Hoofdmenu openen

Bernard Sarrette

Frans musicoloog (1765-1858)
Bernard Sarrette

Bernard Sarrette (Bordeaux, 27 november 1765Parijs, 11 april 1858) was een Frans militair en muziekpedagoog.

LevensloopBewerken

Sarrette kwam als boekhouder van Bordeaux naar Parijs en werd tijdens de Franse Revolutie lid van de Nationale Garde. Als kapitein van de Nationale Garde vormde hij op 14 juli 1789 met 45 muzikanten een militair muziekkorps dat de basis werd voor het Corps de musique de la Garde Nationale voor de muzikale begeleiding van civiele festivals en demonstraties. Een dergelijk harmonieorkest was de logische keuze voor de muzikale openlucht-festiviteiten.

In mei 1790 vergrootte het stadsbestuur van Parijs deze formatie tot 78 muzikanten. Voor de begeleiding van de grote revolutie-feesten werd dit korps nog versterkt, zo dat er voor bepaalde feesten een reuzenformatie ontstond: 10 dwarsfluiten, 30 klarinetten, 18 fagotten, 4 trompetten, 2 tubae curvae (nabootsing van Romeinse gebogen trompetten), 2 buccines (trombone met drakenkop), bastrombones, 12 hoorns, 3 trombones, 8 serpenten, 10 slagwerkers, grote en kleine trommen, landsknechtstrommen, pauken, bekkens, triangel[1]. Tot 300 trommelaars konden bijgevoegd worden voor bijzonder prestigieuze feestelijkheden.

Op 9 juni 1792 richtte Sarrette, met toestemming van het stadsbestuur, voor een betere opleiding van muzikanten de École gratuite de Musique de la Gard Nationale Parisienne op. Sarrette maakte François-Joseph Gossec tot artistiek directeur van deze school. Honderdtwintig studenten, meestal zonen van de leden van de Nationale Garde met een leeftijd tussen 10 en 20 jaar kregen vrije muziekopleiding en instructies voor blaasinstrumenten van de leden van het muziekkorps. In november 1793 werd de naam veranderd in Institut National de Musique. Nadat de door François-Joseph Gossec in 1784 opgerichte École Royale de Chant gesloten was, werd dit instituut bij decreet van 3 augustus 1795 tot Conservatoire de Musique gevormd. Sarrette was van 1800-1815 directeur van dit conservatorium.

BibliografieBewerken

  • Sabine Henze-Döhring, Heinz Becker: Giacomo Meyerbeer, Briefwechsel und Tagebücher Band 7, Walter de Gruyter GmbH & Co., Berlin, 2004, S. 675, ISBN 3-11018030-8
  • Jean Mongrédien: La Musique en France des Lumières au Romantisme (1789-1830), Flammarion, Paris, 1986, ISBN 2080646516
  • Martial Leroux: Histories musicales des Hauts-de-Seine, 1993, 490 p.
  • Edmond Cardoze: Musique et musiciens en Aquitaine, in: Musiciens d'autrefois et musiciens d'aujourd'hui, Bordeaux: Auberon, 1992, 446 p.
  • Wolfgang Suppan, Armin Suppan: Das Neue Lexikon des Blasmusikwesens, 4. Auflage, Freiburg-Tiengen, Blasmusikverlag Schulz GmbH, 1994, ISBN 3-923058-07-1
  • Kristine Klopfenstein Fletcher: The Paris Conservatory and the contest for solo bassoon, Bloomington, Indiana: Indiana University Press, 1987, 142 p.
  • David Whitwell: Band music of the French revolution, Tutzing: Hans Schneider Verlag, 1979, 212 p., ISBN 3-79520276-0
  • Sigfrid Strand: Militarmusikern i svenskt musikliv, Stockholm: Sohlmans Förlag AB, 1974. 135 p., ISBN 978-9171980298
  • Kenneth Walter Berger: Band encyclopedia, Kent, Ohio: Band Associates, 1960, 604 p.
  • Robert Eitner: Biographisch-bibliographisches Quellen-Lexikon der Musiker und Musikgelehrten Christlicher Zeitrechnung bis Mitte des neunzehnten Jahrhunderts, Graz: Akademische Druck- u. Verlaganstalt, 1959
  • Joaquín Pena, Higinio Anglés, Miguel Querol Gavalda: Diccionario de la Música LABOR, Barcelona: Editorial Labor, 1954, 2V, 2318P.
  • Gösta Morin, Carl-Allan Moberg, Einar Sundström: Sohlman's musiklexikon : nordiskt och allmant upplagsverk for tonkonst, musikliv och dans, Stockholm: Sohlmans Förlag AB, 1951-
  • Theodore Baker: Baker's biographical dictionary of musicians, Fourth edition revised and enlarged, New York: G. Schirmer, 1940
  • Carlo Schmidl: Dizionario universale dei musicisti, Milan: Sonzogno, 1937, 2V p.
  • Paul Frank, Wilhelm Altmann: Kurzgefasstes Tonkünstler Lexikon : für Musiker und Freunde der Musik, Regensburg: Gustave Bosse, 1936, 730 p.
  • Tobias Norlind: Allmänt musiklexikon, Stockholm: Wahlström & Widstrand, 1927-28, 2V p.
  • Constant Pierre: Le Conservatoire National de musique et de declamation - Documents historique et administratifs, Paris: Imprimerie Nationale, 1900
  • François-Joseph Fétis: Biographie universelle des musiciens ..., Paris: 1881-89, 8 vols. Supplement et complement. 2 vols.
  • M. Lassabathie: Histoire du Conservatoire imperial de musique et de declamation - Suivie de documents recueilles et mis en ordre, in: Enseignement et administration : personel par ordre alphabetique de 1795 a 1859, Paris: Michel Levy Freres, 1860, 572 p.

ReferentiesBewerken