Hoofdmenu openen

In de muziek bedoelt men met de term bezetting/instrumentarium de aantallen en de types muziekinstrumenten die meespelen.

Een kamerorkest heeft bijvoorbeeld en veel kleinere bezetting dan een symfonieorkest, maar ook tussen symfonieorkesten bestaan grote verschillen in bezetting. Veel klassieke muziek vereist een speciale bezetting: zo schrijft Hector Berlioz voor zijn Symphonie fantastique een bezetting met vier harpen voor.

In een modern symfonieorkest met een normale bezetting vindt men:

CodeBewerken

De benodigde bezetting van een symfonieorkest voor een muziekstuk wordt vaak aangeduid met een code, bijvoorbeeld 3222 4231 pk slg hrp str. Hiermee wordt aangeduid hoeveel blazers van welke soort er zijn en welke overige instrumenten. De blazers staan altijd in de volgorde fluit - hobo - klarinet - fagot - hoorn - trompet - trombone - tuba. In het voorbeeld wordt dus een symfonieorkest bedoeld met drie fluiten, 2 hobo's, 2 klarinetten, 2 fagotten, 4 hoorns, 2 trompetten, 3 trombones, een tuba, pauken, overig slagwerk, harp en strijkers. Met bijvoorbeeld 2(1)2(1)22 2200 wordt bedoeld dat er naast twee fluiten ook een piccolo en naast de twee hobo's ook een althobo meespeelt.

KamermuziekBewerken

Naast het muziekensemble bestaan er nog bezettingen voor kleinere groepen muzikanten, bijvoorbeeld: