Barkas (schip)
De barkas was van oorsprong een sloep. Het was de grootste aan boord, en vaak was er maar één van die maat. Grote, vierkant getuigde schepen, zoals linieschepen, hadden meestal 4 sloepen waarvan de grootste de Barkas heette, de volgende diende om de kapitein van en naar boord te brengen en heette dan ook : Kapiteinssloep en was meestal bewapend met een klein stuk boordgeschut. De volgende in grootte heette Labberlot en de kleinste Jol De sloepen aan boord van deze grote schepen werden vaak "genest", dwz. ze pasten in elkaar en werden als stapel van 2 op het dek gestuwd: de Labberlot in de Barkas en de Jol in de Kapiteinssloep. Omdat de Barkas de grootste sloep was, werd hij speciaal gebruikt voor het vervoer van- en naar de wal van groot en zwaar materiaal ( zoals kanonnen, water- en biervaten) en soms voor het uitbrengen van een anker naar een speciale plaats. Afmetingen varieren rond de 9 meter lengte en meer. Al deze sloepen konden geroeid en gezeild worden, de tuigage is vaak een emmerzeil maar dat hoeft niet.
Moderne barkassen zijn populair in de recreatievaart, gemotoriseerd en vaak met een kleine kajuit.
|
Geplaatst op:
26-01-2009 |
Dit artikel is een beginnetje over verkeer & vervoer. U wordt uitgenodigd op bewerken te klikken om uw kennis aan dit artikel toe te voegen. |