Hoofdmenu openen

Associatie van borstelbies en moerasmuur

De associatie van borstelbies en moerasmuur (Isolepido-Stellarietum uliginosae) is een associatie van het dwergbiezen-verbond, een plantengemeenschap kenmerkend voor door de mens beïnvloede, vochtige standplaatsen, vooral bestaande uit eenjarige pionierssoorten, maar met een in verhouding groot aandeel van overblijvende planten.

Associatie van borstelbies en moerasmuur
Associatie van borstelbies en moerasmuur met zomprus
Associatie van borstelbies en moerasmuur met zomprus
Syntaxonomische indeling
Klasse:Isoeto-Nanojuncetea (Dwergbiezen-klasse)
Orde:Nanocyperetalia
Verbond:Nanocyperion (Dwergbiezen-verbond)
Associatie
Isolepido-Stellarietum uliginosae
(Koch) Moor., 1936

Inhoud

Naamgeving, etymologie en coderingBewerken

  • Synoniem: Isolepido setaceae-Stellarietum uliginosae (Koch 1926) Moor. 1936
  • Frans: Végétation amphibie des dépressions et des ornières des chemins forestiers
  • Syntaxoncode (Nederland): 28Aa2
  • Natura 2000 code: 3130-5
  • Corine biotope : 22.32

De naam Isolepido-Stellarietum uliginosae is afgeleid van de wetenschappelijke namen van twee veel voorkomende soorten binnen de associatie, de kensoort borstelbies (Isolepis setacea) en de moerasmuur (Stellaria uliginosa).

KenmerkenBewerken

AlgemeenBewerken

Deze plantengemeenschap kenmerkend voor open, vochtige, halfnatuurlijke tot kunstmatige standplaatsen, zoals oevers van sloten, veedrinkpoelen, bospaden, regelmatig overstroomde en zandige oevers en zandbanken van laaglandbeken.

De gemeenschap kan wel wat schaduw verdragen, meer dan de andere associaties binnen het verbond. Ze vraagt een arme tot matig voedselrijke bodem.

StructuurBewerken

Vegetaties van de associatie van borstelbies en moerasmuur worden gekenmerkt door een zeer open, laagblijvende vegetatie met volledige afwezigheid van de boom- en de struiklaag.

In de kruidlaag zijn laagblijvende, eenjarige planten (therofyten) als de moerasdroogbloem bepalend, maar in tegenstelling tot de andere associaties van het verbond is er naar verhouding een hoog aandeel van overblijvende planten.

De moslaag is beperkt in belang en in soortendiversiteit, met overwegend kortlevende mossen met een korte levenscyclus.

SoortensamenstellingBewerken

De associatie heeft in België en Nederland slechts borstelbies als (dominante) kensoort, en mogelijk de twee mossen rood knikmos en vals kortsteeltje. Ze onderscheidt zich van de andere associaties binnen het verbond door de aanwezigheid van moerasmuur, pinksterbloem en waterpeper. Verder komen er een aantal soorten voor van natte standplaatsen, zoals zomprus, getande weegbree, moeraswalstro en pitrus, en van vochtige graslanden (geknikte vossenstaart en moerasrolklaver).

De belangrijkste ken- en begeleidende soorten zijn:

Boomlaag 
Geen soorten
Struiklaag 
Geen soorten.
Kruidlaag 
 
Borstelbies
 
Liggend hertshooi
 
Waterpostelein
Kensoort Diff.soort Abundantie Nederlandse naam Wetenschappelijke naam Opmerking
kA D Borstelbies Isolepis setacea
kV O Liggend hertshooi Hypericum humifusum
kV O Waterpostelein Lythrum portula
kV Z Dwergbloem Centunculus minimus
kV Z Dwergvlas Radiola linoides
kO A Moerasdroogbloem Gnaphalium uliginosum
kK A Greppelrus Juncus bufonius
A Kruipende boterbloem Ranunculus repens
A Zomprus Juncus articulatus
A Liggende vetmuur Sagina procumbens
F Witte klaver Trifolium repens
dA F Moerasmuur Stellaria uliginosa
F Gestreepte witbol Holcus lanatus
dA O Waterpeper Persicaria hydropiper
dA O Pinksterbloem Cardamine pratensis
Moslaag 
 
Gewoon broedpeermos
 
Beekstaartjesmos
Kensoort Diff.soort Abundantie Nederlandse naam Wetenschappelijke naam Opmerking
kA O Rood knikmos Bryum pallens
kA O Vals kortsteeltje Pseudephemerum nitidum
kV O Gewoon broedpeermos Pohlia annotina
kV Z Flesjesmos Blasia pusilla
kV Z Bolletjespeermos Pohlia bulbifera
dA O Beekstaartjesmos Philonotus fontana

Verspreiding en voorkomenBewerken

De associatie van borstelbies en moerasmuur heeft een verspreidingsgebied van atlantisch- tot Midden-Europa, oostelijk tot Kroatië en Bohemen, noordelijk tot Zuid-Zweden.

In Nederland is deze associatie vrij zeldzaam en beperkt tot de Pleistocene districten (Drents, Gelders, Kempens, Subcentreuroop en Vlaams district) en hier en daar in het kustgebied.