vergeet niet om dit op de genoemde lijst te vermelden. Indien u van mening bent dat het artikel dusdanig is verbeterd en aangepast dat het wel binnen Wikipedia past, vraag dan op de lijst (of aan de nominator) of dit sjabloon verwijderd mag worden.

NB: deze melding dient te blijven staan tot de beoordelingsdiscussie afgesloten is.
Algemene informatie is te vinden op Wat Wikipedia niet is en de uitleg bij "te beoordelen pagina's".

(//)

Botho VIII van Stolberg-Wernigerode

Botho VIII van Stolberg-Wernigerode (Stolberg im Harz, 4 januari 1467 - aldaar, 12 juni 1538) was van 1511 tot aan zijn dood graaf van Stolberg en Hohnstein en heer van Graafschap Wernigerode.

LevensloopBewerken

Botho VIII was zoon van Hendrik IX, graaf van Stolberg, en Margaretha van Mansfeld, dochter van graaf Wolrad van Mansfeld. Hij had een tweelingbroer Hendrik de Jongere. Hij bracht een deel van zijn jeugd door in het zuiden van Duitsland, waar hij opgevoed werd aan het hof van graaf en later hertog Everhard II van Württemberg. Na jaren ridderdienst te hebben vervuld, reisde Botho van april 1493 tot februari 1494 naar Jeruzalem.

Hij gold als een bekwame diplomaat. In 1491 en 1492 vereiste de financiële situatie van Stolberg een buitengewone hervorming van de administratie, waarbij de verantwoordelijkheid voor de financiën van het graafschap werd overgedragen aan een penningmeester en beslist werd dat de administratie voortaan geleid werd door opgeleide ambtenaren. Omdat hij een heel bekwaam bestuurder en onderhandelaar was, was hij in dienst van de keizer van het Heilige Roomse Rijk en verschillende andere vorsten; soms slechts voor korte tijd, soms werden hem verschillende functies en opdrachten gegeven. Zijn eerste werknemer was hertog George van Saksen, die hij diende als kapitein in Coburg. George gaf hem verschillende opdrachten die in zijn positie als vazal ongewoon waren. Zo wordt Botho bijvoorbeeld naar verschillende Rijksdagen gestuurd.

Zijn historische betekenis ligt vooral in zijn relatie met de hoogste prelaat van het Heilige Roomse Rijk: kardinaal Albrecht van Brandenburg, aartsbisschop van Maagdenburg en Mainz. Van 1515 tot aan zijn dood vervulde hij voor de kardinaal verschillende opdrachten en ook vertegenwoordigde hij hem in de bisdommen Maagdenburg en Halberstadt. Wanneer Botho geconfronteerd werd met de Reformatie, nam hij een milde en verzoenende houding aan. Botho genoot het onvoorwaardelijke vertrouwen van de kardinaal. In 1524 vroeg hij echter met aandrang om uit zijn functies te worden ontheven. Zijn graafschap en familie leden namelijk onder zijn langdurige afwezigheid. Vanaf dan gaf hij enkel nog advies aan de kardinaal.

Botho trad eveneens op als raadgever van keizers Maximiliaan I en Karel V. In 1521 vroeg Karel V hem om lid van de Rijksregiment te worden, maar hij weigerde het aanbod.

Huwelijk en nakomelingenBewerken

Op 24 augustus 1500 trouwde Botho met Anna van Eppstein-Königstein. Uit dit huwelijk werden de volgende kinderen geboren:

Externe linkBewerken