De Arkprijs van het Vrije Woord is een symbolische prijs die mensen bekroont die zich actief inzetten voor de vrijheid van denken.[1] De Arkprijs wordt elk jaar uitgereikt op de vooravond van Hemelvaartsdag in de Antwerpse galerie De Zwarte Panter.[2] Er is geen geldbedrag aan verbonden, maar de namen van de laureaten worden gegrift in de Ark, een kunstwerk dat wordt bewaard in het Letterenhuis in Antwerpen.[3]

Arkprijs van het Vrije Woord
Uitgereikt door Arkcomité van het Vrije Woord
Land Vlag van België België
Locatie De Zwarte Panter, Antwerpen
Eerst uitgereikt 1951
Officiële website
Portaal  Portaalicoon   Mens & maatschappij

GeschiedenisBewerken

In 1951 werd de Arkprijs in het leven werd geroepen door Herman Teirlinck en de redactie van het Nieuw Vlaams Tijdschrift (NVT) om te verhinderen dat ideologische bekrompenheid de vrijheid van meningsuiting en denken zou inperken.[4] Concrete aanleiding was het toekennen van de Prijs voor Letterkunde van de Provincie Antwerpen aan Marnix Gijsen voor zijn roman Het boek van Joachim van Babylon. Dit boek stond op de index en priester Joris Baers tekende protest aan omdat het "de grondslagen van de morele gaafheid aantast". Het provinciebestuur volgde zijn oordeel en Gijsen kreeg de prijs niet.[5] De prijs was van meet af aan een morele erkenning voor een zoeker naar waarheid, vrijheid en eerlijkheid.

In 1982 werd in de aanloop naar het opdoeken van het NVT de stichting Arkcomité van het Vrije Woord opgericht om de prijs veilig te stellen. De stichtende leden waren Willy Calewaert, Walter Debrock, Lukas De Vos (in 1981 aangetrokken als NVT-redactiesecretaris), Marc Galle, Henri-Floris Jespers, Herman Liebaers, Karel Van Miert en Eddy van Vliet.[6] Het Arkcomité werd achtereenvolgens voorgezeten door Walter Debrock, Michel Oukhow, Raymond Detrez, Lukas De Vos en Josef Asselbergh.

In 2000 bood het Arkcomité in de publicatie Een onberaamd verbond een overzicht geboden van de afgelopen 50 jaar en neemt zich in de inleiding voor om De Taak van August Vermeylen voort te zetten: 'Een geboeide waarheid erkennen wij niet. Een vrij man is onze vriend.' De prijs werd lang als antiklerikaal gezien, maar in 2015 verklaarde Lukas De Vos dat de prijs vooral "een dwarsligger bekroont, een eigenzinnig mens, een consequent voorvechter van een open en kritiseerbaar debat."[7]

LaureatenBewerken